‘Puur om geld vragen heeft geen zin’

0

Je mag als kerk ruimhartig om geld vragen, maar dan moet je wel weten waaróm je dat doet, vindt Gerko Last. Hij werkt als zelfstandig fondswervings- en communicatieadviseur voor een groot aantal goede doelen en kerken. ‘Er zit een zingevingskant aan het vragen om geld.’

Gerko Last (45) werd geboren in Stadskanaal. Als domineeszoon verhuisde hij vaak, tot hij op zijn 22ste in Leeuwarden kwam te wonen. Daar ging hij niet meer weg. Gerko is getrouwd en heeft drie zoons. Hij gelooft sterk in de benedictijnse principes van dienend leiderschap en omschrijft zichzelf als fondsenwerver, verhalenverteller, communicator en journalist.

De meeste mensen voelen op z’n minst schroom als ze om geld moeten vragen. Gerko Last heeft er zijn beroep van gemaakt, en hij houdt ervan. Na elf jaar als journalist bij het Friesch Dagblad te hebben gewerkt, ging hij in 2006 aan de slag bij Red een Kind, waar hij met collega’s de fondswervingsafdeling van de grond af opbouwde. Toen hij in 2011 het gevoel had dat hij daar klaar was, ging hij als zzp’er verder.

Gerko Last: 'Ook in de kerk moet je je afvragen: waarom vraag ik om geld?' (beeld Jan de Boer)

Gerko Last: ‘Ook in de kerk moet je je afvragen: waarom vraag ik om geld?’ (beeld Jan de Boer)

De stap van de journalistiek naar fondswerving lijkt groot.
‘Ja, het was voor mij een nieuw vak. Als journalist interesseerde ik me wel altijd voor de marketingkant van mijn beroep, zoals abonneewerving, maar toen ik bij Red een Kind kwam, moest ik het vak echt nog leren. Ik heb geprofiteerd van de kennis van organisaties als ZOA, World Vision, Dorcas en Woord en Daad, die op dat moment veel verder waren in hun fondswerving. Ik heb hen allemaal bezocht: “Hallo, ik ben Gerko, hoe werkt deze wereld?”’

Waardoor ging jouw hart voor dit werk kloppen?
‘Ik las het boekje A Spirituality of Fundraising van Henri Nouwen. Het is volgens mij niet in het Nederlands vertaald. Nouwen legt een theologische basis onder fondswerving. Wat doe je eigenlijk als je om geld vraagt? Door dat boek heb ik geleerd dat er een zingevingskant aan het vragen om geld zit. Puur om geld vragen heeft geen zin. Fondswerving is zoeken naar mensen die jouw droom delen en hen uitnodigen om deel te gaan uitmaken van die droom met hun talent, hun geld. Fondswerving is geen kwestie van je targets halen, maar van het zoeken van mensen met dezelfde droom.

Dit inzicht gaf mij enorm veel vrijheid in het vragen om geld. Ook als mensen nee zeiden, voelde dat niet als een afwijzing. Zij deelden onze droom niet. Prima. Ik moedigde hen wel altijd aan om hun eigen droom te zoeken en daar deelgenoot van te worden.’

Is deze visie een-op-een toepasbaar op fondswerving binnen de kerk?
‘Ik denk het wel. Ook in de kerk moet je je afvragen: waarom vraag ik om geld? Dat is niet om de instantie overeind te houden. Het gaat om de missie van de kerk. Die is zo belangrijk dat je in alle vrijheid om geld vraagt. Je geeft omdat je samen kerk bént en discipelen wilt maken. Natuurlijk, voor het lekkende dak is ook geld nodig, maar dat is niet de grond onder je vraag.’

Voor welke kerken werk je op dit moment?
‘Voornamelijk voor de pioniersplekken van de PKN en de CGK. Ik ben bijvoorbeeld sinds 2012 betrokken bij Nijkleaster in Jorwerd, een modern protestants klooster, en in opdracht van de Protestantse Kerk Amsterdam doe ik onderzoek naar de vraag: hoe maak je pioniersplekken op termijn financieel zelfstandig? Het is ontzettend inspirerend om met dit levende, springende deel van de kerk bezig te zijn. Fondswerving voor deze plekken is pionieren op zichzelf.

Ik help verder verschillende CGK-gemeenten om meer geld uit de vaste vrijwillige bijdragen (VVB) te halen.’

Klopt het dat de inkomsten uit de VVB in de meeste kerken afnemen?
‘Ja, dat zie ik in bijna alle kerken. Het is een trend in de hele samenleving dat de trouw aan organisaties verdwijnt. Bij de oudere doelgroep valt het mee, maar de jongere generatie – bij fondswerving heb je het dan over veertigers – bindt zich niet meer aan één club. Geven gebeurt veel meer ad hoc, bijvoorbeeld door iets wat je buurman vertelt of door een belletje van een organisatie. Mensen volgen hun hart. Op zich is dat niet erg, maar het maakt het voor organisaties veel onvoorspelbaarder.

