Wet en genade in de praktijk

Bram Beute | 3 februari 2018
  • Opinie

Waarom vergeet je zo gemakkelijk dat God je aanvaard heeft? Het gaat niet om wat je hebt, wat je doet of wat je kunt, maar om zijn liefde. Pas nog sprongen de tranen in mijn ogen toen ik ergens de volgende samenvatting van Gods Woord las: ‘Ik spreek je vrij. Door het bloed van mijn Zoon ben je volkomen goed in mijn ogen.’ Het is een overbekende en uitgesleten boodschap en toch ben je die zomaar kwijt.

Het is vaak moeilijk te geloven dat God ons liefheeft. Dat heeft alles te maken met hoe je als mens door anderen bent gevormd. Een vader die je altijd weer wees op je tekorten. Een veeleisende moeder. Klasgenoten die je pestten. Enzovoort. Mensen vormen je, maar kunnen je ook misvormen. Wie weinig of geen liefde heeft ontvangen van mensen, kan ook niet zomaar geloven dat God haar of hem liefheeft. En niet alleen je persoonlijke omgang met anderen is vormend. Ook de systemen of praktijken van je dagelijks leven bepalen wie je bent.

Prenataal

In onze samenleving wordt vaak geroepen dat je mag zijn wie je bent. Maar de dagelijkse gang van zaken laat iets anders zien. Die lijkt meer op de wet die je veroordeelt dan op de genade die je vrijspreekt. Dat begint al voor je geboorte. Prenatale scans moeten uitwijzen of het verwachte leven wel de moeite waard is om geboren te worden. Ouders die een kindje met een handicap verwachten, krijgen van artsen, verplegend personeel en hun omgeving vragen: Weet je wel zeker dat je dit kindje wilt krijgen? Realiseer je je wel hoe zwaar het zal zijn, wat het van jullie en de rest van jullie gezin zal vragen? Is het wel de moeite waard?

Realiseer je je wel hoe zwaar het zal zijn?

Vanaf de geboorte gaan ouders met hun kindje regelmatig naar het consultatiebureau. Natuurlijk is dat een prachtige instelling, die allerlei ziekten en afwijkingen snel op het spoor kan komen. Tegelijkertijd spreekt daaruit dat er een norm is waaraan je kind moet voldoen. Past hij in de groeicurve? Kan ze wel op tijd staan en lopen? Is je kind wel normaal?

Schooladvies

Als je kind naar school gaat, gebeurt hetzelfde. Ik zie de meeste meesters en juffen hard werken om de kinderen veel liefde en aandacht te geven en ze te aanvaarden zoals ze zijn. Maar tegelijkertijd draaien de kinderen op school mee in een systeem waarin ze vrijwel van het begin af aan gemeten en geclassificeerd worden. Of het nu met cijfers is, een vijfpuntschaaltje of een letter. Kinderen hebben al heel gauw door: ik doe het goed, of: ik doe het niet zo goed. Dat wordt dan zomaar vertaald als: ik ben fantastisch want ik haal goede cijfers, of: ik ben toch niet zo geweldig, want ik haal niet zulke goede cijfers. Als je bijna van de basisschool gaat, krijg je een schooladvies mee. Ga ja dan naar ‘hoger’ of ‘lager’ onderwijs? Als je die woorden gebruikt, hoef je daarna niet meer te zeggen: ‘Het maakt niet uit, het is allemaal goed.’

En zo gaat het door in het werkzame leven: salarisschalen en de leaseauto drukken uit wat je volgens je baas of de cao (en je collega’s) waard bent.

Daarnaast wordt in reclame voortdurend het belang van jong zijn benadrukt. Haarverf, antirimpelcrème en regelmatig sporten moeten je jong houden. Maar wat als de rimpels niet meer weg te poetsen zijn en je conditie niet meer beter wordt? Als je echt oud wordt, wat is je leven dan nog waard?

Tastbaar

Je kunt in de kerk wel horen dat God onvoorwaardelijk van je houdt, maar als de dagelijkse praktijk van je leven iets heel anders zegt, is het heel moeilijk om die woorden te geloven. Die woorden moeten tastbaar worden. In de kerk gebeurt dat bijvoorbeeld bij de doop, en wel op een radicale manier: je moet sterven om door Christus te kunnen leven. Duidelijker kun je het niet maken: jij bent waardevol, niet door wat je doet of hebt, maar alleen vanwege Christus. En iedereen die het avondmaal viert laat dat zien: ik moet het niet van mezelf hebben, maar van Christus.

Haarverf, antirimpelcrème en regelmatig sporten moeten je jong houden

Ook in het dagelijks leven kun je dat zichtbaar maken. De eerste christenen verkochten alles wat ze hadden. Er was niet langer onderscheid tussen rijk en arm. Tussen mensen die het gemaakt hadden en mensen die het niet gemaakt hadden. In de kloosters bleef die traditie bewaard: gelijke monniken, gelijke kappen. Je kunt en hoeft je niet langer te onderscheiden door je kleding. Het enige bezit dat je hebt, is Christus.

