De kracht van een veelkleurige kerk

0

In zijn boek Lente in de Kerk schrijft René van Loon over ontwikkelingen in de internationale en migrantenkerken. Welke ontwikkelingen spelen zich in deze kerken af? Wat kan de betekenis daarvan zijn voor de vernieuwing van de kerk als geheel? Hoe kunnen autochtone kerken en migrantenkerken elkaar tot hand en voet zijn? Wat is het nut daarvan en wat is ervoor nodig? Madelon Grant, coördinator van SKIN, de koepelorganisatie van internationale kerken en migrantenkerken, geeft antwoord.

(Pekic/iStock)

(Pekic/iStock)

Uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (2018) blijkt dat er ongeveer één miljoen christenen met een migratieachtergrond in Nederland zijn. Deze christenen komen samen in zo’n duizend internationale en migrantenkerken die met name gevestigd zijn in de grote en middelgrote steden van Nederland.

Veel Nederlanders beseffen niet dat er ongeveer evenveel christelijke migranten in ons land zijn als islamitische. Een belangrijke reden hiervoor is dat de groep christenmigranten zo divers is dat ze moeilijk als een groep kan worden beschouwd. Een andere reden is dat hun christelijk geloof niet direct herkenbaar is aan bepaalde uiterlijke kenmerken.

Ik ben daar zelf een voorbeeld van: geboren in het buitenland met een niet-Nederlandse ouder sta ik officieel in de statistieken als ‘allochtoon’ en ben er dus een van die miljoen. Toch zullen velen mij niet als zodanig herkennen. Ook al moet ik mijn achternaam altijd spellen, mijn huidskleur doet mensen denken dat ik autochtoon ben. Andersom komt dit net zo goed voor. De hokjes waarin wij mensen indelen, doen de realiteit niet altijd recht. Het is daarom belangrijk om ons te realiseren dat ons gezamenlijke geloof de menselijke verschillen overstijgt. In Christus is geen onderscheid. We zijn allemaal verschillend en uniek, maar ons geloof brengt ons samen in Christus.

Stekjes

In dit artikel zal ik een andere metafoor gebruiken dan ‘lente’. Migrantenkerken zijn iets nieuws voor autochtone christenen, zij lijken ze steeds opnieuw te ontdekken. De christenmigranten zelf en mensen die al langer met dit thema bezig zijn, weten echter al langer dan vandaag dat zij bestaan. Migrantenkerken zijn niet nieuw in Nederland. Het christelijk geloof is door christenmigranten naar Nederland gebracht. Sint Servaas, bisschop in Maastricht in de vierde eeuw, was afkomstig uit Armenië. Sommige migrantenkerken bestaan al honderden of tientallen jaren. Veel mensen die ik tegenkom zijn langer in Nederland dan ik of zelfs al langer dan ik überhaupt leef.

Om in groei- en-bloeiterminologie te blijven kies ik voor een andere metafoor, namelijk die van internationale kerken en migrantenkerken als stekjes. Bij het stekken wordt een tak van de moederplant afgesneden en op een andere plek opnieuw geplant, zodat zij zich kan vermenigvuldigen. Zo is het ook met de internationale kerken en migrantenkerken. Sommige stekjes zijn al heel oud, zoals de oosters-orthodoxe kerken, maar hun transplantatie naar West-Europa luidde voor hen een nieuwe fase in. Sommige stekjes zijn in feite twee keer gestekt: eerst via de zending in bijvoorbeeld Suriname en nu weer opnieuw in Europa.

Migrantenkerken hebben kruiwagens
en wegwijzers nodig

Om deze stekjes in Nederland tot bloei te laten komen, is natuurlijk een gezonde voedingsbodem nodig, waarin ze kunnen aarden en opbloeien. Hoe ziet zo’n gezonde voedingsbodem eruit en welke rol kunnen autochtone kerken spelen? Alles valt of staat met goede relaties waarin een vertrouwensband ontstaat en respect is voor elkaars eigenheid en autonomie. In praktische zin kunnen autochtone kerken helpen door hun gebouwen te delen: deze kerkgemeenschappen hebben plekken nodig waar zij samen kunnen komen.

Nieuwkomers hebben vaak (niet altijd!) een kwetsbaardere positie in de samenleving. Betaald werk is een waardevolle manier voor mensen om te integreren, eigenwaarde te ontwikkelen en voor zichzelf en hun familie te kunnen zorgen. Als kerkleden een laag inkomen hebben, hebben hun kerken dat ook. Dit blokkeert de groei van de kerken. Het is daarom belangrijk dat zoveel mogelijk mensen de kans krijgen om zich te ontwikkelen en betaalde arbeid te verrichten.

