De schepping zet ons op onze plaats

Embert Messelink | 6 augustus 2016
  • Wandelen met God

Elk jaar na de zomervakantie spreken we met elkaar over onze vakantie-ervaringen. Vaak komt dan het volgende zinnetje terug, bijvoorbeeld als mensen in de Alpen hebben gewandeld of andere indrukwekkende landschappen hebben verkend: ‘Je merkt weer hoe nietig we als mensen zijn.’ We hebben zulke ervaringen nodig om onze plek in de schepping te kennen.

In de Bijbel ontdekt Job ook zijn eigen kleinheid in de natuur. Aan het einde van het Bijbelboek maakt Job aan Gods hand een lange rondreis door de wildernis. Hij ziet de meest wonderlijke dieren. Dieren die voor mensen geen enkel nut hebben en die de meest eigenaardige levens leiden. Ze bestaan voor God. God heeft plezier in die dieren, speelt met hen en ontfermt zich over hen.

In Job 38:25-27 vraagt God:

Wie groef een bedding voor de stromende regens,
wie effende een pad voor de rollende donder,
om regen neer te gieten zelfs op een land zonder mensen,
op een woestijn waar niemand woont,
om wildernis en woestijn te drenken,
en zelfs daar fris groen te laten ontkiemen?

Gods vragen benadrukken de absurditeit van het idee dat de schepping om de mens draait. God heeft deze aarde niet alleen voor mensen gemaakt. Hij zorgt ook voor plekken en schepselen waar wij niet direct profijt van hebben, tot aan woestijnen toe. De aarde is er allereerst voor Hem.

Therapeutisch

De reis gaat langs leeuw en raaf, berggeit en oerrund, arend en struisvogel, zelfs de sterrenstelsels komen voorbij. En op de één of andere manier verstommen Jobs vragen over het lijden. Het is een confronterende en therapeutische reis. Eerder heeft hij God op het matje geroepen: waarom overkwam hem al dat lijden? Hij heeft zijn geboortedag vervloekt. Maar in de confrontatie met Gods ongelooflijke schepping ontdekt hij dat hij met al zijn vragen niet in het centrum van de wereld staat.

Van zijn reis door de wildernis gaat een heilzame relativerende werking uit. God staat centraal, niet Job. Heel die aarde en al die dieren zijn er voor God. Job raakt opnieuw onder de indruk van Gods grootheid en ontdekt zijn eigen kleinheid. ‘Ik ben onaanzienlijk. Wat zal ik U antwoorden? Ik leg mijn hand op mijn mond.’

Mooi dat wij nu diezelfde ervaring kunnen hebben als we op vakantie gaan! Ik heb dat als mens ook hard nodig. Ik loop het risico mijzelf te groot te maken en in het centrum van mijn leven te zetten. Ook ecologisch gezien heeft dat gevolgen: als ik mezelf te groot maak, belast ik de aarde onevenredig. Ik eigen me te veel toe en leef ten koste van mijn medeschepselen. Terwijl ik geloof dat we geroepen zijn om juist goed voor de aarde en alle schepselen te zorgen.

Gods grootheid

In de confrontatie met Gods grootse schepping kan ik er niet onderuit: eeuw in eeuw uit houdt Hij alles in stand, terwijl ik een voorbijganger ben. Ik ben kostbaar in Gods ogen, zeker! Maar niet het centrum van de wereld. Dat is Hijzelf. Heel de schepping maakt Hem groot, of ik er nu bij sta om ervan te genieten of niet.

Ik kan veel redenen opnoemen waarom de zorg voor Gods schepping ongelooflijk belangrijk is. Dit is er één van: wijzelf hebben die veelkleurige schepping nodig omdat we daar – in de natuur – onze plaats leren kennen. Als we in de natuur Gods grootheid zien, laten we het wel uit ons hoofd om Hem op het matje te roepen. Onze plaats in Gods wereld kennen, dat betekent dat we weten hoe klein we zijn, hoe incompleet onze kennis is, hoe groot God is en hoe fantastisch en bijzonder al zijn schepselen zijn.

Mede op basis van een blog van Dave Bookless: ‘Job – humbled and healed by nature’ (zie blog.arocha.org/en/job-humbled-and-healed-by-nature).

Over de auteur
Embert Messelink

Embert Messelink is zelfstandig tekstschrijver.

Meest gelezen

Behulpzaam advies over omgang met groeiende diversiteit in NGK

Behulpzaam advies over omgang met groeiende diversiteit in NGK

Louren Blijdorp
  • Kerkelijk leven
  • Ruimte en richting

In de eerste aflevering van deze rubriek is aan vier intensief betrokken NGK-predikanten gevraagd hoe de synodebesluiten bij henzelf en in hun gemeente zijn gevallen. Daaruit bleekt dat er grote verschillen tussen gemeentes ontstaan. In de tweede aflevering is aan drie hoofdrolspelers ter synode toelichting gevraagd op keuzes en besluiten. In deze derde aflevering vragen we aan René de Reuver, voormalig scriba van de Protestantse Kerk in Nederland hoe hij ontwikkelingen in de NGK ziet en wat hij ons zou willen meegeven.

Lees artikel
Predikantsprofiel: Koos Jonker

Predikantsprofiel: Koos Jonker

Marinus de Jong
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

‘Het predikantschap is voor mij geen baan, het is een roeping.’ Zijn roeping loopt als een rode draad door het gesprek met ds. Koos Jonker. Hij is predikant in hart en nieren. Maar die roeping kwam niet vanzelf. Zijn Zuid-Afrikaanse accent verraadt meteen dat die weg op zijn minst één landsgrens overging. Meer dan eens ging dat als bij Mozes en Jeremia: tegen zijn eigen wil. Deze roeping geeft diepe vreugde, soms veel plezier, maar kost ook wat, zo blijkt.

Lees artikel
Kerknieuws mei 2026

Kerknieuws mei 2026

Redactie
  • Kerknieuws

Kerknieuws van mei 2026 in Magazine Onderweg. Het beroep dat de gemeente van Langerak op ds. Gert Meijer uitgebracht heeft, heeft hij aangenomen. Ds. Meijer stond sinds 2017 in de NGK Zuidlaren-Kandelaarkerk. De NGK Zwolle-Plantagekerk, een gemeente met ruim 1.000 leden, heeft een beroep gedaan op ds. Reinier Kramer (46 jaar). Kramer is momenteel als enige actieve gemeentepredikant verbonden aan de ruim 1.200 leden tellende samenwerkingsgemeente CGK-NGK Deventer. Hij is sinds 2,5 jaar werkzaam in Deventer. Kramer was eerder vier jaar verbonden aan Spakenburg-Zuid en vijf jaar aan Bergentheim-De Hoeksteen. De Plantagekerk is vacant sinds het vertrek van ds. Jos Douma in 2025.

Lees artikel
Als schaduwen over de wereld vallen

Als schaduwen over de wereld vallen

Louren Blijdorp
  • Verdieping

De tijden zijn somber en ernstig. Oorlogen zijn niet meer ver weg en de wankelende wereldorde geeft een sluimerende onzekerheid. Ook in het nog altijd ongekend welvarende en vredige westen van Europa knaagt het: trollenlegers, hackers, mysterieuze drones dringen ons continent binnen. Het leidt tot groeiend onbehagen, polarisatie, bedreiging van de rechtstaat. En dan klopt ook nog de klimaatcrisis onverbiddelijk aan. Die nog veel existentiëlere dreiging die de randvoorwaarden van ons bestaan zelf bedreigt wordt haast vergeten. Maar ook die slapende reus morrelt aan de bedrieglijke rust van Noordwest-Europa.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief