Onze hoop is een woord en het heeft vier letters: leuk

0

De special ‘Hoop’ van OnderWeg staat vol mooie en gelovige praatjes. Maar als ik diep in mijn hart kijk, waar hoop ik dan werkelijk op? Laat de theologische vergezichten even voor wat ze zijn. Hoop ik er niet vooral op dat iets leuk is?

Waar wonen en werken goed en prettig leken bij aankomst, blijken ze in het dagelijkse leven vaak de macht over te nemen. (beeld creatarka/iStock)

Waar wonen en werken goed en prettig leken bij aankomst, blijken ze in het dagelijkse leven vaak de macht over te nemen. (beeld creatarka/iStock)

Als predikant had ik een mooie, gelovige missie toen ik in Oegstgeest begon: bidden, wonen en werken tot bloei van de stad. Ik was tevreden met deze samenvatting van wat onze gemeente te doen stond. Drie werkwoorden: bidden, wonen en werken. Wonen en werken brachten het geloof in het dagelijkse leven, bidden zorgde voor de verbinding met God. En één doel: de bloei van onze omgeving.

De missie was geïnspireerd door het boek Vreemdelingen en priesters van Stefan Paas. Het gaf ook een korte samenvatting van de brief die Jeremia aan de ballingen in Babel moest schrijven (Jeremia 29). Net als die Judese ballingen vormen de christenen in Leiden en omgeving een kleine minderheid.

‘Maar’, wierp een gemeentelid tegen, ‘de meesten van ons zijn helemaal niet voor deze missie hiernaartoe gekomen. In Amsterdam, waar ik ben opgegroeid, wisten we als christenen dat we een minderheid vormden en een missie hadden. In Den Haag, waar ik later terechtkwam, woonden we bewust in de buurt van de kerk. Maar dit keer hebben we gekeken of we een prettige plek voor ons gezin konden vinden.’ Hij voegde eraan toe: ‘Dat geldt volgens mij voor veel van onze gemeenteleden. Ze zijn niet gekomen voor de missie, maar om andere redenen.’

Zijn gelijk daalde langzaam bij mij in. Natuurlijk, ik had kunnen tegenwerpen dat de Judese ballingen ook niet voor een speciale missie naar Babel waren gekomen. Integendeel, ze wilden zo snel mogelijk terug naar Jeruzalem. Bidden, werken en wonen tot bloei van de stad van hun vijanden was wel het laatste wat in hun hoofd opkwam. En toch komt Jeremia met zijn brief. De missie hoeft dus niet vooraf in het hoofd te zitten. Daar had ik op kunnen wijzen.

En toch. Anders dan de ballingen van toen zijn mijn gemeenteleden niet ontheemd. We hebben vrijwillig gekozen voor Leiden en omgeving. Dit is een mooie plek om te wonen. Vlak bij de zee, de duinen en de bollenvelden, met een historisch centrum met grachten, een universiteit, restaurants en musea. Amsterdam en Den Haag liggen op een steenworp afstand, het vliegveld is niet ver weg. Kortom, als ik nog even terugkom op de trits bidden, wonen en werken, kan ik het beter zo formuleren: we kunnen God danken, omdat het prettig wonen en goed werken is in onze reeds bloeiende stad.

Nomadisch

Er is echter wat aan de hand in die bloeiende stad. Waar wonen en werken goed en prettig leken bij aankomst, blijken ze in het dagelijkse leven vaak de macht over te nemen. Hypotheekprijzen rijzen de pan uit, huizen zijn moeilijk te vinden en al het moois om je heen verleidt je om steeds mooier en groter te verlangen. Ook nog een sloepje erbij?

En dus hopen we –
voor bidden hebben we nauwelijks tijd

Werk vraagt alle inzet, tijd en aandacht. Starters rommelen met jaarcontracten en onbetaalde stages. Veertigers reizen door het hele land, als hun actieradius niet al over de landsgrenzen heen reikt. Alleenstaanden en gezinnen houden met moeite alle ballen in de lucht. Tieners en studenten leggen de lat steeds hoger, op school, op het sportveld, op de muziekvereniging en in hun bijbaantjes. Mede door al die druk worden vakanties – misschien ook een vorm van wonen, maar dan nomadisch – steeds frequenter, exotischer en uitbundiger.

En dus hopen we – voor bidden hebben we nauwelijks tijd. Maar we hopen, want hopen kan bij vlagen. We hopen op die eindeloze vakantie in Sri Lanka, ver weg van alle zorgen. Hopelijk zonder ruzies. Het is misschien wel de laatste keer dat alle kinderen meegaan. We hopen dat we de volgende reorganisatie zonder kleerscheuren doorkomen. We hopen op goede scores voor onze kinderen, een goede opleiding, goede vrienden. We hopen in de hectiek van alledag op wat rust in de kerkdienst. We hopen op een baan waarin we onze creativiteit of onze competenties kunnen inzetten en ontplooien. We hopen dat ons nieuwe huis op tijd klaar is. We hopen dat we in een weekend én langs het sportveld kunnen staan én zelf kunnen ontspannen én boodschappen kunnen doen én een vakantie kunnen uitzoeken én geestelijk rust vinden én bij onze ouders op bezoek kunnen. We hopen op minder werkdruk, meer rust.

Zeecontainer

Misschien overdrijf ik. Misschien moet ik voor mezelf praten en niet over ‘wij’. Maar ik denk niet dat ik ver naast de waarheid zit. Wonen en werken dreigen sluipenderwijs het leven over te nemen van heel veel mensen. Tom Wright zei dat seks, geld en macht goede dienaren, maar slechte heersers zijn. Dat geldt ook voor wonen en werken. En in de praktijk van alledag zijn ze gaan heersen, met harde en nietsontziende hand. Hun invloed is zo alomvattend dat we onze hoop bijna niet anders kunnen formuleren dan binnen het frame van deze twee afgoden.

Maar het is gelukt: we hebben binnen dit frame hoop gevonden. Het is een woord en het heeft vier letters: leuk. Het viel me een tijdje geleden op hoe vaak ik het woord zelf gebruik en hoe vaak ik het anderen hoor gebruiken. Leuk. Ik hoop op een leuke baan, een leuke vakantie, een leuke buurt om in te wonen. En ik wil het liefst leuke kerkdiensten, leuke jeugdgroepen, leuke Bijbelstudies.

Verkeerde hoop betekent verkeerde god

Maar een kind ter wereld brengen is niet leuk. Sterven op Omaha Beach is niet leuk. Opgesloten zitten in een zeecontainer in Eritrea is niet leuk. Toch is het heel betekenisvol en soms zelfs de weg van Jezus.

Misschien is ‘leuk’ wel het ultieme wanhoopswoord. Dingen hoeven niet meer mooi, uitdagend, zwaar, droevig, hartverscheurend, intrigerend, perspectiefveranderend, idealistisch, mysterieus, verdiepend, verlichtend, troostend, verblijdend, hoopgevend of hoopvol te zijn. Wonen en werken hebben ons uitgeput. We zijn te moe. Leuk is genoeg. Wat een hopeloos woord…

Verkeerde god

Overdrijf ik? Kom ik sceptisch over? Ik schrijf dit alles om deze vraag duidelijk te maken: waar hoop ik eigenlijk op?

Een belangrijke tekst voor Stefan Paas in zijn boek Vreemdelingen en priesters is de eerste brief van Petrus, in het bijzonder hoofdstuk 3:15: ‘Vraagt iemand u waarop de hoop die in u leeft gebaseerd is, wees dan steeds bereid om u te verantwoorden.’

Maar soms moeten we een stapje terugdoen. We moeten niet alleen nadenken waarop of op wie onze hoop gebaseerd is, maar ook wat onze hoop nu eigenlijk is. Want soms kun je op de verkeerde dingen hopen. En dan verschuift ook het beeld dat je hebt van degene die je verlangens moet vervullen. Anders gezegd: als onze hoop niet deugt, deugt ook ons godsbeeld niet meer – want degene die je hoop vervult, dat is je god. Verkeerde hoop betekent verkeerde god. Op welke god hopen we?

Loonslaaf

Hoop is een verlangen dat je zelf niet kunt vervullen. Volgens Augustinus draait het christelijke leven vooral om het heroriënteren van onze verlangens. Verlangens die wanordelijk zijn, moeten weer geordend worden. Hoop die wanordelijk is, moet ook weer geordend worden. Volgens mij hebben we een herordening nodig om de levende God weer in het vizier te krijgen.

Hoe? We kunnen elke keer als we ‘leuk’ willen zeggen een ander woord kiezen, want dat andere woord brengt ons naar waar we echt op hopen. In plaats van te preken hoe je als christen succesvol kunt wonen en werken, kunnen we erkennen dat we iemand nodig hebben die ons daar juist van bevrijdt. En misschien moeten we onder ogen zien dat die bevrijding in dit leven nog niet volkomen is. In een variatie op Paulus: wie een loonslaaf is, moet geen moeite doen om dat te veranderen.

We hebben een nieuw perspectief nodig. Petrus zegt: we zijn opnieuw geboren tot een leven van hoop door de opstanding van Jezus Christus uit de dood en we hebben een onvergankelijke, onbederfelijke en onaantastbare erfenis, die voor ons is weggelegd in de hemel. Wanneer zijn we opnieuw geboren tot dat leven van hoop? Aan het kruis van Jezus Christus. Met dat nieuwe perspectief, die nieuwe hoop, blijft wellicht veel hetzelfde, maar verandert er ook veel.

Dit artikel komt uit de najaarsspecial van OnderWeg, die verschijnt op 3 november. Thema is hoop. Benieuwd naar het hele, extra dikke nummer? Neem voor 22 november een gratis proefabonnement en ontvang dit nummer als welkomstgeschenk.

Delen.

Over de auteur

Pieter Kleingeld is predikant van de NGK Oegstgeest en redacteur van OnderWeg.

Laat een reactie achter