‘Zorg ervoor dat je van alle leden weet
hoe ze benaderd willen worden’

In de kerk zie je dat de jongere generatie de VVB gewoon een gek ding vindt. Het past niet bij hun manier van geven. Heel vaak hoor ik mensen zeggen: als je een tekort hebt, moet je het zeggen, dan geef ik. Geld inzamelen gebeurt niet meer op basis van een automatisme, maar op basis van vraag. En dus moet je meer vragen. Maar daar zijn we in de kerk niet zo goed in. Ons systeem is ingericht op basis van de VVB.’

Hoe heb je die CGK-gemeenten op dit punt verder geholpen?
‘De basis van de acties die we gedaan hebben is dat je graag van alle huishoudens een antwoord wilt op de vraag: wat gaat u volgend jaar financieel doen? Het antwoord maakt niet uit – ik geef hetzelfde, ik geef meer, minder, helemaal niks – maar je wilt een antwoord.

Dat is een actie van een paar maanden. Je stuurt iedereen een brief met een antwoordkaart en communiceert daarover ook via de kansel, de mail en de andere kanalen die je hebt. Daarna stuur je nog een brief, en daarna als het nodig is nóg een brief. Alles om ervoor te zorgen dat iedereen die antwoordkaart invult. Het restje gemeenteleden dat na al die brieven nog steeds niet geantwoord heeft, ga je bellen.’

Gerko Last: 'Ga het gesprek met elkaar aan, want in de kerk heb je niet alleen een financiële band met elkaar, maar ook een pastorale en diaconale.' (beeld Jan de Boer)

Gerko Last: ‘Ga het gesprek met elkaar aan, want in de kerk heb je niet alleen een financiële band met elkaar, maar ook een pastorale en diaconale.’ (beeld Jan de Boer)

Werkt dat?
‘In sommige gemeenten is de actie heel succesvol, in andere een beetje succesvol. Maar er zijn altijd nieuwe gevers en altijd vaste gevers die meer gaan geven. Bovendien weet je door deze actie van iedereen wat ze wel of niet gaan doen. Dat helpt enorm bij het maken van de begroting. Je weet ook van sommige mensen dat ze geen VVB geven, maar dat je ze wel aan het einde van het jaar om geld kunt vragen. Daarnaast creëer je meer draagvlak. Een grote ergernis is dat een kleine club mensen veel geeft en een grote club weinig. Zo’n actie kan dat veranderen.’

Houden mensen zich aan hun toezeggingen?
‘Er zit altijd een verschil tussen wat mensen zeggen en doen, maar daar kun je ze dan vriendelijk op attenderen. We hebben de actie ook in mijn eigen gemeente, de CGK Leeuwarden, gedaan. Er werd 10 procent meer aan giften toegezegd, maar dat haalden we uiteindelijk niet, ook door overlijdens. Als we de begroting niet halen, doen we aan het einde van het jaar een extra oproep. Dat werkt altijd. Geld is sowieso een gespreksonderwerp in onze gemeente, waardoor je meer vrijmoedigheid voelt om zo’n oproep te doen.’

Zijn er nieuwe ontwikkelingen in de fondswerving van goede doelen waar kerken van kunnen profiteren?
‘Een trend is dat organisaties dichter bij hun donateurs proberen te komen. Ze willen weten of een donateur rijk is of niet, wat voor type doelen hij ondersteunt en op welke manier hij graag geeft. Dit is volop in ontwikkeling. Veel goede doelen hebben op dit moment de wens om hier meer mee te doen, maar gezondheidsfondsen passen het al actief toe. KWF Kankerbestrijding wil weten waarom jij geld geeft. Heb je iemand verloren door kanker? Of gaat het om een eenmalige gift? In dat laatste geval benaderen ze je niet meer.

De kerk kan dit van goede doelen afkijken. Zorg ervoor dat je van alle leden weet hoe ze benaderd willen worden. Sommigen zullen via de VVB blijven geven, anderen moet je misschien twee keer per jaar vragen om voor een concreet doel te geven. Daarnaast moet je het gesprek met elkaar aangaan, want in de kerk heb je niet alleen een financiële band met elkaar, maar ook een pastorale en diaconale. Dat maakt het lastiger en gevoeliger.’

Het klinkt als heel veel werk. Wie gaat dat doen?
‘Ja, het is heel veel werk. De kunst is om mensen te vinden die er lol in hebben. Als je het doet omdat het moet, wordt het heel moeilijk.

De onderliggende vraag is hoe belangrijk je geldwerving in de gemeente vindt. Zie je er samen het geestelijke belang van in? Of is het puur randvoorwaardelijk? Ik kies het eerste, en dan kom ik weer bij die droom uit. Geld is niet het probleem, maar zoek die gemeenschappelijke droom en vraag daar een bijdrage voor.’

Dit interview komt uit een themanummer van OnderWeg over geven, dat op zaterdag 5 januari verschijnt. Benieuwd naar het hele nummer? Neem voor 17 januari een proefabonnement en ontvang dit nummer als welkomstgeschenk erbij.

Delen.

Over de auteur

Jordi Kooiman is freelance journalist en eindredacteur van OnderWeg.

Laat een reactie achter