De Afscheiding in de Bommelerwaard

1992-10-09
  • Jaargang 36
  • nummer 21
Wijlen Dr. C. Smits heeft in zijn boeken over de Afscheiding veel gegevens verzameld over de Afscheiding in de Bommeierwaard. Hij kon niet alles publiceren wat hij wist, maar heeft veel aantekeningen nagelaten, waarmee verder kan worden gewerkt. Hij heeft de notulenboeken van de afgescheiden kerken, voor zover aanwezig, bestudeerd, waarbij één notulenboek echter buiten beschouwing bleef, nl. dat van de kerk in Weil. Deze kerk is jaren geleden opgeheven, evenals de gereformeerde kerken te Aalst en Hoenzadriel. Van deze kerken was aan het eind van de dertiger jaren predikant Ds. G. Snel. Hij had vier gemeenten, de kerken in de al genoemde dorpen en die van Rossum. In Rossum woonde hij en van hieruit trok hij met z'n auto de halve Bommeierwaard door om zijn werk te doen. Zondags preekte hij drie ol vier keer. Tijdens de tweede wereldoorlog moest hij zijn auto afstaan en toen deed hij zijn werk op de fiets.
Van de kerk in Weil is bewaard gebleven een cahier met een ledenregister, een doopregister en de notulen van de kerkeraadsvergaderingen vanaf 1839. Het maken van notulen was voor de broeders blijkbaar erg moeilijk, want vanaf 1860 worden ze regelmatig vermaand door kerkvisitatoren, dat er kerkeraadsvergaderingen moeten worden bijgehouden.
Voorin het schrift staat te lezen: "Acten Der Herstelde Gereformeerde Gemeente te Wel en N. Hemert...".
Weil en Nederhemert liggen vlakbij elkaar en het gebouw, waarin jarenlang de kerkdiensten werden gehouden, staat op de grens van beide dorpen.
De eerste ouderlingen waren Jan Straver en Aart Kraaij. Ze werden bevestigd door Ds. H.P. Scholte te Doeveren.
Op 24 juni 1835 werd gedoopt "Maaijke Dogter van Arie Jansse Bok en Johanna Valkenburg, Egtelieden te Weil". Deze Maaike deed belijdenis op 1 april 1863 en was toen niet zo jong meer. Het was trouwens een algemeen verschijnsel in de afgescheiden kerken in de Bommeierwaard, dat men vrij laat openbare belijdenis deed en dat had alles te rnaken met de moeite, die men had met de avondmaalsvieringen.
Er waren al snel grote problemen in de kleine gemeente van Weil. In 1839 wordt een lid van de gemeente na drie afkondigingen 'afgesneden'. Het volgende jaar zijn er kwesties met drie andere leden en in 1840 wordt een ouderling uit zijn ambt ontzet in verband met overspel. Jaren later wordt hij. na schuldbelijdenis, weer tot het ambt toegelaten.
In 1866 wil een broeder een herberg beginnen, die ook op zondag open zal zijn. Besloten wordt de zaak voor te leggen aan de classis. Grote problemen zijn er in 1867, als de beide ouderlingen, A. Kraaij en P. van de Zalm, naar Amerika zijn vertrokken. Het is moeilijk om andere ouderlingen te vinden. Diaken Bok stelt dan voor om P. van de Weerd, die nog lid is van de Hervormde Kerk, te bewegen lid te worden van de gemeente teneinde hem daarna voor te dragen als ouderling.
Er wordt met kerkvisitatoren gesproken en die gaan akkoord. Dezelfde avond nog wordt Van de Weerd lid van de kerk van Weil en op 14 november 1867 wordt hij bevestigd als ouderling.
In de kerkeraadsnotulen van 31 augustus 1882 wordt gehandeld over het kerkgebouw. Sinds 25 december 1881 vergaderde de gemeente in een nieuw gebouwd kerkje. De kosten van deze nieuwbouw werden gefinancierd door een lid van de gemeente, mevrouw Bok-Valkenburg. In 1882 schold ze een bedrag van f 1.000,- kwijt, waarvoor de kerkeraad haar uiteraard erg dankbaar was. Er werd dan ook besloten aan mevrouw Bok een eigen bank te geven binnen het doophek, "waarvan zij kosteloos en ongehinderd gebruik kan maken haar leven lang".
In 1883 waren er problemen met de predikant, die de gemeente had samen met de kerk van Aalst. Hij moet worden geschorst, maar een aantal maanden is het weer 'vergeven en vergeten' en doet de predikant zijn werk weer, hoewel er toch wel iets aan de hand was geweest. In het schrift worden jaarlijks de ontvangsten en uitgaven vermeld. In 1884 bv. werd ontvangen f 374,05 en uitgegeven f 552,73, zodat er een tekort was van f 148,68.
In 1905 wordt gesproken over de preken, die worden gelezen tijdens de leesdiensten. De 'oude schrijvers' zijn erg in trek. Ook komt het avondmaalsbezoek weer aan de orde. Van de 85 belijdende leden nemen slechts 8 mensen deel aan de vieringen. En als jongelui belijdenis willen doen, wordt bij het onderzoek gehandeld "naar de leidraad van Hellenbroek" . Er is natuurlijk meer te vertellen over de kerk van Weil. Voorlopig laat ik het hierbij.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief