Als alles politiek is ... (2)

1989-06-09
  • Jaargang 33
  • nummer 12
N.a.v. Henk Woldring, "Als alles politiek is..."
Uitg. Kok, Kampen, 1.987,93 blz.
Prijs f 14,90.

3. De bergrede en de politiek

Met de bergrede kunnen christenen volgens Kuitert in de politiek niets beginnen en zij moeten dat ook niet willen. De klassieke theologie heeft volgens hem nimmer van de bergrede in de politiek willen weten.
Woldring merkt op blz. 32 van zijn boekje (naar mijn mening terecht) op, dat dit laatste in zijn algemeenheid niet juist is. Augustinus en Luther bijv. betrokken de door hen van elkaar gescheiden 'rijken' of 'regimes' met behulp van de bergrede op elkaar. De Bergrede kreeg volgens Woldring bij deze theologen een soort speerpuntfunktie, die het 'rijk' van de wereld of politiek binnendringt teneinde in dat rijk veranderingen te bereiken. Zo heeft Luther niet geschroomd met de bergrede bij de Duitse vorsten aan te komen. Juist vorsten en rechters dienen volgens Luther de vrede te dienen, zachtmoedig en rechtvaardig te zijn. De stijl van de bergrede maakt hen tot echte vorsten en rechters. Ik zou hieraan willen toevoegen: de stijl van de bergrede maakt iemand niet alleen tot een echt christen, maar ook tot echte werkgever, echte werknemer en noem maar op.
In de politiek gaat het volgens Kuitert echter om:
1. politieke en maatschappelijke idealen. 2. machtsstrijd en machtsverwerving om die idealen te bereiken.
Macht en machtsverwerving zijn volgens hem kenmerkend voor de politiek. Volgens Woldring is er in de politiek echter meer aan de hand dan alleen maar het realiseren van idealen door middel van macht en machtsverwerving. In de politiek gaat het om het regeren van de staat en het vormgeven aan de samenleving met behulp van de overheidsmacht.
Dit veronderstelt, aldus Woldring, een bepaald mens- en maatschappijbeeld en een bepaalde kijk op de aard van de staat en de bevoegdheden van de overheid.
Politiek is altijd op weg, bijv. naar een chr. democratische maatschappij = een verantwoordelijke maatschappij, waarin de oriëntatiepunten voor de burgers en de Overheid rentmeesterschap en solidariteit zijn (of rentmeesterschap, recht en gerechtigheid).
Kuitert spreekt over principes van humaniteit (is ook rentmeesterschap, recht en gerechtigheid), die nodig zijn in het bedrijven van politiek.
Deze principes in de politiek zijn volgens hem echter algemeen menselijk, deze komen op uit de schepping en deze hoeft de politiek niet uit de Bijbel te halen of te ontvangen van de kerk of van de theologen.
De wereld draagtop grond van de ervaring met de schepping. volgens Kuitert ook kennis van goed en kwaad. In zijn visie speelt de opvatting over de algemeenheid van de principes van humaniteit een cruciale rol.
De bijbel, de theologen, de kerk hebben volgens Kuitert geen boodschap voor de wereld; de wereld heeft zelf wel weet van die boodschap op grond van de ervaring met de schepping, op grond van de algemene principes van humaniteit: o.m.
het opkomen voor de armen, weduwen, wezen en hongerigen, verzet tegen martelingen en uitbuiting, een rechtvaardige verdeling van beschikbare goederen, etc. Kijk bijvoorbeeld maar eens naar ons systeem van sociale zekerheid; daar is geen Bijbel of theoloog aan te pas gekomen zou Kuitert zeggen.
De wereld is daar zelf wel op gekomen, althans het zijn bepaald niet alleen christenen geweest, die hier het nodige hebben gedaan.
Kuitert zegt hier dingen, waar ik het voor een goed deel wel mee eens ben, wanneer ik mij althans baseer op mijn kennis van maatschappelijke en economische systemen. De wereld heeft de kerk of de theologie op dat terrein tot op heden zo goed als niet nodig gehad, ook al niet, omdat de wereld dit soort problemen tot dusverre beter analyseert dan kerk of theologen. Ook de wereld weet wat van mensen te verwachten is en is wars van allerlei wereldvreemd idealisme op dit gebied.
De wereld weet. maar al te zeer dat mensen, maatschappelijk en politiek zo goed als niets om elkaar geven. Wij betreuren als christenen dat dit zo is, maar het wordt er niet anders van. De wereld betreurt het ook. Dit feit heeft, naar ik al eerder geschreven heb, normatieve betekenis voor de inrichting van de samenleving.
Deze inrichting dient met dit feit rekening te houden en niet gebaseerd te zijn op allerlei wereldvreemde idealen, waar in de praktijk niets van terecht komt en die daarom juist averechts werken. De praktijk is vol van voorbeelden hiervan.

Wel is het zo, dat een christen op elk gebied naar de bergrede heeft te leven (iedereen in de wereld moet dat) en van christenen mogen, ja moeten we dat ook eisen en verwachten.
Maar wat de rest, de inrichting van de samenleving betreft, dient men terughoudend te zijn bijbelse normen zo maar te willen overbrengen naar de maatschappij.
Wat de inrichting daarvan dus betreft: daarbij dient men stevig rekening te houden met het feit, dat mensen goeddeels egoïsten zijn wat hun maatschappelijk. gedrag betreft.
Naar mijn mening heeft de wereld dat beter door dan de kerk, althans 'wanneer ik vertegenwoordigers of leden daarvan hoor spreken of schrijven. Het rijk der wereld is anders dan het rijk der kerk, al zijn ze niet te scheiden en beïnvloeden ze elkaar, kunnen van elkaar het een en ander leren. In elk geval is men er niet door in de kerk te doen alsof het in de wereld precies zo toegaat als in de kerk. Theologen en ethici hebben hier naar mijn mening te weinig oog voor; ze hebben er ook geen ervaring mee. Ze kennen de wereld te weinig zoals deze reilt en zeilt en wat de problemen in bijvoorbeeld de bedrijven zijn. Ze zadelen ,deze het liefst op met allerlei fraaie vondsten, die een normale bedrijfsuitoefening zo goed als onmogelijk maken.
Ik heb hier natuurlijk niet op het oog de broodnodige aanscherping van bijv. de milieuwetgeving, want dat is geen fraaie vondst, maar een levensnoodzaak, wil deze wereld overleven. Maar dat heeft wereld zelf ook wel door. Nu is Kuiterts opvatting over kerk en politiek niet altijd consistent. We zagen dat reeds eerder. We zien het ook, aldus Woldring, wanneer Kuitert schrijft, dat Jezus ook gezien kan worden als een leermeester voor de politiek en goede politiek trekken vertoont van de messiaanse wereld.
Maar hiermee zegt Kuitert in feite, dat de bergrede wel oriëntatiepunten biedt voor ons politiek handelen.
De bergrede biedt die punten ook en is bedoeld om armen en verdrukten een hart onder de riem te steken, schrijft Woldring (blz. 39). In de bergrede komen zinnen voor, die .
niet alleen voor ons persoonlijk leven, maar die ook politiek van belang zijn: Gij zijt het zout der aarde; Gij zijt het licht der wereld, Uw gerechtigheid zij overvloediger dan die van schriftgeleerden en farizeeën.
Ook woorden als "de andere wang toekeren", "nog een mijl meegaan"
zijn volgens Woldring praktisch toepasbaar in de politiek in de zin van: het gedrag van een tegenstander niet beslissend laten voor je eigen gedrag, hem/haar met een situatie confronteren, waarop niet werd gerekend, de status-quo subtiel doorbreken, zo mogelijk met iemand in gesprek komen en niet sterken in zijn kwaad gedrag (blz. 40). Nu betreft dit naar mijn mening het persoonlijk gedrag van iemand (ook wel in overheidsfunktie) in de wereld dan wel het concrete handelen van de Overheid. Het is naar mijn mening echter wel te verdedigen, dat het persoonlijk gedrag, dat de bergrede ons voorschrijft, ook van invloed is op de inrichting van de samenleving. Mits men hier een goede analyse van de politieke en maatschappelijke problemen niet vervangt door alleen maar fraaie en onnozele dan wel irreële vondsten, die men zegt aan de bergrede te ontlenen en die in de praktijk meer kwaad dan goed stichten, omdat ze in deze boze wereld averechts werken.
Nogmaals: de wereld heeft dit heel gauw door.
Misschien moet men dit in navolging van Abraham Kuyper algemene genade (van God) noemen. God laat de wereld (nog) niet aan het (totale) verderf over; dat is volgens Luther de reden, dat elke dag de zon opgaat.
De opgaande zon staat borg voor Gods weerhouding van het kwaad . Wat betekent dit alles voor het spreken van de kerk over politiek, over de politieke' verantwoordelijkheid van de kerk, waar Woldring het overheeft? Kuiterts standpunt heeft naar mijn mening ook betekenis voor de christelijke politiek. Als de Bijbel in principe niets zegt over' politiek en de wereld zelf buiten de Bijbel om wel weet wat het in politiek en maatschappelijk opzicht moet doen of laten, waarom is dan nog christelijke politieke partijvorming nodig?

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief