Integratie

Bob Wielenga | 31 augustus 2016
  • Blog

Het integratiedebat is weer in volle gang. Lagen vroeger de Surinaamse of Antilliaanse Nederlanders onder vuur, gisteren waren dat onze Marokkaanse landgenoten, vandaag de Neder-Turken en morgen ongetwijfeld de Syrische Nederlanders.

(beeld Aleksandar Mijatovic/Shutterstock)

Zijn bezwaren tegen de boerka en boerkini niet klein vaderlands gedoe? (beeld Aleksandar Mijatovic/Shutterstock)

De Nederlandse Nederlanders hebben altijd wat om te klagen. En recht door zee als we (trots) zeggen te zijn, laten we dat weten ook. Tenminste, die indruk krijg ik als ik het debat vanuit de verte als Nederlandse Zuid-Afrikaan probeer te volgen. Ik hoor en lees echter weinig over West-Europese vreemdelingen die achter onze blanke duinen wortel hebben geschoten. In huidskleur en uiterlijk lijken ze sterk op Nederlandse Nederlanders. Maakt dat acceptatie makkelijker?!

Integreren

Natuurlijk is het integratiedebat al zo oud als de wereld. Sinds het allereerste begin trekken mensen rond van het ene naar het andere land. Zolang het om kleine aantallen gaat, roepen ze geen vragen op. Gaat het echter om grote groepen (800.000 Turken bijvoorbeeld), dan zijn er, zo is door de eeuwen heen gebleken, drie mogelijkheden:

1. De migranten assimileren volledig met de oorspronkelijke bevolking. Hun vroegere identiteit wordt vervangen door die van het nieuwe thuisland.

2. Ze kiezen voor segregatie: ze leven afgezonderd, in getto’s, en houden hun eigen cultuur koste wat kost in stand. De contacten met de omringende samenleving zijn sporadisch en zakelijk. Denk aan de Amish in Amerika, de Jezidi’s in Syrië of de Joden waar ook ter wereld.

3. Er ontstaat een samenlevingsvorm waarbij mensen in twee parallelle werelden leven. De eigen taal en gewoonten, en zeker de eigen godsdienst, worden doorgegeven van geslacht op geslacht, terwijl men ook volledig functioneert in de samenleving van het nieuwe vaderland, waarvan men zich de taal en de gewoonten eigen maakt. Zo treffen we in Amerika streken aan waar de Nederlandse afkomst van de bewoners nog duidelijk herkenbaar is (zoals in Holland, Michigan). En in Zuid-Afrika wordt de Duitse cultuur met veel liefde gekoesterd door de afstammelingen van Duitse immigranten (Hermannsburg, KwaZulu-Natal), terwijl ze toch echt geïntegreerd zijn in de Afrikaner gemeenschap, en breder in de Zuid-Afrikaanse maatschappij.

Zelf ben ik ook immigrant geworden door in Zuid-Afrika te blijven wonen nadat ik met emeritaat ben gegaan. Ben ik geïntegreerd? In de Afrikaanse cultuur ben ik niet geïntegreerd; ik blijf er een ‘uitlander’, een Hollander. In de Engelse cultuur ben ik dat wel, tot op zekere hoogte. Ik functioneer zonder problemen in de bredere Engelse cultuur van Zuid-Afrika. Ik identificeer me ook met Zuid-Afrika als veelkleurig, multicultureel land. Maar zodra ik mijn mond open, hoort men al dat ik een ‘foreigner’ ben.

Nederland blijft mijn identiteit bepalen. Al voel ik me in mijn eigen land meer en meer een vreemdeling, ik word cultureel, en vooral ook geestelijk, gevoed door mijn Nederlandse achtergrond. Integratie kan niet betekenen dat je van identiteit verandert, als dat al zou kunnen. Ik leef in twee werelden.

Welk Nederland?

De hamvraag is natuurlijk: integratie waarmee? Vreemdelingen willen vaak wel integreren, maar met welk Nederland moeten ze dat doen? Als ik een Limburgs sprekende Marokkaan hoor praten, heb ik als oud-Rotterdammer weinig gevoel van herkenning, al is zijn integratie op taalniveau prima geslaagd.

Moet een Syriër op cultureel niveau integreren met het Nederland van de PVV? God verhoede het! Net zo min als ik iemand toewens dat hij integreert in de cultuur van de Biblebelt. Wat is dus Nederlands? Moet een vrome moslim integreren in het Nederland waarmee hij op de tv kennismaakt? Wat is algemeen Nederlands?

Oké, we moeten allemaal Nederlands kunnen lezen en schrijven. En respect voor de gangbare Nederlandse normen en waarden is essentieel, al hoeven we die natuurlijk niet over te nemen. Kennis van Nederlandse gewoonten en gebruiken is verder wel handig om in onze samenleving te kunnen overleven. Maar moeten we ons daaraan onderwerpen?

Die belachelijke drie kussen zonder de wangen aan te raken of zelfs het schudden van elkaars hand: dat is toch geen kenmerk van integratie? Waarom zouden vrouwen geen hoofddoek mogen dragen, zelfs als het geen vrije keuze is? Moet men het Nederlandse individualisme hebben omarmd om geslaagd te kunnen integreren in Nederland? Wat is er tegen de boerka of boerkini? Zijn bezwaren daartegen niet klein vaderlands gedoe, een oprisping van de onderbuik?

Twee werelden

Integratie betekent geen assimilatie. Segregatie is ook onwenselijk voor het goed functioneren van de multiculturele samenleving die Nederland toch echt geworden is. Ik praktiseer zelf een vorm van integratie die ik zou willen omschrijven als leven in twee werelden. We leven tegelijkertijd in twee parallelle werelden, die gedeeltelijk samenvallen en elkaar natuurlijk ook beïnvloeden.

Voor een christen is dit niets vreemds. Hij is burger van twee vaderlanden, zegt de Bijbel. Juist christenen zouden daarom begrip moeten hebben voor Turken voor wie Turkije nog heel belangrijk is.

Hierom kan een christen in Amerika ook niet op Trump stemmen in november! Dat is een logische conclusie uit mijn verhaal.

Over de auteur
Bob Wielenga

Ds. Bob Wielenga is emeritus predikant van de NGK Kampen en woonachtig in Zuid-Afrika.

‘De huiskamer creëert een incompleet kerkgevoel’

‘De huiskamer creëert een incompleet kerkgevoel’

Arie Kok
  • Reportage
  • Thema-artikelen
Kerkcoach Klaas Quist trekt lessen uit de coronacrisis

Kerkcoach Klaas Quist trekt lessen uit de coronacrisis

Karel Smouter
  • Interview
  • Thema-artikelen

Reageer op dit bericht

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief