Je vragen delen met je buddy

Paul Smit | 4 augustus 2018
  • Jeugdwerk

Hoe kun je eraan bijdragen dat de kerk een plek is waar jongeren zich veilig en gezien voelen? Eén van de mogelijkheden is dat je als gemeente werkt met buddy’s: volwassen gemeenteleden die met enige regelmaat contact hebben met een jongere.

Soms krijg ik de meest verrassende vragen. Zo kreeg ik een appje van een 17-jarige dame met de vraag: moet je echt alles in de Bijbel geloven om te mogen bidden? Een uurtje later zat ze bij me aan de keukentafel en stak ze gelijk van wal met de vraag of ik het zelf allemaal wel geloof, dat van Genesis en de schepping en zo.

We kennen elkaar nu zo’n twaalf jaar. Ze is bevriend met mijn kinderen, komt op verjaardagen en wij op die van haar. Al die jaren is bidden de gewoonste zaak geweest, net als je fiets op slot zetten. Ze vertelde niet wat er bij haar veranderd is waardoor ze nu met deze vraag kwam. Dat vond ik prima, want het gaat mij erom dat ze weer verder kan. Ze kwam ermee bij mij, omdat ik zoiets als haar buddy ben.

Delen

In 2015 stond in Onderweg (#7, 4 april) een artikel van Hetty Pullen, dat begon met: ‘Ik droom van een kerk waar jongeren gezien worden. Ik droom van een kerk waar jongeren hun vragen kunnen delen met mensen bij wie ze zich vertrouwd voelen. Ik droom van mooie relaties tussen jongeren en volwassenen. Relaties waarin jongeren hun geloof, twijfels, emoties en keuzes een plek kunnen geven.’

Verderop in het artikel: ‘Buddy’s zijn mensen met wie jongeren hun leven kunnen delen, waarbij er een gezonde balans is tussen afstand en nabijheid. Het kan dat jongeren in hun jeugdleiders, mentoren of catecheten zo’n buddy vinden of dat zulke relaties op een natuurlijke wijze binnen de kerk ontstaan. Maar een gemeente kan de “functie” ook expliciet een plek geven in haar beleid.’

Praktijklessen

Sinds 2015 is op verschillende plekken ervaring opgebouwd met het uitwerken van beleid voor buddy’s. Daaruit zijn onder meer de volgende praktijklessen te trekken:

1) Sommige kinderen, jeugdleiders in het kinderwerk en ouders van leeftijdsgenoten bouwen een natuurlijke relatie op, andere niet. Dat laat zich niet sturen. Wel kunnen we door voorlichting te geven volwassenen leren bewuster te communiceren met kinderen. Vooral door er voor ze te zijn en gastvrij te zijn (kinderen thuis laten komen spelen bijvoorbeeld).

2) Maak als jeugdouderling of jongerenwerker een overzicht van wie met wie contact heeft. Spreek een paar keer per jaar de jeugdleiders en de ouders aan over de contacten die ze hebben. Het werken met zo’n overzicht helpt voorkomen dat je iemand over het hoofd ziet.

Het belangrijkste is dat jongeren
gezien worden in de gemeente

3) Laat jonge tieners (groep 7 of 8) aangeven wie ze als buddy zouden willen hebben. Op deze leeftijd hebben ze al een redelijke indruk van de (jong)volwassenen die ze hebben leren kennen.

4) Bereid de volwassenen voor op hun rol als buddy. Geef toerusting in:
a. de omgangsregels met minderjarigen;
b. het gezag van ouders;
c. gespreksvaardigheden;
d. de verschillen tussen buddy’s en pastors.

5) Begeleid de volwassenen in het onderhouden van het contact met de tieners. Er zijn geen minimumeisen voor wat een buddy moet doen. Voorkom een sfeer van geforceerd contact maken. Stuur eens een kaartje met een verjaardag, ga een keer kijken bij een wedstijd of opvoering, maak een lunchafspraak, stuur een appje als je elkaar wel gezien maar niet gesproken hebt, enzovoort. Proberen aan te sluiten bij de jongere is normaal, maar blijf vooral jezelf. Houd het luchtig en gewoon.

Gezien worden

Als je in jouw gemeente een buddysysteem wilt opzetten, realiseer je dan dat zoiets tijd nodig heeft. Zowel de volwassenen (de toekomstige buddy’s) als de jongeren moeten aan het idee wennen. En zet het vooral niet te zwaar aan, waardoor jongeren en volwassenen denken dat het te moeilijk is, dat ze het niet kunnen of er nog niet ver genoeg in hun geloof voor zijn, enzovoort. Het belangrijkste is dat jongeren gezien worden in de gemeente, erkend worden in hun zijn en zorg, dat ze aandacht en liefde ervaren. Jong-zijn is altijd al lastig geweest, maar vooral in onze tijd, waarin de hele wereld in je handpalm ligt en je je ondanks alle sociale media ontzettend eenzaam kunt voelen, is het belangrijk dat de kerk een plek is waar jongeren zich veilig voelen.

Ervaringen van buddy’s en jongeren

‘Inmiddels durf ik mijn buddy alles te vertellen en vind ik het ook fijn om er met haar over te praten. Sommige dingen zijn nu eenmaal wat lastiger te vertellen aan je familie bijvoorbeeld en kan ik makkelijker vertellen aan mijn buddy.’

‘Ik denk dat het van zowel de jongere als de buddy afhangt hoe vaak en hoe diepgaand er inhoud aan wordt gegeven. Het is iets voor de lange adem. Ik zie zeker het nut van het project, maar eerst zaaien en dan oogsten.’

‘Ik heb drie of vier keer met mijn jongere gesproken. Ik laat het aan hem over wanneer hij weer samen wil komen. Hij stuurt me dan gewoon even een berichtje en dan lunchen we in een eettentje.’

‘We gaan wel kijken of we het leuk vinden om nog een keer af te spreken. Vooral niet te verplicht of te veel druk, zeg maar. We kunnen altijd appen als we zin hebben om wat af te spreken. Ik vind het fijn dat er geen richtlijnen zijn waar we ons aan “moeten” houden. Zo kunnen we er zelf invulling aan geven.’


Agenda

16-19 augustus (Vierhouten): Graceland Festival. Met prikkelende praters, intieme en meeslepende muzieksets, meditatie, grote en kleine kunst en natuurlijk goed eten en drinken. Zie www.gracelandfestival.nl.


Media/tips

LEF Navigators heeft een gratis e-book gemaakt over mentor worden: Maak verschil voor jongeren: word mentor. Het is te downloaden via www.navigators.nl/lef/mentor.

Met bijdragen van Jesca van Dijk, NGK Assen, Anko Oussoren, adviseur bij het Praktijkcentrum, en Martine Versteeg, jeugdwerkadviseur bij het NGK Jeugdwerk.

Over de auteur
Paul Smit

Paul Smit (NGK) is jeugdwerker en werkzaam bij het Nederlands Gereformeerd Jeugdwerk (NGJ).

Meest gelezen

Gods blik op migratie

Gods blik op migratie

Koert van Bekkum
  • Column

En weer was er gedoe in Ter Apel. Houdt het dan nooit op? Nee, zolang de volken woeden – elders door oorlog en uitzichtloosheid, of hier met verzet tegen asiel als electoraal verdienmodel – zijn we er niet vanaf. Gelukkig beschikken Bijbellezers in Genesis 10 over een breder perspectief op geopolitieke verschuivingen en migratie. Deze ‘volkerentafel’ vertelt over de afstammelingen van Noachs zonen, Sem, Cham en Jafet. Nu is Genesis 10 vaak gebruikt voor een nogal statisch beeld van landen en volken. God lijkt ieder volk immers een vaste plek te geven. En inderdaad biedt het geslachtsregister een soort wereldkaart. Maar de tekst doet meer, er zit beweging in.

Lees artikel
Begin van Genesis – geschiedenis?

Begin van Genesis – geschiedenis?

Mark Janssens
  • Opinie

Ik geloof dat het begin van de Bijbel fundamenteel is. Niet voor niets opent de Bijbel met deze hoofdstukken. Is het begin van de Bijbel geschiedenis in onze westerse zin verstaan? Dat is de vraag in het artikel van collega Ulbe van der Meer (‘De slang heeft niet gesproken’, Onderweg, mei 2026) en de reacties daarop in het nummer van juli 2026. Waarbij geschiedenis vooral betrekking heeft op feiten en concrete gebeurtenissen. Dan kun je aan de ene kant of aan de andere kant uitkomen, al dan niet met voorzichtigheid en nuances. 

Lees artikel
Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Predikantsprofiel: Bob Wielenga

Jan Mudde
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

De afstand tussen Bob Wielenga en mij bedraagt ongeveer 9.300 km als we met elkaar beeldbellen via de smartphone van zijn vrouw Geertje. Vanaf 1980 woont en werkt Bob namelijk in Zuid-Afrika als zendeling, predikant en theoloog – Bob is tweemaal gepromoveerd aan de Universiteit van Zuid-Afrika te Pretoria. Sinds 2002 is hij met emeritaat, maar tot voor kort schreef en publiceerde hij volop. Momenteel is hij nog als docent verbonden aan het KwaZulu-Natal Missionary and Bible College. We hebben een gesprek waarin het woord ‘afstand’ de rode draad is.

Lees artikel
De mythe van de schuldige omstander?

De mythe van de schuldige omstander?

Louren Blijdorp
  • Boekbespreking

De Breepleinkerk in Rotterdam siert de cover van het indrukwekkende boek van Geert Hovingh. In die kerk verborgen de latere Kamper ethicus dr. Gerrit Brillenburg Wurth en zijn vrouw Gerda van Leeuwen samen met kostersechtpaar Jacobus en Annigje de Mars-Ouwens, 34 maanden lang zeven joodse onderduikers. Een van hen werd geboren tijdens de onderduik, in de kosterswoning. Het is een van de bijna onuitputtelijke hoeveelheid verhalen die Hovingh op tafel heeft gelegd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief