Welke plek neem ik in binnen het lichaam van Christus?

Maarten Boersema | 11 juli 2015
  • Trefpunt

Landelijke samensprekingen zijn goed, maar de lokale gemeente is uiteindelijk de plek waar het gebeurt, zei predikant Jasper Klapwijk in de vorige editie van Trefpunt. Met het oog op die opmerking nu een gesprek met straatpastor Gerard Vrooland. ‘We moeten in de kerk leren hoe we op lokaal niveau, in onze eigen straat, tot zegen kunnen zijn.’

'We moeten in de kerk leren hoe we op lokaal niveau, in onze eigen straat, tot zegen kunnen zijn', zegt Gerard Vrooland (beeld www.pand33.nl)

‘We moeten in de kerk leren hoe we op lokaal niveau, in onze eigen straat, tot zegen kunnen zijn’, zegt Gerard Vrooland (beeld www.pand33.nl)

Gerard Vrooland was fulltime gemeentepredikant in de NGK, maar heeft er in 2009 voor gekozen om zich volledig in te zetten voor het straatpastoraat. Hij werkt nu voor KopS (Kerk op Straat). Dat is een organisatie die mensen opzoekt die wel wat met Jezus hebben, maar zich niet thuisvoelen in bestaande kerkelijke vormen.

Stammen

‘Welke plek neem ik in binnen het lichaam van Christus?’ Het is een vraag die Vrooland meerdere keren ter sprake brengt. Het zou volgens hem een sturende vraag moeten zijn als het over samenwerken en samensprekingen gaat.

Tegenwoordig weten veel christenen maar moeilijk antwoord op deze vraag te geven, vindt Vrooland. Dat was vroeger anders. ‘Vroeger leefden gereformeerden in Nederland veelal in een zuil, die opgebouwd was vanuit het oudtestamentische gedachtegoed: het geheiligde volk moest beschermd worden tegen de boze wereld van de heidenen. In dit systeem werden de synode en de universiteit als een soort hoofdkwartier ervaren. De kerkenraad legde de verbinding tussen het hoofdkwartier en de plaatselijke stam. In deze stammen had ieder zijn eigen plek. Men ging naar christelijke verenigingen (scholen, bijbelclubs, sportclubs) en had daar een christelijke inbreng.’

Antwoord op de vraag naar jouw plek binnen het lichaam was volgens Vrooland dan ook makkelijk te geven. ‘Je was een goede verdediger in de christelijke voetbalclub en bezocht de christelijke jeugdvereniging waar jij je bijdrage had.’

Van die zuil is weinig over en dat zorgt volgens Vrooland voor de moeite die christenen dikwijls hebben om hun plek binnen het lichaam te duiden. ‘De zuil is gelukkig verdwenen, maar nu vecht de kerk om te beantwoorden aan de nieuwtestamentische roeping: gaat heen en maakt alle volken tot mijn leerlingen.’

Het probleem is volgens hem het feit dat de structuren nog niet aangepast zijn aan deze nieuwe situatie. ‘Mensen herkennen zich niet in wat op vergaderingen wordt besproken en besloten en ook de eredienst en de preek missen geregeld de aansluiting bij het leven van alledag.’

Coachen

In Vroolands optiek zijn samenwerking en samensprekingen van waarde wanneer ze mensen brengen tot persoonlijk discipelschap. Iets wat ook geldt voor de eredienst. ‘Nu ervaren christenen de eredienst nog te vaak als toeschouwers bij een voetbalwedstrijd. Ze kijken, luisteren, fluiten of juichen mee met het publiek. Maar ze moeten getraind worden om zelf de geloofssport te beoefenen.’

‘Mensen herkennen zich niet in wat op vergaderingen wordt besproken en besloten’

Vrooland voert een hartstochtelijk pleidooi voor het samengaan van woord en daad. ‘Predikanten moeten bijvoorbeeld minder op de preekstoel staan en meer bezig zijn met het coachen van gemeenteleden, zodat ze discipelen worden.’

Op deze manier zullen mensen hun plek in het lichaam weer herkennen en kan invulling worden gegeven aan de nieuwtestamentische roeping van de kerk. ‘We moeten in de kerk leren hoe we op lokaal niveau, in onze eigen straat, tot zegen kunnen zijn en daarin moeten we elkaar helpen. Naast leerling, moeten we ook leraren voor elkaar zijn.’

Werkveld

Voor Vrooland speelt daarnaast nog een ander belangrijk aspect mee. ‘Het kerkbegrip zou breder opgevat moeten worden. De kerk bestaat uit iedereen die van de Heer is.’ Hij bedoelt hiermee dat de kerk niet bestaat uit het aantal leden dat geregistreerd staat, maar uit allen die zich naar de Heer bewegen. Nu of later. ‘Binnen het lichaam van Christus bestaat een groot werkveld. Heel veel daarvan wordt niet ontwikkeld. Laten we vooral onze plek daarin ontdekken en daar heel het lichaam tot steun zijn.’

Over de auteur
Maarten Boersema

Maarten Boersema is als predikant verbonden aan de NGK Leiden-Herengrachtkerk en hoofdredacteur van bijbelstudiemagazine WegWijs. Onze hoofdredacteur Louren Blijdorp is columnist voor WegWijs. Want we zijn samen onderweg ook als bladen.

Meest gelezen

Kerknieuws mei 2026

Kerknieuws mei 2026

Redactie
  • Kerknieuws

Kerknieuws van mei 2026 in Magazine Onderweg. Het beroep dat de gemeente van Langerak op ds. Gert Meijer uitgebracht heeft, heeft hij aangenomen. Ds. Meijer stond sinds 2017 in de NGK Zuidlaren-Kandelaarkerk. De NGK Zwolle-Plantagekerk, een gemeente met ruim 1.000 leden, heeft een beroep gedaan op ds. Reinier Kramer (46 jaar). Kramer is momenteel als enige actieve gemeentepredikant verbonden aan de ruim 1.200 leden tellende samenwerkingsgemeente CGK-NGK Deventer. Hij is sinds 2,5 jaar werkzaam in Deventer. Kramer was eerder vier jaar verbonden aan Spakenburg-Zuid en vijf jaar aan Bergentheim-De Hoeksteen. De Plantagekerk is vacant sinds het vertrek van ds. Jos Douma in 2025.

Lees artikel
Predikantsprofiel: Koos Jonker

Predikantsprofiel: Koos Jonker

Marinus de Jong
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

‘Het predikantschap is voor mij geen baan, het is een roeping.’ Zijn roeping loopt als een rode draad door het gesprek met ds. Koos Jonker. Hij is predikant in hart en nieren. Maar die roeping kwam niet vanzelf. Zijn Zuid-Afrikaanse accent verraadt meteen dat die weg op zijn minst één landsgrens overging. Meer dan eens ging dat als bij Mozes en Jeremia: tegen zijn eigen wil. Deze roeping geeft diepe vreugde, soms veel plezier, maar kost ook wat, zo blijkt.

Lees artikel
Genesis 3 is een profetische vertelling

Genesis 3 is een profetische vertelling

Ulbe van der Meer
  • Opinie

Honderd jaar geleden sprak de synode van de Gereformeerde Kerken uit dat het spreken van de slang in Eden een zintuigelijk waarneembaar feit was. Ds. Jan Geelkerken zag dat anders en werd uit zijn ambt gezet. Aan dit ‘jubileum’ is tot nu toe slechts een podcast (Dick en Daniel geloven het wel #238) gewijd en een paar verhalen uit de oude doos in het Nederlands Dagblad. Moeten we ervan uitgaan dat het vandaag niet meer zo van belang is hoe je deze tekst leest?

Lees artikel
Het geheim van de kerk

Het geheim van de kerk

Cors Visser
  • Boekbespreking

Het was de ondertitel die me naar dit boek deed grijpen: herontdekken wat de kerk is. Na het omslaan van de laatste bladzijde was er een lichte teleurstelling. Dit boek gaat niet in de eerste plaats over de kerk. Maar naast teleurstelling was er ook een aangename verrassing: Wright werpt nieuw licht op Handelingen en ja, ook een beetje op de kerk. Wat de Britse nieuwtestamenticus doet, is de lezer in iets meer dan 200 bladzijden meenemen door heel Handelingen. Elk hoofdstuk behandelt drie of vier hoofdstukken, met uitzondering van Handelingen 1 en Handelingen 17 – die krijgen beide een eigen hoofdstuk. Door deze aanpak zit er vaart in het boek en komen de kwaliteiten van Wright naar voren: grote lijnen trekken en vergelijkingen maken met andere Bijbelboeken en verhalen. Voor mensen die Tom Wright doorgaans wijdlopig en ongestructureerd vinden – zoals ikzelf – is dit boek een stuk prettiger leesbaar. Een aantal hoofdthema's uit eerder werk komt voorbij: de nadruk op de opstanding van Jezus, het koninkrijk van God en de ontmoeting van hemel en aarde. Via Handelingen valt daar weer nieuw licht op.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief