Charisma, macht en iemand tegenover je
- Wisselrubriek
Denk je eens een predikant in die inmiddels al langere tijd in het ambt staat. Hij weet de mensen altijd te raken met zijn preken. Hij preekt doorleefd en weet de zaken goed over te brengen. Daarnaast is hij pastoraal heel sterk. Door de jaren heen wordt hij regelmatig gevraagd voor conferenties of in het verenigingswerk. Hij krijgt daarmee steeds meer zelfstandigheid. Mensen zijn blij als deze dominee komt spreken of als hij door hun gemeente beroepen wordt. Het vertrouwen in de predikant groeit steeds meer.
De kranten stonden er begin dit jaar vol mee: een geliefde predikant die beschuldigd wordt van grensoverschrijdend gedrag. Het deed veel stof opwaaien in kerkelijk Nederland. Een van de vragen die veel gesteld werd was ‘waarom gaat het zo vaak mis bij charismatische en geliefde predikanten?’.
Voorbeeld
Elk mens heeft voorbeeldfiguren nodig. Dat begint met de baby die zijn ouders kopieert en gaat door tot in de volwassenheid. We zoeken naar mensen die te vertrouwen zijn en kijken uit naar inspirerende persoonlijkheden. Predikanten bekleden een functie waarbij ze gemakkelijk als voorbeeldfiguur worden gezien. Jeugdleiders, ouderlingen en pastoraal werkers ook. Ze worden in ons hart gesloten als heel prettige mensen, die mooie dingen kunnen doen. Ze krijgen snel het voordeel van de twijfel en worden daarmee tot bijna-goddelijke status verheven. Kijk maar eens naar een periode in je eigen leven, waarin je je kwetsbaarder voelt, dan worden voorbeeldfiguren opeens extra belangrijk.
Mensen in een machtspositie hebben altijd mensen nodig die hen corrigeren.
Het is mooi dat er voorbeeldfiguren bestaan en gelukkig nemen mensen vaak een voorbeeld aan een eigen persoon en is iedereen daarin anders. Maar in de kerk bijvoorbeeld bestaat de kans dat we allemaal tegen dezelfde persoon opkijken. Dat we allemaal tegen de predikant opkijken. En dat kan gevaarlijke vormen aannemen: we hebben de neiging deze persoon niet meer als mens met gebreken te bekijken, maar als persoon die altijd goede intenties zal hebben.
Wat is belangrijk?
Het is gemakkelijk om de verantwoordelijkheid volledig bij een charismatisch leider te leggen. Maar in werkelijkheid ligt de verantwoordelijkheid bij allebei: de leider én de gemeente. Veel kerken verlangen in hun voorganger naar een schaap met vijf poten, die overal goed in is en vooral veel resultaten boekt. Bij het beroepingsproces wordt gekeken hoeveel mensen er aan de gemeente zijn toegevoegd tijdens de periode dat de predikant in zijn vorige gemeente stond. Er wordt gekeken naar hoe enthousiast de jongeren de catechese bijwonen of hoeveel mensen er op zondag in de dienst zitten. Er wordt heel vaak weinig naar de persoon achter de predikant gekeken. En dat gaat verder dan een kennismakingsgesprek. Er wordt meestal niet gevraagd hoe het met het geestelijk leven van de predikant gesteld is, of hoe hij tijd maakt voor zijn gezin.
Hoe charismatischer een predikant is, hoe geliefder deze persoon wordt, en hoe minder hij gecontroleerd wordt.
Deze prestatiedrang in kerkelijke gemeenten is vaak de oorzaak dat predikanten ruim baan krijgen: als ze goed genoeg presteren, dan zal het wel in orde zijn. En als de gemeente hierop gericht is, zal ook de predikant zich hierop gaan richten. Het Bijbelse verhaal van de zalving van David leert ons dat God heel anders naar leiders kijkt. Samuël zoekt een nieuwe koning en ziet het mooie uiterlijk en de spierballen van Davids broers. In 1 Samuël 16:7 staat ‘Maar de Heer kijkt naar het hart’. Het hart is belangrijk, niet de prestaties en al het andere dat aan de oppervlakte zichtbaar is.
Iemand tegenover je
Mensen in een machtspositie hebben altijd mensen nodig die hen corrigeren. Ze hebben mensen nodig die hen zien als mens en die ook de mens achter de predikant of positie zien. Ze hebben een aantal mensen nodig bij wie ze volledig kwetsbaar kunnen zijn, bij wie hun fouten er mogen zijn. Toen God Adam schiep, schiep hij daarna ook Eva, waarin hij hulp kon vinden als iemand tegenover hem (Gen. 1:20). En hoewel de dynamiek van man en vrouw anders is dan de dynamiek tussen een predikant en degene die hem corrigeert, kunnen we hier wel lessen uit trekken: als mens heb je iemand nodig die tegenover je staat. Er moet iemand zijn die kan zeggen: ‘Wat jij nu doet, klopt niet.’
Wat we zien is dat hoe charismatischer een predikant is, hoe geliefder deze persoon wordt, en hoe minder hij gecontroleerd wordt. We vertrouwen deze mensen zo, dat we het niet meer nodig vinden om er iemand tegenover te plaatsen.
Het gevaar is dan dat de predikant, net als alle mensen om hem heen, gaat vertrouwen op zijn eigen gaven en talenten en dat de predikant niet meer zelf de ‘mensen tegenover hem’ zal organiseren. Het is zowel de taak van de predikant als van de gemeente om hierin te voorzien.
Verantwoordelijkheid
Als je in een machtspositie staat, heb je van God een grote verantwoordelijkheid ontvangen. Jakobus 3:1 leert ons dat leraren een strenger oordeel zullen ontvangen. Het is daarom belangrijk dat iedereen die predikant is, maar ook ouderlingen, diakenen, jeugdleiders en andere mensen die in de kerk een functie hebben heel bewust omgaan met hun functie. Macht is iets moois, het is ons door God gegeven, maar macht vraagt om beteugeling. Door de predikant zelf, maar ook door de gemeente en in het bijzonder de kerkenraad.
Durven we te vragen hoe het nu echt met de predikant gaat? Durf je als kerkenraadslid naast de predikant te gaan staan en hem te vragen hoe zijn relatie met God is? En predikant: durf je dan eerlijk te antwoorden? Durf je bij een aantal mensen de muren om je hart (die vaak door predikanten worden opgebouwd om professioneel te blijven) even af te breken?
Marianne Bronsveld is coördinator bij Meldpunt Misbruik in kerkelijke relaties.



