Op de vlucht met onwrikbare hoop

0

Hoop is een diep verlangen naar een mooie toekomst of op zijn minst de wens om de misère te ontvluchten. Met die hoop trekken veel mensen over de wereld op zoek naar een beter bestaan. Hun hoop gaat lang niet altijd in vervulling. Wat doet dat met hun hoop? En wat doen de lotgevallen van deze mensen met ons?

James sprak niet veel over wat hij onderweg, in de greep van de mensensmokkelaars, had meegemaakt. (beeld dinosmichail/iStock)

James sprak niet veel over wat hij onderweg, in de greep van de mensensmokkelaars, had meegemaakt. (beeld dinosmichail/iStock)

Voor ons in het rijke Westen kan hoop gemakkelijk iets abstracts worden. We lijken onze hoop vooral te bouwen op het behoud van onze verworven welvaart en zekerheden. Natuurlijk kennen we de pijn van het leven, die ons soms confronteert met onze hoop en ons terugwerpt op wat we echt geloven, maar door de welvaart ligt veel van wat we wensen binnen ons bereik. Waar hopen we dan nog op?

Ik wil je graag het verhaal vertellen van twee vluchtelingen, Rosa en James. Zij zijn geen slachtoffers van oorlogsgeweld in eigen land en werden niet onderdrukt vanwege hun geloof of overtuiging. Dat betekent dat de kans op asiel zeer klein is. Mensen als zij worden snel gelukszoekers genoemd. Met welke hoop zijn zij op weg gegaan? En wat hebben zij gevonden? Omdat het thema van hoop in hun leven zo is uitvergroot, vergeleken met ons vaak zo zekere bestaan, zijn hun verhalen leerzaam. Ze hebben mij laten zien hoe sterk hoop kan zijn, ook onder de meest miserabele omstandigheden.

Voodoorituelen

In mijn kerk in de Haagse Schilderswijk ontmoet ik regelmatig asielzoekers uit allerlei delen van de wereld. Mensen nemen elkaar mee en in een netwerk van vrijwilligers staat de kerk bekend als gastvrij voor vluchtelingen. Rosa en James zijn twee van hen. Beiden ken ik al langere tijd, Rosa ondertussen al bijna tien jaar. Wat is haar hoop? Wat dreef haar, zodat ze in Nederland terechtkwam?

Met voodoorituelen werd ze geestelijk gebonden

Rosa is een ongeletterde vrouw van het platteland van Nigeria. Toen ze weduwe werd, accepteerde ze een aanbod om in Europa als schoonmaakster te werken. Ze liet haar drie kinderen achter bij haar moeder (die inmiddels gestorven is) en ging op reis, in de hoop genoeg te verdienen voor levensonderhoud en scholing voor haar kinderen. Ze kwam terecht in Parijs. Daar bleek dat ze niet gehaald was voor schoonmaakwerk, maar voor de prostitutie. Met voodoorituelen werd ze geestelijk gebonden en er werd gedreigd dat haar en haar familie iets zou overkomen als ze niet genoeg zou verdienen.

Op een gegeven moment werd ze vanuit Parijs naar Nederland gebracht om hier te werken. Onderweg pikte de politie haar uit de andere passagiers vanwege haar hopeloze aanblik en bracht haar in contact met hulpverleners. In de kerk vond ze bevrijding, maar ze durfde niet terug naar Nigeria uit angst voor de mensen die haar naar Europa hadden gehaald. Na meer dan tien jaar en talloze procedures hoopt ze nog steeds dat ze eens asiel zal krijgen. Hoe erg ze haar kinderen ook mist, de hoop op een verblijfsvergunning houdt haar op de been. Haar hoop is de sterke overtuiging dat God haar leven in zijn handen heeft en dat Hij ervoor zal zorgen dat ze eens haar kinderen terugziet.

Hersenbeschadiging

James kwam ook uit Nigeria, maar is op eigen gelegenheid weggetrokken. Hij wilde achter zijn tweelingbroer aan, die naar Europa was vertrokken om geld te verdienen voor het levensonderhoud van zijn familie. Maar geld was er nooit gekomen en het contact was verloren gegaan. James hoopte hem te vinden. Onderweg naar Europa hoorde hij het verschrikkelijke nieuws dat zijn broer was omgekomen op de Middellandse Zee. Zelf bereikte hij in de greep van mensensmokkelaars wel Europa en kwam hij in Nederland terecht.

Toen ik hem leerde kennen, verbleef hij op een verborgen locatie in een blijf-van-mijn-lijfhuis voor mannen. Hij sprak niet veel over wat hij onderweg had meegemaakt, maar het weinige dat hij erover losliet, in combinatie met de plek waar hij verbleef, zei genoeg. Hij was psychisch zwaar beschadigd, maar zijn geloof bleef rotsvast. Hij had geen contact met zijn familie, want hij durfde zijn moeder niet te vertellen dat zijn tweelingbroer was omgekomen.

In de kerk voelde hij zich thuis. Hij zong graag in de band, omdat zijn moeder ook zong in de kerk. Zo gaf hij uiting aan zijn band met haar. Op een dag is hij dood gevonden in zijn huis. De doodsoorzaak is onbekend, maar zijn dood zou zomaar het gevolg kunnen zijn van een hersenbeschadiging na de mishandeling door de mensensmokkelaars. Zijn tocht, die met (bange?) hoop begonnen was, kwam tot een triest einde.

Het leven zonder documenten in Nederland is misschien wel hoopvoller dan een leven in zo’n Afrikaanse metropool. (beeld jozuadouglas/Pixabay)

Het leven zonder documenten in Nederland is misschien wel hoopvoller dan een leven in zo’n Afrikaanse metropool. (beeld jozuadouglas/Pixabay)

Onwrikbaar

Rosa en James zijn niet representatief voor alle vluchtelingen die naar ons land komen. Ik heb ze er uitgelicht, omdat bij hen zo duidelijk is dat zij niet gekregen hebben waar zij op hoopten. Wat betekent dat? Was hun hoop (voor de kinderen zorgen, een verblijfsvergunning, een broer vinden) ijdel of zelfs onterecht? Had God dit verlangen in hun hart gelegd? Of gingen ze een eigen weg, waar God niets mee te maken had? Het zijn lastige vragen waar we misschien wel nooit een antwoord op kunnen geven. Wat mij bij deze twee christenen verbaasd heeft, is dat hun hoop niet gebroken is door de teleurstellingen in hun leven. Beiden bleven een onwrikbaar vertrouwen houden in God en in zijn leiding en zorg voor hun leven, ook op de momenten dat de pijn van het leven enorm was.

Fort Europa

De omgang met deze mensen confronteert ons ook met onze eigen positie als rijke westerlingen. Een tijdje terug werd ik getroffen door een zinnetje uit Jesaja 26. Het gaat daar in de eerste verzen over mensen die verlost zijn uit ellende en die zingen van vreugde voor God. Maar vervolgens gaat het over andere mensen, die aan hun eigen veiligheid bouwen. Zij hebben hun hoop gevestigd op hun sterke vesting en schermen hun welvarende leven af voor buitenstaanders. En dan staat er dat de HEER hun stad met de grond gelijkmaakt. ‘Zij die zich veilig waanden worden onder de voet gelopen, vertrapt door de zwakken, vertreden door de armen’ (Jesaja 26:6). Deze tekst verontrust mij. Is dat het antwoord van God als wij ons terugtrekken in Fort Europa, onbereikbaar voor de zwakken en armen van deze wereld, waar mensen als Rosa en James het slachtoffer van zijn?

Is dat het antwoord van God
als wij ons terugtrekken in Fort Europa?

Ik denk aan een moeder ergens op het platteland van Afrika, die moet leven met de pijn dat ze haar tweelingzonen nooit meer terugziet. En elke keer als Rosa mij bezoekt en we spreken over haar kinderen en over haar uitzichtloze situatie in Nederland en ik zie deze sterke Afrikaanse vrouw breken, dan breek ik mee. Ik heb echt wel geprobeerd om terugkeer naar Nigeria ter sprake te brengen, haar situatie hier is immers uitzichtloos. Maar mijn woorden voelen zo goedkoop, want als zij vanwege bedreigingen niet terug kan of durft naar de plek waar zij vandaan komt, dan betekent terugkeer dat ze terechtkomt in een stad als Lagos. Wat weet ik ervan hoe het is om te leven als alleenstaande arme vrouw in zo’n Afrikaanse metropool met meer dan 21 miljoen inwoners? Dan besef ik dat het leven zonder documenten in Nederland misschien wel hoopvoller is dan een leven daar.

Voorrecht

Het is een onthutsende realiteit dat voor veel mensen in deze wereld er alleen hoop op een goede toekomst is in een leven na dit leven, omdat dit leven geen uitzicht biedt op een menswaardig bestaan. En toch blijkt dan dat hoop onwrikbaar kan zijn! Ik word verrast door mensen in uitzichtloze situaties die ook door jaren van ellende heen vast blijven vertrouwen op een machtige God. Ik vind het een voorrecht dat ik mensen als Rosa en James heb leren kennen. Ze verrijken mijn geloof en leren mij dat hoop krachtig is. Zelfs al staan alle seinen op rood, het onwrikbare vertrouwen dat God voorziet blijft. Tegelijk verontrusten deze verhalen mij. Want wat zegt het over ons, als wij onze hoop bouwen op het angstvallig beschermen van de zekerheden van onze welvaart?

Delen.

Over de auteur

Peter Strating is predikant van de Havenkerk (NGK) in Den Haag.

Laat een reactie achter