Focus op jongeren maakt kerken vitaal

0

Is het in deze tijd van kerkverlating en vergrijzing mogelijk om de kerk te revitaliseren en te verjongen? Ja, dat kan, al is het niet makkelijk. We zien het in Nederland op verschillende plekken gebeuren. Het Amerikaanse onderzoek en daaruit voortvloeiende boek Growing Young laat zien dat het mogelijk is door te focussen op jongeren en hun gezinnen.

Vier jaar lang deed het Fuller Youth Institute onderzoek in gemeenten die meer 15- tot 30-jarigen trekken dan gemiddeld, om zo te ontdekken wat deze gemeenten typeert (zie het kader voor meer onderzoekdetails). De onderzoekers vonden zes principes die waarschijnlijk ook in ons land toepasbaar zijn. Geen kant-en-klare succesformules, maar richtingwijzers voor gemeentebreed beleid. Interessant vanuit het perspectief van de jeugd, maar ook met het oog op gemeenteopbouw.

Uit het onderzoek blijkt dat kerken met veel jongeren gezonder en levendiger zijn dan kerken met weinig jongeren. Ze hebben minder moeite om vrijwilligers te vinden en zijn financieel gezonder. Dat komt omdat de jongeren actief zijn in allerlei facetten van het gemeente zijn en daarbij de volwassenen inspireren met hun passie en enthousiasme. Ook vernieuwen kerken met relatief veel jongeren makkelijker dan grijze kerken, waardoor ze weer nieuwe mensen aantrekken. Die nieuwe gezinnen dragen op hun beurt weer een steentje bij, zowel met tijd als met geld.

In dit artikel worden de zes principes uit Growing Young beschreven. Ik presenteer ze in een andere volgorde dan in het boek, waarbij ik begin met het punt dat de auteurs als doorslaggevend aanmerken.

1. Geef jongeren en hun gezinnen prioriteit

De bewuste keuze om bij alle aspecten van gemeente zijn rekening te houden met jongeren en hun gezinnen blijkt het meest doorslaggevend te zijn; alle volgende principes hangen hiermee samen. Het gaat hierbij niet zozeer om activiteiten, maar om een cultuur: de hele gemeente is er blij mee dat er jongeren zijn en heeft een positieve houding ten opzichte van alles wat daarvoor nodig is. De jongeren ervaren door de sfeer in de gemeente dat zij gewaardeerd worden en dat volwassenen bereid zijn om hun ruimte te geven en dingen te veranderen als de jongeren dat nodig hebben. Het betekent dat alle onderdelen van de gemeente bekeken worden met de jongeren voor ogen: Hoe ervaren jongeren de kerkdienst? Zijn jongeren in beeld bij het pastoraat? Welke rol spelen jongeren in het diaconaat en in het missionaire werk?

Als jongeren over hun twijfels en problemen kunnen praten, groeien ze in hun geloof

Dit betekent nadrukkelijk niet dat er geen oog meer is voor ouderen of singles, wel dat er gezocht wordt naar verbinding tussen mensen van verschillende generaties. Het betekent vooral dat de aandacht voor jongeren niet langer beperkt wordt tot het jeugdwerk.

Aandacht voor jongeren betekent daarbij ook aandacht voor hun ouders. Zij oefenen immers de meeste invloed uit op de jonge gemeenteleden; in hun (geloofs)opvoeding én door het vormen van een stabiel gezin. Veel van de onderzochte gemeenten helpen ouders hun huwelijk goed te houden en hun kinderen goed op te voeden.

2. Begrijp en waardeer jongeren

Als je rekening met jongeren wilt houden, is het belangrijk dat je hun belevingswereld kent, begrijpt en waardeert. Wat niet betekent dat je het in alles met hen eens moet zijn of dat je je als een jongere moet gedragen, maar wél dat je met jongeren in gesprek gaat over hun gedrag als je dat niet begrijpt. Waarom zijn jongeren altijd maar met hun telefoon bezig? Waarom vinden ze samenwonen prima? Niet voorschrijven, oordelen of onverschillig blijven, maar de dialoog aangaan. En dat niet alleen met tieners, maar ook met twintigers.

Jongeren houden het geloof van ouderen levend en ouderen voeden jongeren in hun geloof

Adolescentie begint tegenwoordig eerder en duurt langer dan vroeger. Vandaar dat Growing Young zich richtte op jongeren tot 30 jaar. Enerzijds kunnen jongeren eerder bepaalde verantwoordelijkheden aan (zie kenmerk 4), anderzijds hebben ze langer begeleiding nodig. Belangrijke keuzes, zoals voor een vaste partner, een gezin, een vaste baan en ook geloof en kerk, worden steeds later gemaakt.

De basisvragen van het leven – wie ben ik, waar hoor ik bij en welk verschil maak ik – zijn voor jongeren extra belangrijk. Door volop te participeren in de gemeente kunnen zij hier antwoorden op vinden: ‘Ik ben een geliefd kind van God, ik hoor bij een liefdevolle gemeenschap en God roept me om te werken aan zijn koninkrijk.’

3. Zet Jezus centraal

Jongeren zijn meer actief en betrokken in kerken waar Jezus centraal staat dan in kerken waar het geloof versmald wordt tot het motto: zorg voor je naasten en gedraag je goed, dan zal God voor jou zorgen. Tegelijk worden ze ook niet erg enthousiast van een verkondiging waarin het alleen gaat om geloof als ticket voor de hemel of om een driestappenplan voor verlossing. Ze willen onderdeel zijn van het grote verhaal van God en mensen.

Ze willen ook een kerk die hen uitdaagt om te leven als volgelingen van Jezus en om daarover op een open en authentieke manier met anderen in gesprek te gaan. Wie denkt dat geloof voor jongeren versimpeld moet worden, heeft het mis: jongeren willen serieus genomen en uitgedaagd worden.

De focus op zowel jongeren als Jezus en de verbinding van die twee blijken de meest essentiële kenmerken van de onderzochte gemeenten te zijn. De volgende drie aspecten zijn daar onlosmakelijk mee verbonden.

4. Geef jongeren verantwoordelijkheid

Laat de gemeente een plek zijn waar jongeren volop participeren, in plaats van consumeren. Durf hun verantwoordelijkheid te geven: in jeugdwerk, in muziek, in de diensten en op alle andere terreinen van kerk zijn. Als jongeren vertrouwen krijgen, zullen ze ervaren dat ze er écht bij horen.

Voor betrokkenheid bij een gemeente is goede gemeenschap belangrijker dan goede preken

Natuurlijk gaat het niet altijd goed – bij volwassenen overigens ook niet – daarom is het belangrijk dat je jongeren goed begeleidt bij de verantwoordelijkheden die ze krijgen: dat je hen toerust om hun taak goed te doen, hen coacht in het uitvoeren ervan, hun fouten ziet als leerervaringen, naar hen luistert, hen aanmoedigt om iets met hun talenten te doen, hen waardeert en hen bemoedigt. Leiderschap uit handen geven betekent dus eerder méér werk voor jezelf dan minder. Maar het betekent vooral een andere gerichtheid: niet op de taken, maar op de jonge ménsen.

5. Werk aan een warme gemeenschap

‘Als je vrienden vertelt over je gemeente, wat vertel je dan?’ vroegen de onderzoekers. De jongeren typeerden hun gemeenten als verwelkomend, accepterend, authentiek en gastvrij. ‘Ik voel me thuis’, werd opgemerkt, ‘ik hoor erbij’ en ‘we kijken naar elkaar om’.

Voor tieners en twintigers blijken relaties belangrijker dan activiteiten. Goede relaties met leeftijdgenoten, maar ook met mensen van andere generaties. Authenticiteit betekent dat er in die relaties ook ruimte is voor het delen van de lastige kanten van het leven, voor twijfel en ongeloof, voor falen en worstelingen. Jongeren waarderen het als ouderen ook die kanten van hun leven met hen delen. Overigens ontstaan die intergenerationele contacten niet vanzelf. Er moet hard aan gewerkt worden, bijvoorbeeld door mentorrelaties te organiseren of door samen een taak te doen (zie kenmerk 4).

Het is belangrijk dat je jongeren goed begeleidt bij de verantwoordelijkheden die ze krijgen: dat je hen toerust en coacht. (beeld amenic181/iStock)

Het is belangrijk dat je jongeren goed begeleidt bij de verantwoordelijkheden die ze krijgen: dat je hen toerust en coacht. (beeld amenic181/iStock)

6. Wees relevant voor de samenleving

Het evangelie is niet alleen verticaal (verzoening met God), maar ook horizontaal (verzoening met elkaar, elkaar dienen). Dit is een aspect dat veel jongeren erg aanspreekt: geloof bestaat niet alleen uit abstracte waarheden, maar heeft concrete gevolgen voor het dagelijkse leven.

De vraag ‘wie is mijn naaste?’ helpt jongeren om niet alleen met zichzelf bezig te zijn, en misschien juist daardoor om zichzelf te vinden. Die naaste kan dichtbij zijn en bereikt worden door diaconale en/of missionaire activiteiten in de eigen omgeving, maar de naaste kan ook ver weg zijn en bereikt worden tijdens een diaconale of missionaire reis. Door sociaal actief te zijn ontdekken jongeren wie ze zijn, wat ze kunnen én waar hun hart ligt. Ze ontdekken dat ze deel zijn van het grote geheel van Gods koninkrijk en dat helpt hen in hun ontwikkelingsvragen (zie kenmerk 2).

De onderzochte jongeren staan ook met beide benen in een samenleving die gekenmerkt wordt door diversiteit in ras, religie, geaardheid en opvattingen. Ze ervaren een kerk waar geen ruimte is voor die diversiteit als eenzijdig en soms veroordelend. Ze verlangen naar openheid en dialoog.

De oplettende lezer is het wellicht opgevallen dat in deze zes kenmerken de kerkdienst ontbreekt. Op de vraag ‘waarom ben je betrokken bij deze kerk?’ werd de kerkdienst genoemd ná de zes thema’s die te maken hebben met persoonlijke relaties en betrokkenheid. De muziek in de dienst werd vervolgens vaker genoemd dan de preek. De onderzoekers vermoeden dat dit komt doordat je voor een goede preek niet naar de kerk hoeft, die kun je ook op internet luisteren, maar voor een goede gemeenschap wél.

Nederland

Zijn de uitkomsten van dit onderzoek relevant voor de situatie in Nederland? Nederland is immers veel geseculariseerder dan Amerika en de cultuur is anders. Growing Young beveelt echter niet een bepaald kerkmodel of bepaalde werkvormen aan, maar legt principes bloot die iedereen op zijn eigen manier kan vormgeven. Ik denk zelfs dat meerdere van deze principes niet alleen gelden voor jongeren, maar ook voor een veel bredere groep mensen, wellicht juist door onze geseculariseerde context.

Wat Growing Young doet, is vooral concrete data aanleveren voor zaken die ervaren jeugdwerkers en gemeenteopbouwwerkers allang weten. Is er dan niets nieuws onder de zon? Zeker wel. Want hoeveel kerken brengen deze principes echt in de praktijk?

De principes helpen om je eigen gemeente te analyseren en om gericht te werken aan verbetering. Essentieel daarbij is om niet direct aan oplossingen te denken, maar om goed te luisteren naar de jongeren in je gemeente en hen actief te betrekken bij veranderingen. En natuurlijk om goed te luisteren naar God en te zoeken naar wat zijn wil voor de gemeente is.

Besef daarbij dat het niet gaat over een paar organisatorische wijzigingen of alleen het jeugdbeleid, maar over de cultuur van de hele gemeente. Dergelijke cultuurveranderingen kosten tijd en vragen veel wijsheid en volharding om door te gaan op de ingeslagen weg, een weg die kan leiden tot verjonging en vitalisering van de gemeente.

Is succes in de Nederlandse context gegarandeerd? Succes is nooit gegarandeerd, maar als ik naar mijn eigen gemeente in Houten kijk, zie ik veel dingen die de principes van Growing Young lijken te bevestigen (en ook nog veel wat kan verbeteren).

Ik hoop dat we de komende jaren leergemeenschappen kunnen vormen van gemeenten die hiermee gaan werken en die hun ervaringen uitwisselen, om elkaar zo te stimuleren in de verjonging en verlevendiging van de kerk.

Het onderzoek van Growing Young bestond uit een enquête onder predikanten en jeugdwerkers van 259 kerken, bijna 1.300 interviews met jongeren, ouders, kerkleiders en vrijwilligers uit 41 van deze kerken, en bezoeken met onder meer focusgroepinterviews aan 12 van deze kerken. De kerken waren verspreid over de hele Verenigde Staten en alle denominaties, van klein tot groot. Het Fuller Youth Institute onderzocht eerder het geloof van 13- tot 17-jarigen en richt zich nu op de groep daarboven, omdat dit de leeftijd blijkt te zijn waarop jongeren de kerk verlaten.

Kara Powell, Jake Mulder, Brad Griffin, Growing Young. Six Essential Strategies to Help Young People Discover and Love Your Church, Ada MI (Baker Publishing Group), 2016.

Zie ook churchesgrowingyoung.com.

Delen.

Over de auteur

Sabine van der Heijden is docent aan de opleiding theologie aan de CHE en lid van De Lichtboog (NGK) in Houten.

Reacties zijn gesloten.