Kuyper de kerkkraker

Bob Wielenga | 1 december 2020
  • Blog

Onlangs kwam het magazine Bram uit. Het is gewijd aan het veelkleurige leven en het diepgravende werk van Abraham Kuyper (1837-1920), theoloog, journalist, politicus, staatsman, maar ook reiziger en alpinist, die urenlang door de Zwitserse bergen wandelde en voor wie geen berg te hoog was. Onder leiding van Kuyper-specialist George Harinck stelde een bekwaam team van journalisten dit magazine samen om zijn honderdste sterfdag te gedenken (uitgave de Vuurbaak 2020). Kuyper-kenners, maar ook ‘kleine luyden’ uit zijn achterban laten zien hoe deze bekende Nederlander uit vervlogen tijden nog altijd actueel is.

BramEr zijn twee uitgaven van het magazine, met verschillende omslagen. De één toont een bekende cartoon van hem als verguisd politicus, gehaat door zijn tegenstanders. De ander laat een schilderij van hem zien als staatsman, bejubeld door zijn achterban. Je was voor of tegen hem, een derde weg was er niet.

Ik ben Kuyperloos opgegroeid, terwijl ik toch helemaal met zijn denk- en leefwereld vergroeid ben. Daarvan heeft Bram me wel overtuigd. Mijn eigen traditie (NGKv) heb er ik beter door leren begrijpen.

De man die een kerk kraakte

Aan het begin van de twintigste eeuw introduceerde Kuyper uit Amerika een stemmachine om het stemmen met rood potlood te vervangen. Vandaag weten we wat een ellende die stemmachines in Amerika veroorzaken, met eindeloze hertellingen met de hand als gevolg. Gelukkig dat Kuypers initiatief het destijds niet haalde. We stemmen nog altijd met potlood. Zal Covid-19 in 2021 hieraan een einde maken?

Van Kuyper is de bekende uitspraak dat ‘het boetekleed een man niet ontsiert’, toen hij als politicus moest toegeven dat hij fout zat met het versieren van een koninklijke onderscheiding voor iemand die zijn partijkas (ARP) had gespekt. Vandaag denken we aan de ‘toeslagenaffaire’ en vertrouwen we niemand die ervoor een boetekleed zegt aan te trekken.

In het buitenland was hij een bekende figuur; de boulevardpers viel hem daar meer dan eens lastig. Op doktersadvies deed hij bloot lichamelijke oefeningen op zijn hotelkamer in Brussel, met de gordijnen open. De fotografie was al voldoende ontwikkeld om een afstandfoto te kunnen schieten. De publicatie ervan deed de geruchtenmolen op volle toeren draaien. De boulevardpers is er intussen niet beter op geworden.

Ten slotte: Kuyper de kerkkraker. In 1886 kraakte hij een jaar lang de Nieuwe Kerk in Amsterdam, via de consistoriedeur die hij openzaagde. Hij probeerde het conflict met de Hervormde Kerk over de zijns inziens veel te vrijzinnige koers te forceren. Nooit geweten dat Kuyper de eerste kraker in Nederland was, en tot vandaag de enige kerkkraker. Strijdvaardige mensen, de gereformeerden, nog altijd!

De man die de kerk scheurde

Mijn vader noemde zich trots ‘een afgescheiden dominee’. Hij was van de Afscheiding (1834) en moest van de Doleantie (1886) niet veel hebben, de door Kuyper georganiseerde breuk met de hervormde staatskerk van die dagen. Hij had niet veel met Kuyper op; zijn neerzien op de Theologische School in Kampen zat hem nog altijd dwars. Waren de Synodalen trouwens geen Kuyperianen?! Geen goed woord voor Kuyper bij ons thuis!

Toch voel ik me niet thuis bij de kritiek van Gertjan Seegers en Beatrice de Graaf op de Doleantie. Beiden zijn van hervormde huize en hebben weinig met de ‘splijtzwammerigheid’ van de gereformeerden. Goed, daar kan ik inkomen.

Anders ligt het met De Graafs verwijt dat Kuyper de volkskerk buitenspel gezet heeft. Bij de volkskerk denk ik aan de leus ‘heel de kerk voor heel het volk’ – niet minder dan de kerstening van de samenleving werd voorgestaan. Verraadt dit geen heimwee naar het theocratische ideaal, dat vanaf Bijbelse tijden al mislukte en vaak uiterst conservatief was? Zo hoort een kerk niet in de samenleving te functioneren en zeker vandaag niet! Het is beter om met Kuyper te onderscheiden tussen kerk als instituut en als organisme, ieder met zijn eigen roeping in de samenleving.

