Een snoeptrommeltje vol onuitputtelijke liefde

OnderWeg | 29 oktober 2016
  • Achtergrond
  • Special 2016
  • Thema-artikelen

Ik droom best vaak over een andere, nieuwe toekomst van de kerk, ook van mijn eigen kerk. Toch heb ik flink gestoeid met het verzoek om die droom op papier te zetten. Analyse, opinie en drang naar evenwichtigheid liet ik uiteindelijk los om mijn fantasie alle ruimte te geven. ‘De gestelde toestanden zijn vrucht van de verbeelding’, schreef C.S. Lewis ergens. ‘Maar het bevat natuurlijk – dat was althans mijn bedoeling – wel een moraal.’ Dat geldt ook voor mijn droom hieronder.

Het begon allemaal nadat zuster Gulhand een zilverkleurig doosje met snoephartjes had doorgegeven. Ze deelde altijd snoepjes uit, daar stond ze om bekend. Maar dit keer was het een doosje vol glanzend rode hartjes. Ik rook wierook en mirre.

Waar een rol pepermunt normaal gesproken aan het einde van de kerkbank weer teruggaat naar de gever, ging het doosje nu ook naar de bank voor ons. Niemand keek daarvan op, ook niet toen de hartjes de volgende en weer de volgende bank doorgingen, net zo lang tot letterlijk alle kerkgangers op een snoephartje sabbelden.

Zuster Gulhand had het glanzende doosje weer op schoot. Ik zag dat het nog vol hartjes zat. ‘Onuitputtelijke liefde’, krabbelde ik in mijn aantekeningenboekje.

Nog voordat ik mijn pen van het papier haalde, zette het orgel in, terwijl iedereen ging staan. Tot mijn verbazing hief de altijd bedrukt kijkende zuster Heidelberg haar handen omhoog. Achter haar nam broeder Strengers het immer wiebelende dochtertje van het gezin Rumoer op de arm. Zonder aarzelen stond ook ik op en zag de liedtekst van ‘Samen in de naam van Jezus’ op de muur verschijnen. Op het donkere psalmbord ernaast verscheen een streepje verfrissend ochtendlicht. Massaal (sommige gemeenteleden hand in hand, een verloste glimlach op het gezicht) galmde het bekende lied door de kleine, orthodox-gereformeerde kerk.

Toen we stopten met zingen, ging de deur naast de preekstoel open. De koster kwam binnen, droeg een groot, ruwhouten kruis de kerk in en zette het voorin. De stilte die plots inviel, kan ik moeilijk beschrijven. Wel wat daarna gebeurde.

Zwijgend liepen we met elkaar naar het kruis toe. Gemeenteleden, maar ook mensen die ik nooit eerder gezien had. Vier buurtbewoners knielden neer voor het kruis, evenals een groepje vluchtelingen die ooit in de kerk te gast waren geweest.

Als laatste liep zuster Gulhand naar voren, in haar hand het zilveren snoepdoosje. Of het een droom was wat er toen gebeurde of echt, weet ik niet. Misschien kom ik het wel nooit te weten. Maar toen zij knielde voor het houten kruis, haar handen open om te ontvangen, veranderde haar zilveren snoeptrommeltje in een glanzende schaal en beker. Er lag brood op de schaal en er zat wijn in de beker.

Daar, bij het kruis, in die kleine orthodox-gereformeerde kerk, lagen de universele tekenen van Gods onvoorwaardelijke liefde voor het grijpen voor heel de knielende, kleurrijke gemeenschap. ‘Onuitputtelijke liefde’, schreef ik opnieuw in mijn boekje. ‘Amen’, klonk het uit ieders mond.

Esther de Hek (43) is tekstschrijver, OnderWeg-columnist en lid van de CGK Utrecht-West.

022089-zesde-droom_2Kerken worden kleiner doordat jongeren eruit stappen. Volgens mij vooral omdat de meeste kerken heel erg bij het oude willen blijven, terwijl veel jongeren juist vernieuwing zoeken. De dominees preken te ‘oud’, dus meer gericht op veertig- en vijftigplussers, en de liederen blijven te traditioneel: psalmen op het orgel. Niet dat de psalmen weg moeten, maar alleen psalmen en gezangen is voor de jeugd niet genoeg. Ik droom van een kerk die meer op jongeren gericht is, door ‘jongere’ preken, andere liederen, een bandje en avonden waarop jongeren hun ei kwijt kunnen. Ik zie het om me heen te veel gebeuren dat jongeren uit de kerk stappen, omdat alles bij het oude blijft.

Roel, 19 jaar

Meest gelezen

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Koert van Bekkum
  • Verdieping

Verwijst het begin van Genesis naar dingen die zijn gebeurd? Of spreken de hoofdstukken vooral over ons menselijk bestaan als zodanig, en over hoe God redt? Het laatste natuurlijk, aldus ds. Ulbe van der Meer afgelopen mei in dit blad. Laten we het profetisch-symbolische karakter van het paradijsverhaal omarmen. Dan zijn we af van ingewikkelde discussies over historiciteit, leren mensen hoe mooi en krachtig de Bijbel spreekt, en werpen we geen onnodige drempels op voor jongeren en buitenstaanders. 

Lees artikel
Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Redactie
  • Redactioneel

Er is alle reden om binnen de Nederlandse Gereformeerde Kerken van gedachten te wisselen over hoe je het begin van Genesis leest en welke plek de zondeval daarin inneemt. Reina Wiskerke besprak in haar column het opinieartikel van dominee Ulbe van der Meer over Genesis 3 (ND 6 juni, link). Ze vroeg zich daarin af waarom Onderweg, maandblad voor de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK), zijn opvatting ‘dropt’ bij de lezers, zonder reflectie op de noodzakelijkheid, reikwijdte en consequentie van zijn opvatting.

Lees artikel
Kerknieuws juni 2026

Kerknieuws juni 2026

Redactie
  • Kerknieuws

Op 15 mei is ds. Johannes Theodoor Jonkman overleden. Hij werd op 13 januari 1950 geboren in Groningen en studeerde theologie in Kampen. In 1983 werd hij door GKv Drachten Zuid-Oost uitgezonden als zendingspredikant naar Kalimantan Barat (Indonesië). In 2000 werd hij gemeentepredikant in NGK Hardenberg-Centrum, waar hij vanaf 2015 aan verbonden was als emerituspredikant. De NGK Hardenberg-Centrum telt ruim 550 leden. Binnenkort verschijnt op onderwegonline.nl een in memoriam over ds. Jonkman.

Lees artikel
Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Lyanne De Haan-Wilts
  • Kerkelijk leven
  • Professorsprofiel

Ik ontmoet Myriam digitaal. Haar vakantie is net voorbij en dat is te zien, ze kijkt ontspannen met een kop thee de camera in. Toch geeft ze aan dat vakantie iets ingewikkelds heeft. Het leven als hoogleraar is gefragmenteerd en kent een permanente druk. De rust die vakantie brengt is elke keer weer even wennen. De adrenaline van haar dagelijks leven moet eruit en ze vindt het lastig om geen grip op zaken te hebben. Tegelijk hoopt ze dat ze de rust van de afgelopen vakantie mee kan nemen in haar werk van de komende tijd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief