Een veilig huis

1992-11-06
  • Jaargang 36
  • nummer 23
"Gij doet mij rusten tot de morgen en wonen in een veilig huis."
Zo heeft Heeroma de laatste regels van Psalm 4 verwoord. Deze zinnen gaan sinds zondag 4 oktober door m'n hoofd. In de verbijsterende blik op een brandende flat denk je: ben je dan nergens meer veilig? De diverse sprekers op de herdenkingsbijeenkomst begonnen daar allen bijna zonder uitzondering over. De mensen van flats Groeneveen en Kruitberg, die binnen de veiligheid van hun eigen huis doende waren met de voor hen gebruikelijke zondagse bezigheden totdat het vliegtuig daar wreed een eind aan maakte. Je beseft de waarde van het veilig wonen weer eens, maar ook de betrekkelijkheid!

Je kijkt de mensen in zulke omstandigheden diep in de ziel. Wat een angst moet daar overblijven. Ik heb wat flitsen van de herdenking op 11 oktober gezien, want ik had het verder te druk met m'n kerkdiensten. Het kwam heel waardig op mij over, maar ook veelkleurig. Dan bedoel ik niet alleen herkomst van getroffenen, maar vooral de diversiteit in levensovertuiging. In een soort New Age-gebeuren van alles bij elkaar had men geprobeerd alle herdenken eensgezind te doen plaatsvinden.
Bij alle respekt en waardering was er bij mij eenzelfde gevoel als op een herdenking van de bevrijding met alle medeburgers van je stad. Je motivaties, je geloof spelen dan een grote rol. Je deelt veel, maar niet alles. Als ik in de Bijlmer woonde had ik er zeker bij willen zijn in de RAl, maar zonder de kerkdienst had ik het niet op kunnen brengen. Je zoekt de wezenlijke troost bij God. Niet dat het ontbrak. Juist door de mensen uit Suriname en Antillen werden de geloofstonen niet verzwegen. Premier Liberia-Peters (met haar gebedsoproep) en president Venetiaan (met zijn opmerking dat Surinamers ook dit zien als de wil van God) gingen hierin voor. Ook premier Lubbers liet iets van zijn geloof en zijn vragen aan God horen. Je moet als burgers van een land zoveel mogelijk samen doen, maar je kunt niet alles delen. Die grens voelde ik regelmatig. Maar het een hoefde ook niet zonder het ander. In hoeveel kerken is er op 11 oktober niet eensgezind de roep om Gods hulp geweest! .
Heel indrukwekkend vond ik toen onze organist de melodie van "Heer, herinner U de namen van hen die gestorven zijn ..." speelde. Daar heb je het nu: bij ons zijn de namen soms onbekend, maar Hij weet het. Hij kent de zijnen.
Het is een van de afschuwelijkste zaken, dat we niet eens precies weten wie omgekomen zijn. Ik heb veel respekt voor burgemeester Ed van Thijn; er is door allen met grote inzet en veel gevoeligheid gewerkt, maar hier is een kwalijk te nemen nalatigheid aan het licht gekomen. Als je met diverse bestanden van gegevens nog niet eens kunt ontdekken wie in de huizen wonen, dan vraag je je af welke staat van onderontwikkeldheid we bereikt hebben. We weten nu niet precies wie er omgekomen zijn; maar zo kunnen we al die mensen als samenleving ook niet beschermen. Het is nu niet de tijd om dat aan de kaak te stellen, maar wel om dat te konstateren. Ze zullen je naam toch niet weten! Je veiligheid is dan geheel zoek.
Op de dag van het ongeluk, zondag 4 oktober, lazen we in de (doop)diensten de belofte in Jesaja 4 over de rest die God behoudt "ieder die in Jeruzalem ten leven is opgeschreven". God houdt de lijsten van de burgers van zijn rijk bij. Wie denkt dan ook niet aan de namen die volgens Openbaringen in het boek des levens zijn geschreven.
Hij kent de zijnen bij name. Dat is de grootste troost die er op aarde bestaat. Ook nu we nog in onveilige huizen wonen. Iets waarvan je tegen anderen kunt spreken, maar wat je niet met iedereen deelt. Ook dat ervaar je heel pijnlijk in deze toch al zo pijnlijke dagen. Er is er een die weet waar wij wonen!

Dit artikel schreef Ds. K.T. de Jonge te Almere in het 'KERKBLAD VOOR HET NOORDEN' (orgaan van de Chr. Geref.
Kerken). Hij heeft ons met een puntige verwoording van zijn gedachten rondom dat afgrijselijke gebeuren d.d. zondag 4 oktober 1992 een goede dienst bewezen. Elk christenmens heeft de roeping om de confrontatie met deze vreselijke ramp in het geloof te verwerken. Soms stort je je hart voor God in het gebed uit en heb je zodoende heel wat aan je hemelse Vader te vertellen. Er zijn ook momenten van bezinning, die gekenmerkt worden door een intense schreeuw: ,,0 God, help toch om Jezus' wil!". Het ontroerde me toen ik tijdens de stille tocht naar de plaats van de ramp d.d. zondag 11 oktober jl. via de tv-uitzending hoorde zingen: "Er ruist langs de wolken een lieflijke Naam".

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief