‘Het evangelie kan echt wel een stootje hebben’

0

Hij groeide op in de biblebelt, in een gereformeerde bondsgemeente. Inmiddels is hij lid van de CGK in het grootstedelijke Utrecht. Sinds kort is hij directeur van het nieuwe toerustingscentrum van GKv en NGK. Cors Visser is optimistisch over de toekomst van de kerk: ‘Kerken die als lokale gemeenschap in hun omgeving opereren, zijn voorproefjes van Gods koninkrijk.’

(beeld Hans van Sloten)

(beeld Hans van Sloten)

‘Hoever wil je terug op de vraag wie Cors Visser is? Wel, ik ben de man van Hanneke, we hebben twee dochters, we wonen zo’n twintig jaar in Utrecht. Ik ben opgegroeid in Wezep; ons gezin hoorde bij een degelijke gereformeerde bondsgemeente binnen de Hervormde Kerk. Ik heb gelovige ouders die veel met het geloof bezig waren en dat ook wilden uitdragen. Aan die tijd, inclusief het bij die gemeente horen, denk ik terug met een gevoel van: het geloof doet ertoe en staat middenin de samenleving.’

Waarop doel je, in relatie tot de gemeente, met dat laatste?
‘Toen ik later de PKN verliet en ‘afgescheiden’ werd – ik maakte de overstap naar de CGK – merkte ik dat er op dit punt toch verschillen zijn. Binnen de Hervormde Kerk proefde ik: we horen bij de samenleving. We klooien met elkaar maar wat aan, maar we horen er wel bij. Terwijl bij de afgescheidenen meer iets zat van: we doen iets voor de samenleving. Ik merk wel dat er op dit punt binnen de gereformeerde kerken echt sprake is van verandering.’

Die vroegere jaren van jou, je opvoeding, thuissituatie, zit daarin al iets van jouw latere interesse voor wetenschap, het willen snappen van verbanden?
‘Nee, niet echt. Als ik mij die jaren herinner, van drie tot veertien jaar, denk ik meer aan buiten spelen, aan onbezorgdheid. Ik zie mijzelf ook niet als een echte wetenschapper. Op zich kon ik makkelijk meekomen op school en thuis deed ik graag mee aan discussies. Er werd daar veel gediscussieerd, er was echt sprake van een soort wedstrijd: wie heeft de beste argumenten? Ik was dus wel bezig met allerlei vragen, maar niet om alles te willen weten. Ik merkte toen al wel dat ik het plezierig vond om iets op poten te zetten.’

Geen wetenschap dus, maar wel organiseren, waar ligt jouw drijfveer?
‘Wat mij in mijn leven en werk motiveert, is een bede uit het Onze Vader: Uw naam worde geheiligd. Ik zie dat echt als mijn drijfveer: hoe zorg ik, hoe zorgen we er met elkaar voor dat Gods naam geheiligd wordt?’

Dat is geen alledaagse, hoe is die ontstaan?
‘Ik maak eerst een uitstapje naar vroeger. We zijn later als gezin verhuisd van Wezep naar Zeeland, ik was toen veertien. In de kerkelijke gemeente daar, opnieuw een bondsgemeente werd niet heel open over het geloof gesproken. Maar enkele mensen zetten daar een jeugdclub op, voor jongeren uit onze gemeente en uit andere kerken. Op een bepaalde manier zijn die mensen en is die club voor mij heel belangrijk geweest. Ik worstelde namelijk met de vraag: wil ik gaan geloven of niet? Vanaf die tijd ging ik proberen om eerder op te staan voor bijbelstudie en gebed; ik besefte: ja, God is mijn Vader.

Het hele interview lezen? Log hieronder in of neem een gratis proefabonnement om inloggegevens te ontvangen.

U moet u inloggen om dit artikel te bekijken. Inloggen om toegang te krijgen.
Delen.

Over de auteur

Leendert de Jong werkt in de media en is hoofdredacteur van OnderWeg.

Laat een reactie achter