Omkering

Kan zoiets vandaag ook nog? Gemakkelijk zal het niet gaan, want de wereld is er niet op ingericht en ontsnappen aan die machten kunnen we niet. Maar zou het echt onmogelijk zijn voor een christelijke school om niet langer cijfers of andere beoordelingen te geven, maar elk kind te stimuleren om haar of zijn specifieke eigen gaven te ontwikkelen? Zou een christelijke werkgever zijn personeel in dezelfde salarisschaal kunnen zetten en iedereen in dezelfde leaseauto kunnen laten rijden?

Als dat te radicaal is, misschien zouden we dan hier en daar een beginnetje kunnen maken door de kwalificeringen en normeringen van ‘de wereld’ minder serieus te nemen. Zoals Paulus dat bijvoorbeeld heel mooi doet. Hij legt uit dat het lichaam van Christus bestaat uit verschillende delen. Al die delen doen ertoe en de één kan niet zonder de ander. Toch worden ze niet allemaal gelijk behandeld. ‘De delen van ons lichaam waarvoor we ons schamen en die we liever bedekken, behandelen we zorgvuldiger en met meer respect dan die waarvoor we ons niet schamen. Die hebben dat niet zo nodig.’ Dat is een prachtige en hoognodige omkering. Predikanten en (andere) bekende christenen worden soms met meer eer behandeld dan andere mensen. Dat is volgens Paulus niet omdat ze beter zouden zijn, maar omdat ze het nodig hebben (1 Korintiërs 12:23-25).

Over de auteur
Bram Beute

Bram Beute is redacteur van OnderWeg en voorganger van Oase voor Nieuw-West en De Bron in Amsterdam Nieuw-West.

Meest gelezen

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Waarom het begin van Genesis ook over geschiedenis gaat

Koert van Bekkum
  • Verdieping

Verwijst het begin van Genesis naar dingen die zijn gebeurd? Of spreken de hoofdstukken vooral over ons menselijk bestaan als zodanig, en over hoe God redt? Het laatste natuurlijk, aldus ds. Ulbe van der Meer afgelopen mei in dit blad. Laten we het profetisch-symbolische karakter van het paradijsverhaal omarmen. Dan zijn we af van ingewikkelde discussies over historiciteit, leren mensen hoe mooi en krachtig de Bijbel spreekt, en werpen we geen onnodige drempels op voor jongeren en buitenstaanders. 

Lees artikel
Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Waarom in het kerkblad Onderweg mag klinken dat de slang in het paradijs niet sprak

Redactie
  • Redactioneel

Er is alle reden om binnen de Nederlandse Gereformeerde Kerken van gedachten te wisselen over hoe je het begin van Genesis leest en welke plek de zondeval daarin inneemt. Reina Wiskerke besprak in haar column het opinieartikel van dominee Ulbe van der Meer over Genesis 3 (ND 6 juni, link). Ze vroeg zich daarin af waarom Onderweg, maandblad voor de Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK), zijn opvatting ‘dropt’ bij de lezers, zonder reflectie op de noodzakelijkheid, reikwijdte en consequentie van zijn opvatting.

Lees artikel
Kerknieuws juni 2026

Kerknieuws juni 2026

Redactie
  • Kerknieuws

Op 15 mei is ds. Johannes Theodoor Jonkman overleden. Hij werd op 13 januari 1950 geboren in Groningen en studeerde theologie in Kampen. In 1983 werd hij door GKv Drachten Zuid-Oost uitgezonden als zendingspredikant naar Kalimantan Barat (Indonesië). In 2000 werd hij gemeentepredikant in NGK Hardenberg-Centrum, waar hij vanaf 2015 aan verbonden was als emerituspredikant. De NGK Hardenberg-Centrum telt ruim 550 leden. Binnenkort verschijnt op onderwegonline.nl een in memoriam over ds. Jonkman.

Lees artikel
Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Professorsprofiel: Myriam Klinker-de Klerck

Lyanne De Haan-Wilts
  • Kerkelijk leven
  • Professorsprofiel

Ik ontmoet Myriam digitaal. Haar vakantie is net voorbij en dat is te zien, ze kijkt ontspannen met een kop thee de camera in. Toch geeft ze aan dat vakantie iets ingewikkelds heeft. Het leven als hoogleraar is gefragmenteerd en kent een permanente druk. De rust die vakantie brengt is elke keer weer even wennen. De adrenaline van haar dagelijks leven moet eruit en ze vindt het lastig om geen grip op zaken te hebben. Tegelijk hoopt ze dat ze de rust van de afgelopen vakantie mee kan nemen in haar werk van de komende tijd.

Lees artikel

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief