Onze oudste broer Israël

0

Dat was een opmerkelijk gezicht: bij Jinek zaten VVD en CU samen aan tafel, omdat ze een wetsvoorstel voorbereiden tegen het opkomende antisemitisme in ons land. Er moet een wet komen die dat harder aanpakt. Joden voelen zich in toenemende mate bedreigd in onze samenleving; hier en daar moeten er zelfs extra veiligheidsmaatregelen getroffen worden bij Joodse gebouwen. Wat er in voetbalstadions geschreeuwd wordt, zou Hitler als muziek in de oren geklonken hebben.

Het antisemitisme komt slechts gedeeltelijk uit islamitische hoek. Extreem-links is ook voor een deel verantwoordelijk. Solidariteit met de Palestijnen zal hier wel de oorzaak van zijn. Daar kan ik inkomen: Netanjahu’s Israël roept ook bij mij weinig sympathie op. Verder is er het rechts-extremistische antisemitistische wangedrag. Hier zullen de bekende racistische motieven een rol spelen, die de Joden de eeuwen door het leven onmogelijk hebben gemaakt. Terecht dat er hardere wetgeving komt om dit kwaad te bestrijden.

Verbondenheid?

Het is opmerkelijk dat tegelijkertijd in kerkelijke kringen de geloofsverbondenheid met het Joodse volk weer in discussie is. Moet daar officieel iets over gezegd worden? Is er een geloofsband tussen de kerk en het Joodse volk?

Onder christenen kan solidariteit met Palestijnse christenen een rol spelen in hun moeite om een speciale geloofsverbondenheid met het Joodse volk te belijden. Daar kan ik inkomen. Liefde voor onze oudste broer, Israël, kan natuurlijk niet ten koste gaan van onze jongere broer, de Palestijnse kerk. Maar net als wij zijn ook zij geen van beiden aardige mensen, dat is wel duidelijk. Geloofsverbondenheid gaat dan ook niet in eerste instantie over existentiële betrokkenheid.

Ik ben geen Jood en verkeer in een totaal andere situatie

Ja, ik weet wel dat Paulus heel emotioneel schrijft over zijn verbondenheid met zijn volksgenoten (Romeinen 9:2-3): hij wordt diep door verdriet gekweld omdat zij hun messias blijven afwijzen. Hij zou haast zelf van Christus gescheiden willen worden als dat de Joden bij de Heer zou brengen. Zijn verbondenheid in geloof valt samen met zijn diepe liefde voor zijn Joodse volksgenoten. Eerlijk gezegd kan ik dat niet meemaken. Ik ben geen Jood en verkeer in een, historisch ook, totaal andere situatie. Wordt van mij gevraagd om net zo existentieel bij het Joodse volk betrokken te zijn als Paulus?

Jozef

Ik geef een voorbeeld uit het Oude Testament, over Jozef en zijn broers (Genesis 37), om duidelijk te maken wat ik bedoel.

Het verwende joch Jozef, waar al zijn broers grondig de pest aan hadden, kreeg van God dromen waaruit duidelijk bleek dat hij aangewezen was als het toekomstige hoofd van de familie. Daaraan nam zelfs Jakob aanstoot, vooral toen Jozef zich ernaar ging gedragen. Een jongen zonder rechten op die positie koos God uit. Het kostte dan ook heel wat voordat de broers Jozef erkenden als hun hoofd.

Welke les trek ik hieruit? De aanstoot die Jozef gaf, had de erkenning van zijn positie niet in de weg mogen staan. Geloof in Gods leiding had de doorslag moeten geven, hoe moeilijk Jozef dat ook maakte door zijn onuitstaanbare gedrag. Hun begrijpelijke afkeer had grenzen moeten kennen.

Jozefs broers hadden stevige kritiek op hem, en terecht

Ja, Israël was het volk door God geroepen om zijn plan met de wereld te faciliteren (Genesis 12:3). Zoals Paulus schrijft, aan hen heeft God zijn nabijheid, de wet, de verbonden, de tempeldienst en de beloften geschonken (Romeinen 9:4-5). Het is het volk waaruit Christus is voortgekomen. In dat volk worden de gelovigen uit de heidenen ingelijfd. Het was geen sympathiek volk, net zo min als dat Jozef een aardige jongen was. De manier waarop zij met hun verkiezing omgingen, gaf aanstoot en riep, begrijpelijk, verzet op. Lees het Oude Testament erop na!

Maar daar gaat het in onze geloofsverbondenheid met Israël niet om. Jozefs broers hadden stevige kritiek op hem, en terecht. Christelijke kritiek op Israël moet, in alle bescheidenheid, kunnen, zonder dat het als antisemitisme wordt weggezet. De familieband snijden we niet door, ook al is Israëls positie als oudste broer veranderd. Zoals Henk de Jong eens schreef: hij moest een stapje terugdoen om aan Gods gang naar de heidenen doortocht te geven. Mijn band met het Joodse volk berust op geloof, niet op aanschouwen. Dat geldt ook de toekomst van Israël. Hoe ik over het Joodse volk voel, is niet doorslaggevend.

Laten horen

Wat mij betreft blijft de kerk uitkomen voor haar geloofsverbondenheid met het Joodse volk. In een tijd van groeiend antisemitisme moet ze haar stem ook duidelijk laten horen. Het kan niet zo zijn dat de kerk zich wel inzet voor migranten, maar onze Joodse landgenoten vergeet.

Delen.

Over de auteur

Ds. Bob Wielenga is emeritus predikant van de NGK Kampen en woonachtig in Zuid-Afrika.

Laat een reactie achter