Kerken zijn geholpen met kennis over hoe je kerk kunt zijn in Nederland. Het is niet gemakkelijk om als kerk je weg te vinden in de samenleving, met de scheiding tussen kerk en staat. Vaak krijgen kerken te horen dat ze niet in aanmerking komen voor geld, gebouw of samenwerking, omdat zij een kerk zijn. Ook willen allerlei organisaties niet met kerken samenwerken. Bovendien hebben deze kerken last van het negatieve maatschappelijke klimaat ten opzichte van mensen met een migratieachtergrond. Ze hebben dus kruiwagens en wegwijzers nodig: mensen die hen meenemen in het christelijke netwerk van organisaties die wel voor hen open staan.

Oogsten

Welke oogst brengt dit proces van stekken? Als christenmigranten zich thuis voelen in Nederland kunnen zij zichzelf ontwikkelen, voor hun familie zorgen en bijdragen aan de samenleving. Hun aanwezigheid geeft daarnaast een getuigenis af die ook relevant en inspirerend kan zijn voor autochtone christenen. Christenen met een migratieachtergrond en hun kerkgemeenschappen zijn getuigen van hoe het evangelie een relevante boodschap bevat voor ieder mens, in welke context dan ook. De veelkleurigheid van de kerk als geheel straalt deze boodschap uit, terwijl ook de onderlinge eendracht binnen deze diversiteit een krachtige getuigenis afgeeft aan de wereld (Johannes 17:21).

Veel nieuwkomers in Nederland komen aanvankelijk in lagere sociaaleconomische posities terecht (dit is niet altijd het geval, denk aan kennismigranten en expats). De eerste generatie moet zichzelf opnieuw uitvinden en dat brengt vaak een behoorlijke worsteling met zich mee. Dit betekent niet dat zij zwak zijn: migratie is ingrijpend voor een mens en het vraagt om grote kracht om zichzelf weer op de rails te krijgen. Mensen die vaak omschreven worden als ‘kwetsbaar’ getuigen dus juist in die kwetsbaarheid van de kracht van de mens. Van autochtone christenen hoor ik regelmatig dat zij onder de indruk zijn van de manier waarop christenmigranten omgaan met tegenslag in het leven. Waar tegenslag onder autochtone christenen soms geloofstwijfel veroorzaakt, helpt een sterk geloof christenmigranten juist door moeilijke periodes heen. Hun getuigenis leert ons over gebrokenheid en genade, over hoop en vertrouwen op en afhankelijkheid van God.

Mensen leven vooral in hun
bubbel van gelijkgestemden

In de Nederlandse hectische maatschappij heerst een cultuur waarin de nadruk ligt op individualiteit, prestaties, maakbaarheid en streven naar een perfect leven. De kloven in de samenleving groeien en veel mensen leven vooral in hun ‘bubbel’ van gelijkgestemden. Een interculturele kerk doorkruist dit beeld volledig: zij kan bij uitstek een plek zijn waar verschillende mensen – hoog en laag opgeleid, jong en oud, arm en rijk, autochtoon en migrant – samenkomen en gemeenschap en imperfecties delen. Hiermee geeft zij een duidelijke boodschap af: een christelijke levenswijze biedt een relevant alternatief op de heersende cultuur en vormt daarmee een aantrekkelijk en waardevol tegengeluid.

Verkleuren

Ik constateer lente in het intercultureel kerk-zijn in Nederland en dat is goed. De aanwezigheid van christenmigranten dringt langzamerhand door tot autochtone kerkgemeenschappen en sommige kerken gaan zich richten op verbinding met deze gemeenschappen. Het intercultureel kerk-zijn is in die zin iets nieuws voor hen en op verschillende plekken wordt geëxperimenteerd hoe dat wel of juist niet werkt. Zo ‘verkleuren’ kerken mondjesmaat of ontstaan er interculturele kerkplantingen, denk bijvoorbeeld aan de verschillende ICF-kerken die her en der zijn ontstaan.

Vanuit het perspectief van christenmigranten bestaat hun leven continu uit intercultureel contact: op het schoolplein, in het gemeentehuis, in de supermarkt en in je straat. De meeste gemeenschappen zijn immers niet groot genoeg om in een volledig monoculturele setting te kunnen leven. Hun migrantenkerk kan, met name voor de eerste generatie, een plek zijn waar intercultureel contact even niet hoeft, waar ze zichzelf kunnen zijn en tot rust mogen komen. Er zijn echter ook internationale kerken die er bewust wel voor kiezen om intercultureel te zijn, vanuit een missionair verlangen om het evangelie terug naar Nederland te brengen.

Voorjaarsstormen horen erbij,
want veranderen kost moeite

De tweede generatie groeit op in een interculturele context: vanuit huis krijgen ze de cultuur van hun ouders mee en op school staan ze bloot aan allerlei andere invloeden. Zij nemen dit vaak mee in hun verwachtingen van kerk-zijn. Soms levert dit spanningen op binnen internationale kerken, maar hierdoor ontstaan ook nieuwe, interculturele kerken.

Het is mijn hoop dat deze twee bewegingen, vanuit migrantengemeenschappen en vanuit autochtone kerkgemeenschappen, elkaar gaan ontmoeten. Autochtone kerken willen verkleuren en migrantenkerken willen meer Hollanders aantrekken. Het ligt voor de hand om de krachten te bundelen in het bereiken van de Nederlandse samenleving met het evangelie, voor de toekomst van ons land en van de kerk. Daarin zou werkelijk een straaltje van het licht van God zichtbaar worden. Voorjaarsstormen horen hier overigens ook bij, want veranderen kost vaak moeite.

Binnenkant

Hoe kunnen we bijdragen aan deze verandering, deze vernieuwing? Wat vraagt zij van autochtone christenen? Allereerst vraagt zij om een nieuwe manier van kijken. Migrantenkerken lijken vaak onzichtbaar, maar als je weet dat ze er zijn, zie je ze ineens wel degelijk, in de middelgrote en grote steden. Ook is het tijd om minder naar de buitenkant te kijken en meer naar de binnenkant. Dans, muziek of kleding, achter al deze uiterlijkheden gaan geestelijke intenties schuil. Door je hierin te verdiepen boor je diepere bronnen van begrip en inspiratie aan.

Vervolgens vraagt ze om een nieuwe manier van luisteren. Een non-verbale manier van luisteren, een luisteren met het hart. Vaak hebben mensen commentaar als iemand niet perfect Nederlands spreekt. Je doet hiermee niet alleen de ander tekort, maar ontzegt jezelf ook toegang tot doorleefde levenservaringen. Ervaringen die nieuw en waardevol voor je kunnen zijn.

Ten slotte vraagt ze om een nieuwe manier van spreken en voelen. Een zoeken naar verbindende taal, waarin het ‘wij’ en ‘zij’ wordt overstegen. Een zoektocht waarin de focus komt te liggen op de gedeelde identiteit in Christus en de gezamenlijke toekomst als kerk in Nederland. Deze zoektocht vraagt dat we liefdevol betrokken zijn bij de worsteling waarin ieder uit zijn of haar comfortzone komt. Lankmoedigheid, liefde en vergevingsgezindheid verbinden ons met elkaar, als broeders en zusters in Christus. Deze verbondenheid is alleen mogelijk als we elkaar gelijkwaardig en met respect behandelen.

Tot slot

Het bekende lied zegt: ‘Stil maar wacht maar, alles wordt nieuw, de hemel en de aarde.’ Seizoenen komen en gaan zonder dat we daar als mens iets voor hoeven te doen, maar vernieuwing in de kerk vraagt om mensen met visie en inzet. In afwachting van de ultieme vernieuwing die ons beloofd is, is het aan ons om te onderzoeken wat van ons gevraagd wordt in Nederland anno 2020. Wat mij betreft is 2020 geen tijd van ‘stil maar wacht maar’, maar eerder een tijd van ‘dit is de dag die de Heer ons geeft’ in de relatie met autochtone en internationale kerkgemeenschappen en intercultureel kerk-zijn. Nu is de tijd om in vreugde en volharding elkaar veel meer op te gaan zoeken.

Aan de slag, maar hoe dan?

  • Leer elkaar eerst eens kennen. Via de database www.internationalekerken.nl kun je zien welke internationale kerken en migrantenkerken er bij jou in de buurt zitten.
  • Verdiep je in wat de Bijbel leert over eenheid en diversiteit. De diversiteit onder christenen wereldwijd is groot. Wat zou daar de betekenis van kunnen zijn?
  • Organiseer samen een activiteit, zoals een korenfestival, een pinksterviering, een maaltijd voor de wijk of ga met elkaar intercultureel Bijbellezen. Op www.protestantsekerk.nl/thema/migrantenkerken/ vind je allerlei informatie en ideeën hiervoor.
  • Stel je kerkgebouw beschikbaar voor gebruik door een andere kerk. In het boekje Kerken Delen, te koop via www.kameel.nl, vind je allerlei inspirerende voorbeelden en praktische tips.
  • Organiseer een avond over dit onderwerp en nodig een migrantenpastor als gastspreker uit. SKIN, de landelijke koepel van internationale kerken, kan hierin meedenken, zie www.skinkerken.nl.
  • Heb niet meteen overal een oordeel over. Soms maak je dingen mee die anders zijn dan je gewend bent, maar vaak zijn daar redenen voor die interessant genoeg zijn om te ontdekken.

Dit artikel komt uit nummer 6 van magazine OnderWeg (14 maart 2020), een inspirerend magazine voor christenen die God en de kerk liefhebben en midden in het leven staan. Neem een gratis Proefabonnement (Digitaal of Papier Plus).

Delen.

Over de auteur

Madelon Grant is coördinator van SKIN (Samen Kerk in Nederland).

Laat een reactie achter