De man die vrouwen op hun plaats hield

Ik sla Kuypers beroemde samenlevingsfilosofie over de soevereiniteit in eigen kring over om aandacht te vragen voor zijn visie op vrouwen. Jannetje Koelewijn constateerde terecht dat de ‘kleine luyden’ die Kuyper emancipeerde voor hun roeping in kerk, staat en maatschappij uitsluitend mannen waren. Kuyperianen waren mannen: autoritair en overtuigd van hun eigen gelijk als bezitters van de waarheid (de gereformeerde beginselen). Vrouwen hoorden thuis in het gezin om voor man en kinderen te zorgen, al vervulden Kuypers ongetrouwde dochters maatschappelijke functies. Eén van hen was verpleegster. Het doet me denken aan het vroegere Zuid-Afrika: vrouwen (zwarte en witte) konden verpleegster of onderwijzeres worden, andere banen waren in hun patriarchale samenleving ‘slegs vir manne’.

In een meditatie (daar was hij goed in!) uit 1898 schreef Kuyper dat vrouwen dieper zinken dan mannen ooit kunnen als zij aan hun hoge roeping ontzinken. Die hoge roeping lag thuis! Een opmerking van mijn moeder schoot me te binnen: ja, Eva zondigde, maar Adam stond erbij en keek ernaar. Wie was er nu dieper gezonken?

Tegelijk schreef hij empathisch over het bittere lijden van vrouwen, waarmee hij van huis uit vertrouwd was. Een zoontje overleed op jonge leeftijd. Maar Kuypers wereld was een mannenwereld, waaruit mijn generatie gereformeerden nog maar kort geëmancipeerd is.

Wie zijn eigen traditie (NGKv) wil begrijpen, moet dit magazine lezen. Een ‘must’ voor de ‘kleine luyden’ van vandaag.

Over de auteur
Bob Wielenga

Ds. Bob Wielenga is emeritus predikant van de NGK Kampen en woonachtig in Zuid-Afrika.

Meest gelezen

Genesis 3 is een profetische vertelling

Genesis 3 is een profetische vertelling

Ulbe van der Meer
  • Opinie

Honderd jaar geleden sprak de synode van de Gereformeerde Kerken uit dat het spreken van de slang in Eden een zintuigelijk waarneembaar feit was. Ds. Jan Geelkerken zag dat anders en werd uit zijn ambt gezet. Aan dit ‘jubileum’ is tot nu toe slechts een podcast (Dick en Daniel geloven het wel #238) gewijd en een paar verhalen uit de oude doos in het Nederlands Dagblad. Moeten we ervan uitgaan dat het vandaag niet meer zo van belang is hoe je deze tekst leest?

Lees artikel
Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Koert van Bekkum
  • Verdieping

Verwijst het begin van Genesis naar dingen die zijn gebeurd? Of spreken de hoofdstukken vooral over ons menselijk bestaan als zodanig, en over hoe God redt? Het laatste natuurlijk, aldus ds. Ulbe van der Meer afgelopen mei in dit blad. Laten we het profetisch-symbolische karakter van het paradijsverhaal omarmen. Dan zijn we af van ingewikkelde discussies over historiciteit, leren mensen hoe mooi en krachtig de Bijbel spreekt, en werpen we geen onnodige drempels op voor jongeren en buitenstaanders. 

Lees artikel
Het geheim van de kerk

Het geheim van de kerk

Cors Visser
  • Boekbespreking

Het was de ondertitel die me naar dit boek deed grijpen: herontdekken wat de kerk is. Na het omslaan van de laatste bladzijde was er een lichte teleurstelling. Dit boek gaat niet in de eerste plaats over de kerk. Maar naast teleurstelling was er ook een aangename verrassing: Wright werpt nieuw licht op Handelingen en ja, ook een beetje op de kerk. Wat de Britse nieuwtestamenticus doet, is de lezer in iets meer dan 200 bladzijden meenemen door heel Handelingen. Elk hoofdstuk behandelt drie of vier hoofdstukken, met uitzondering van Handelingen 1 en Handelingen 17 – die krijgen beide een eigen hoofdstuk. Door deze aanpak zit er vaart in het boek en komen de kwaliteiten van Wright naar voren: grote lijnen trekken en vergelijkingen maken met andere Bijbelboeken en verhalen. Voor mensen die Tom Wright doorgaans wijdlopig en ongestructureerd vinden – zoals ikzelf – is dit boek een stuk prettiger leesbaar. Een aantal hoofdthema's uit eerder werk komt voorbij: de nadruk op de opstanding van Jezus, het koninkrijk van God en de ontmoeting van hemel en aarde. Via Handelingen valt daar weer nieuw licht op.

Lees artikel
Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Redactie
  • Redactioneel

Er is alle reden om binnen de Nederlandse Gereformeerde Kerken van gedachten te wisselen over hoe je het begin van Genesis leest en welke plek de zondeval daarin inneemt. Reina Wiskerke besprak in haar column het opinieartikel van dominee Ulbe van der Meer over Genesis 3 (ND 6 juni, link). Ze vroeg zich daarin af waarom Onderweg, maandblad voor de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK), zijn opvatting ‘dropt’ bij de lezers, zonder reflectie op de noodzakelijkheid, reikwijdte en consequentie van zijn opvatting.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief