De kerk als klooster in een ruige wereld

0

Negen monniken, een eenvoudig klooster, een klein Algerijns dorp. Glooiende, groene heuvels en een gruwelijke oorlog tussen regeringstroepen en islamitische terroristen. De grote vraag in de film Des hommes et des dieux is: weggaan of blijven? Moeten de monniken, nu de dreiging zo dichtbij komt, terug naar hun familie in Frankrijk of blijven ze bij de Algerijnse dorpelingen, op de plek waar God hen heeft geroepen?

Gert-Jan Segers: 'Nog altijd moedigen deze weerloze broeders ons aan om vol te houden.' (beeld Rufus de Vries)

Gert-Jan Segers: ‘Nog altijd moedigen deze weerloze broeders ons aan om vol te houden.’ (beeld Rufus de Vries)

De broeders in het waargebeurde verhaal zijn geen helden. Twee van hen verstoppen zich als bange kinderen als de terroristen zich voor het eerst laten zien. Zelfs in de ogen van prior Christian is het gebed te lezen: ‘O God, laat deze drinkbeker aan mij voorbijgaan.’

Terwijl de burgeroorlog zijn tol eist – buitenlanders wordt de keel doorgesneden, inzittenden van auto’s worden neergemaaid – klampt de kloostergemeenschap zich vast aan haar heilige ritme. Gebeden worden gebeden, liederen gezongen, de eucharistie gevierd, het land bewerkt, zieken geholpen en naar dorpelingen geluisterd.

Een heilzaam ritme. Terwijl de monniken hun lied zingen, komt er een helikopter dreigend boven het klooster hangen. De mannen zingen zo dapper mogelijk door, schuifelen naar elkaar toe en slaan de armen om elkaars schouder. Zo staan negen weerloze broeders oog in oog met de kracht van geweld. Een ontroerend beeld van een zwakke, kleine kerk in een wrede wereld.

De mannen blijven zich gewoon in het dorpsleven mengen. Een verliefd meisje vraagt een keer aan één van hen: ‘Ben jij weleens verliefd geweest?’ ‘Meerdere keren’, antwoordt hij, ‘maar toen kwam er een grotere liefde in mijn leven.’

De gouverneur waarschuwt de monniken dringend om te vertrekken. Maar hoe groter de dreiging van het geweld, des te duidelijker hun antwoord. Bij de beslissende stemming gaan één voor één de handen omhoog: de monniken blijven waar God hen geplaatst heeft. Ze vieren één van de laatste avondmaaltijden met muziek, wijn en een ernstige vreugde. Ze buigen niet voor geweld. Hun hoop en hun geloof blijken sterker dan de dood. Niet veel later worden zeven van de broeders gekidnapt door de islamisten. Twee maanden later worden ze dood teruggevonden.

Het is nu zestien jaar later. Soms droom ik ervan, van de gebeurtenis zelf of van de film. Nog altijd moedigen deze weerloze broeders ons aan om vol te houden. Nee, er hangt geen helikopter boven onze kerk en ik heb hier thuis nog geen bezoek gehad van islamisten. Maar vroeg of laat – en is verleiding in alle soorten en maten er nu al niet? – staan ook wij voor de verleiding om weg te lopen, ons aan te passen aan deze wereld of de vieringen en bijeenkomsten van de christelijke gemeenten te verzaken.

Maar het is dit geloof dat ons dicht bij God en elkaar houdt. En het is deze liefde die ons midden in deze ruige wereld plaatst. Precies daar waar Jezus ook was.

Gert-Jan Segers (47) is fractievoorzitter van de ChristenUnie in de Tweede Kamer.

022077-vijfde-droom_2Mijn droom voor de kerk van de toekomst is dat iedereen op zijn of haar eigen manier actief zal zijn in de gemeente. Tegenwoordig worden in de meeste kerken de talenten van mensen nog niet optimaal gebruikt. Ook droom ik van een kerk waarin kinderen, jongeren, volwassenen en ouderen meebeslissen over de invulling van de diensten, in plaats van dat één groep dat doet. Op die manier zal een gemeente in de toekomst dichter naar elkaar én naar God groeien.

Matthias, 16 jaar

Delen.

Over de auteur

Laat een reactie achter