Samuel Lee: ‘Ik preek zo simpel mogelijk’

Leendert de Jong | 3 januari 2020
  • Achtergrond
  • Interview
  • Thema-artikelen

Hoe blijf je als kerkelijke gemeente betrokken bij mensen die uit het zicht verdwijnen, die lijken af te haken? Je wilt hen vasthouden en met hen verbonden blijven. Maar hoe doe je dat? Veel autochtone Nederlandse kerken worstelen met die vraag. Speelt dit ook in de talloze migrantenkerken in Nederland? We vragen het aan Samuel Lee, voorganger van een migrantenkerk in Amsterdam en sinds kort Theoloog des Vaderlands.

Samuel Lee, voorganger van migrantenkerk Jesus Christ Foundation in Amsterdam en sinds kort Theoloog des Vaderlands.

Samuel Lee, voorganger van migrantenkerk Jesus Christ Foundation in Amsterdam en sinds kort Theoloog des Vaderlands.

Wie is Samuel Lee?
‘Samuel Lee is een christen die onderweg is. Ik ben een sojourner, een gast, een reiziger in het leven en in het geloof. Tijdens die reis heb ik niet overal een antwoord op. Dat deel ik met anderen die mee reizen. Nog iets persoonlijker: ik ben getrouwd, al heel lang. We hebben drie kinderen: twee zonen en een dochter. Ik ben al zo’n vijfendertig jaar in Nederland. Ik ben niet ambitieus. Ooit was ik dit wel, maar nu interesseert mij dat niet meer; ik ben nu vooral mezelf.’

Sinds kort ben je Theoloog des Vaderlands. Hoe voelt dat?
‘Het voelt druk en het geeft druk. Mensen die ik niet kende, komen nu om mij te spreken. Zoiets is verrijkend, je leert van hen. Maar persoonlijk vind ik het soms ook eng: van nature ben ik niet iemand die ervan houdt om aan debatten mee te doen. Ik ben niet iemand die snel een mening geeft. Terwijl onze samenleving dat wel van mensen eist, dat je overal iets van moet vinden. Maar dat vind ik niet. Dus is het een uitdaging om ook nu mezelf te blijven. Ik wil ook niet trots worden. Ik wil iedereen blijven behandelen zoals ik dat eerder gedaan heb. Ergens maakt deze verkiezing mij ook blij. Niet voor mijzelf, maar wel voor de migrantenfamilie in Nederland. Het is net of zij hiermee een prijs krijgen.’

Je bent ook voorganger van een gemeente. Welke?
‘Onze gemeente heet Jesus Christ Foundation. Het woord ‘foundation’ in deze naam betekent niet stichting, het staat voor wat de Bijbel over Jezus zegt als het enige fundament dat er ligt. We zijn een pinksterkerk, een onafhankelijke. We kunnen ons wel aansluiten bij een koepel van kerken, maar het is beter om dat niet te doen: ik ben te avontuurlijk voor een koepel, omdat ik soms dingen zeg die misschien niet zo goed vallen. Daar wil ik een koepel niet in betrekken.’

Kent ook jullie gemeente het verschijnsel van mensen die zich aan de rand van de kerk bevinden?
‘Jazeker, die kennen wij ook. Iedereen heeft immers z’n eigen reis in het leven en in het geloof. Onder hen zijn er mensen die ruimte willen en zich niet in een gemeenschap thuis voelen. Er zijn mensen die persoonlijke problemen hebben. Maar er kunnen ook heel andere dingen spelen die het lastig maken om bij een gemeente betrokken te zijn, zoals geld- of immigratieproblemen.’

‘Ik ben niet iemand die snel een mening geeft’

Hoe houd je als gemeente contact met hen?
‘We hebben in de afgelopen jaren als gemeente op dit punt veel geleerd. Dat heeft ook wel strijd gekost: er zijn mensen vanwege die koerswijziging bij ons weggegaan. Belangrijk in die wijziging is dat wij mensen niet willen veroordelen. Wij willen hen (blijven) dienen, en met hen blijven omgaan, wie of hoe zij ook zijn.

Vanwege dit uitgangspunt, en om andere redenen, werken we als gemeente in drie of eigenlijk vier onderdelen, ‘communities’: de Ghanese, de Nigeriaanse, de Filipijnse en ‘de anderen’, onder wie Surinamers en ook Nederlanders. De community-leden zorgen voor elkaar en waar mogelijk ook voor mensen aan de rand van de gemeente. De leden komen regelmatig op een doordeweekse dag bij elkaar en eten samen. Dan praten ze ook over anderen die niet meer regelmatig komen of niet meer zo bij de gemeente betrokken zijn: heb jij die of die nog wel gezien? Wie weet iets van hem of haar? Hoe komt het dat zij nu wegblijven? Kan iemand van ons iets voor hen doen?’

En werkt dit?
‘Niet altijd. Soms vergeten ze iemand. Of lukt het gewoon niet om contact te krijgen en zien we iemand weinig. Dat is niet zo erg, daar leert zo’n community van. Maar soms gebeuren er ook bijzondere dingen. Er is bijvoorbeeld een Nederlander binnen onze gemeente gekomen die betrokken wil zijn, maar sociaal heel stevige problemen heeft. Toch heeft de gemeente hem niet laten vallen en is hij, omdat dit gaandeweg de beste oplossing bleek, geadopteerd door de Nigeriaanse community.’

‘De gemeente is vooral een
chaotisch en druk gezin’

Hiervoor ging het over communities als onderdeel van de gemeente. Hoe ziet de gemeente eruit?
‘De gemeente telt ongeveer tweehonderd mensen en komt elke zondag bij elkaar. Ik leg daar geen druk op; een gemeente is geen orgaan maar een organisme. We beschouwen de gemeente vooral als een chaotisch en druk gezin, met veel kinderen en met leden die soms actief zijn maar soms ook niet.’

Lijkt me best ingewikkeld, om er als voorganger te zijn voor een gemeente met zo’n karakter en met zulke verschillende communities.
‘Ja, dan moet je verbinden. Het gebeurt namelijk niet vanzelf: Ghanezen en Nigerianen gaan bijvoorbeeld niet gemakkelijk met elkaar om; het betreft heel verschillende culturen. In mijn preken probeer ik rekening te houden met al die diverse perspectieven. Ik preek zo simpel mogelijk: het Woord van God en zijn liefde zijn er voor iedereen. Jezus is immers de deur door wie je naar binnen gaat, Hij is geen muur.’

Als het gaat om de externe gerichtheid, om mensen aan de rand van de gemeente en anderen te bereiken, wat is dan jullie boodschap: kom naar de kerk?
‘Nee, juist dit is onderdeel van de verandering die ik enkele jaren geleden doormaakte. Op mensen die jij bedoelt, moet je niet blijven hameren. Het is veel beter om hen bij wijze van spreken door je gedachten te laten gaan, maar feitelijk, praktisch contact te houden, zonder geheime agenda. Ik sms of app vaak met zulke mensen. Ik geef aan dat ik op hen betrokken ben. Ik sluit dan af met: laat mij weten als ik iets voor jou kan doen.’

Samuel Lee: ‘Wat kan en nodig is, is om er maar gewoon te zijn. En om een relatie met mensen aan te gaan.’

Samuel Lee: ‘Wat kan en nodig is, is om er maar gewoon te zijn. En om een relatie met mensen aan te gaan.’

Over autochtone christenen wordt gezegd dat zij – en ik herken dit – in een bubbel leven; je ontmoet vooral en het gemakkelijkst christenen. Geldt dat ook voor leden van migrantenkerken?
‘Ja, ik denk dat het helaas in het algemeen voor christenen geldt. Dat is pijnlijk. Jezus heeft gezegd: laat je licht schijnen en zet dit niet onder de korenmaat. Het is zo duidelijk: waar wij als christenen ons licht echt laten schijnen, wordt het licht. Daarvoor hoef je geen systeem op te zetten; het evangelie werkt en denkt niet in een systeem. Wat kan en nodig is, is om er maar gewoon te zijn. En om een relatie met mensen aan te gaan.’

En lukt dat, om buiten de bubbel te treden?
‘Ja, gelukkig wel. Het mooie is dat zoiets ook dankzij een bubbel kan! Een voorbeeld. In onze gemeente is de Filipijnse community actief. In de Bijlmer komt iemand wonen vanuit de Filippijnen; ze werkt hier als au-pair. Ze komt een landgenote tegen, een vrouw uit onze gemeente. Die is er voor haar en wijst haar de weg in praktische zaken. Die vrouw zegt nooit: kom naar de kerk. Nee, ze is er gewoon en ze doen dingen samen. Als vanzelf ontstaat dan contact met de community en de gemeente.

Bijzonder aan deze manier van missionair werk is dat het op leden van de gemeente veel minder druk legt. Ze voelen dat ze zichzelf mogen zijn. We benadrukken daarbij: handel maar gewoon spontaan, als dat iets is wat bij jou past (en dat is voor de meesten het geval). Ga met iemand mee om boodschappen te doen of als iemand naar het ziekenhuis moet; zoek hem of haar op als zij in het ziekenhuis zijn, doe iets voor hen. En dat werkt.’

‘Onze mensen komen maar net of net niet rond’

Kun je zeggen dat migrantenkerken in het algemeen dichter bij de samenleving staan dan een doorsnee autochtone gemeente?
‘Ja, ik denk dat dit voor een gemiddelde migrantenkerk inderdaad zo is. Dat komt vooral doordat mensen van zo’n kerk, van onze gemeente bijvoorbeeld, zelf behoren tot wat ik maar even de lagere sociale klasse noem. De drempel naar anderen toe is dan laag. Ook onze mensen komen maar net of net niet rond. Ze kennen het verschijnsel om als gezin in een tweekamerflat te wonen. Voor hen is de Bijlmer in zekere zin de wereld; de stad Utrecht, of zelfs Amsterdam, staat mijlenver bij hen vandaan.

Kortgeleden werd dit aspect binnen onze gemeente concreet genoemd. We wilden met een poster bekendheid geven aan een activiteit binnen de gemeente die tegelijk bedoeld is voor allerlei mensen eromheen. De vraag was hoe groot die poster moest zijn: A2, dat is een groot formaat poster of A3, de helft kleiner. Een broeder zei toen: “Laten we voor het kleine formaat gaan. Wij wonen in huizen met een kleine kamer; er is te weinig ruimte om zomaar een grote poster op te hangen.”’

En dat wordt ‘m dan, een A3 poster?
‘Ja! En die gaat werken, voor onze gemeenteleden en ook voor anderen, bijvoorbeeld voor mensen die hier zijn en geen officiële papieren hebben. Immigranten die weinig rechten hebben. Velen van hen wonen hier, in de Bijlmer. Wij willen er ook voor hen zijn, hen helpen; ook deze naasten willen we liefhebben.’

Breder kijken
Samuel Lee is voorganger van een migrantenkerk. Hij is als directeur van het Center for Theology of Migration ook verbonden aan de Faculteit Religie en Theologie van de VU. Jaren geleden al richtte Lee de Foundation of Amsterdam op die, vertelt Lee, ‘pinkstermensen breder wil laten kijken dan alleen de Bijbel’. De academie geeft migranten ook de kans om een universitaire studie te gaan volgen.

Dit interview krijg je cadeau van ons. Probeer magazine OnderWeg drie maanden gratis. Meld je aan voor een Proefabonnement (Digitaal of Papier Plus).

Over de auteur
Leendert de Jong

Leendert de Jong werkt in de media en is oud-hoofdredacteur van
OnderWeg.

Meest gelezen

Behulpzaam advies over omgang met groeiende diversiteit in NGK

Behulpzaam advies over omgang met groeiende diversiteit in NGK

Louren Blijdorp
  • Kerkelijk leven
  • Ruimte en richting

In de eerste aflevering van deze rubriek is aan vier intensief betrokken NGK-predikanten gevraagd hoe de synodebesluiten bij henzelf en in hun gemeente zijn gevallen. Daaruit bleekt dat er grote verschillen tussen gemeentes ontstaan. In de tweede aflevering is aan drie hoofdrolspelers ter synode toelichting gevraagd op keuzes en besluiten. In deze derde aflevering vragen we aan René de Reuver, voormalig scriba van de Protestantse Kerk in Nederland hoe hij ontwikkelingen in de NGK ziet en wat hij ons zou willen meegeven.

Lees artikel
Kerknieuws mei 2026

Kerknieuws mei 2026

Redactie
  • Kerknieuws

Kerknieuws van mei 2026 in Magazine Onderweg. Het beroep dat de gemeente van Langerak op ds. Gert Meijer uitgebracht heeft, heeft hij aangenomen. Ds. Meijer stond sinds 2017 in de NGK Zuidlaren-Kandelaarkerk. De NGK Zwolle-Plantagekerk, een gemeente met ruim 1.000 leden, heeft een beroep gedaan op ds. Reinier Kramer (46 jaar). Kramer is momenteel als enige actieve gemeentepredikant verbonden aan de ruim 1.200 leden tellende samenwerkingsgemeente CGK-NGK Deventer. Hij is sinds 2,5 jaar werkzaam in Deventer. Kramer was eerder vier jaar verbonden aan Spakenburg-Zuid en vijf jaar aan Bergentheim-De Hoeksteen. De Plantagekerk is vacant sinds het vertrek van ds. Jos Douma in 2025.

Lees artikel
Predikantsprofiel: Koos Jonker

Predikantsprofiel: Koos Jonker

Marinus de Jong
  • Kerkelijk leven
  • Predikantsprofiel

‘Het predikantschap is voor mij geen baan, het is een roeping.’ Zijn roeping loopt als een rode draad door het gesprek met ds. Koos Jonker. Hij is predikant in hart en nieren. Maar die roeping kwam niet vanzelf. Zijn Zuid-Afrikaanse accent verraadt meteen dat die weg op zijn minst één landsgrens overging. Meer dan eens ging dat als bij Mozes en Jeremia: tegen zijn eigen wil. Deze roeping geeft diepe vreugde, soms veel plezier, maar kost ook wat, zo blijkt.

Lees artikel
Als schaduwen over de wereld vallen

Als schaduwen over de wereld vallen

Louren Blijdorp
  • Verdieping

De tijden zijn somber en ernstig. Oorlogen zijn niet meer ver weg en de wankelende wereldorde geeft een sluimerende onzekerheid. Ook in het nog altijd ongekend welvarende en vredige westen van Europa knaagt het: trollenlegers, hackers, mysterieuze drones dringen ons continent binnen. Het leidt tot groeiend onbehagen, polarisatie, bedreiging van de rechtstaat. En dan klopt ook nog de klimaatcrisis onverbiddelijk aan. Die nog veel existentiëlere dreiging die de randvoorwaarden van ons bestaan zelf bedreigt wordt haast vergeten. Maar ook die slapende reus morrelt aan de bedrieglijke rust van Noordwest-Europa.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief