Organist gezocht!

1987-02-06
  • Jaargang 31
  • nummer 5
"In de Spieghelkerk van de Hervormde Kerk te B. staat een klein, volgens oude principes gebouwd, orgel. Het is een tweeklaviers instrument, met pedaal."

Zo begint een vriendelijke advertentie in "Eredienstvaardig". 'En vervolgt: "wegens vertrek van onze organist willen wij in contact komen met een echte musicus, die tijdens onze diensten onfraaie orgel tot klinken brengt. WIJ verlangen van hem/haar affiniteit met de kerkmuziek, grondige kennis van de (kerkelijke) orgelliteratuur, en perfectie in het (bege)leiden en stimuleren van de gemeentezang. Voor de muzikale vertaling en omlijsting van het gesproken woord verwachten wij een originele doch geen experimentele benadering.
Het bezit van een praktijkdiploma kerkmuziek strekt tot aanbeveling, terwijl kerkelijke meelevendheld vereist is, onze kerkelijke gemeente kent, een lange cultureel-muzikale traditie, die wij gaarne - al zijn onze geldmiddelen beperkt - willen voortzetten. Daarbij speelt onze organist, mede met behulp van gemeenteleden bijvoorbeeld in de vorm van een cantorij, een centrale en stimulerende rol.
Degenen die zich tot deze' functie aangetrokken .voelen wordt verzocht, zo spoedig mogelijk te schrijven naar ... "
(enz.).

Uw schrijver behoort tot degenen, die zich sterk aangetrokken voelen tot deze functie. Een kerk met een fraai orgel heeft, grote aantrekkingskracht, voor wie nog het verschil kent tussen geluidsmachines en muziekinstrumenten.
De waardering voor het 'werk van de kerkmuzikant, leider en stimulans van de gemeentezang .genoemd, werkt gewoon animerend, begeesterend, Dat de geldmiddelen beperkt zijn is geen bezwaar; 'dat men dénkt aan een honorarium is voor schrijver dezes al voldoende (en als de kerk armlastig is zou hij het vermoedelijk toch terugstorten). En vraagt men perfectie van zijn orgelkunst - wel, wie nog geen 24 karaats organist voelt zich nu toch verplicht dat binnen drie maanden te worden.
Dan' een cantorij .en groep gemeenteleden, die bereid zijn enkele uren per week ,te geven aan de voorbereiding van een fijne kerkdienst;' is het niet om te watertanden?
Toch .. Wanneer u deze dingen leest moet u (moogt u) niet denken aan de persoonlijke hobbie van uw schrijver.' Probeer liever deze advertentie eens te lezen als een meelevend gemeentelid, weliswaar niet van de, N.H.K. te B., 'maar vaneen N.G.K. erg ons in Nederland.
Zoekt men bij u ook een organist met deze kwaliteiten? Met, kennis van de kerkelijke orgellitteratuur? Affiniteit met de kerkmuziek? Perfectie in het kerkelijk spel? Bekwaamheid om een cantorij te leiden en de gemeente nog te stimuleren: op oorspronkelijke, maar niet experimentele wijze? Of heeft u die organist misschien al gevonden! Dan proficiat. Want het gaat om het lofoffer der gemeente de varren der lippen die Zijn naam belijden, zegt de Schrift. Het gaat om het dank U wel op Gods genadegaven,zijn Woord, 'zijn schuldvergeving, zijn, bemoediging, zijn troost, zijn vermaning, zijn terechtwijzing zo nodig. Het gaat om de lofzangen van Israël, om de psalmen van David en de profeten. Het gaat om ons aandeel in de eredienst, een aandeel, dat boven elk geloof uitgaat: want met het hart geloven wij tot behoud - maar met de mond belijden wij tot zaligheid!

Het is al bijna twee jaar geleden, dat op deze plaats uw aandacht gevraagd werd voor de \ kerkmuziek; dat u duidelijk gemaakt werd dat kerkmuziek niet de hobby van een toevallig muzikaal gemeentelid, maar zaak van de ' zingende en gelovende kerk zelf is. Herinnert u het zich nog? Komt de vraag misschien gelegen: of uw gemeente hier, intussen iets aan gedaan heeft? Of gaat de, eredienst van de allerhoogste God eigenlijk nog een beetje langs' ons heen? Is het orgelspel ' voor u goed genoeg, zoals een landelijke kerkenraad het uitdrukte? Of is uw kerkzang goed genoeg voor de Gever van alle talenten? Een van de kleine profeten, denkende aan de Goddelijke regels voor een volmaakt tempel offer, en ziende 'op de blinde, kreupele en zieke offerdieren in de tempelvoorhof, riep 'in woede uit: "probeer dat uw landvoogd eens aan te bieden!"
Wij stellen allemaal prijs op een zuivere Woordbediening. Geen commentaar is te nieuw, geen pas verschenen studie blijft onvermeld, geen voorpagina ongelezen. Drie punten en niet minder,' en een toepassing om mee naar huis te nemen. De preek hoeft niet kort te zijn, als de volle raad Gods" maar onversneden wordt opgediend. En dat is goed, allemaal goed en prijzenswaard. Maar waar blijft ons antwoord?
Waarom zouden we de mug uitziften en (Je kameel doorzwelgen?
De vraag is: besteden wij gaarne en volledige aandacht aan de kerkzang, aan de zuiverheid zowel als aan de muzikaliteit en welluidendheid daarvan? Zoeken wij naar de zangmeester,die ons op passend niveau weet 'te brengen? Stellen wij hem/haar in de gelegenheid, zich op dit punt door jarenlange studie te bekwamen? Om praktisch te zijn: staat onze zang op het niveau van de algemene klassieke muziek, die we van tapes en disès naar believen produceren? Of neemt de kerk genoegen met schurftige, kreupele en zieke lofoffers?
Toen onze kerken de ritmische psalmwijzen in gebruik namen, werden op veel plaatsen oefenuurtjes gehouden. ' Daarbij werd gespróken, vragen beantwoord, geoefend, gekeurd; verbeterd en geluisterd. En er kwam aandacht voor de kerkzang. Toen de nieuwe berijming geleidelijk in gebruik kwam hebben diverse kerken daar eveneens werk van gemaakt: de berijmingen besproken, vergeleken met de oude; tegelijk werd meer aandaoht gegeven aan de tekst vim' ons lied, die verstaanbaar was geworden. En bij het beproeven" en invoeren van het Liedboek voor de Kerken was er opnieuw gelegenheid om bewust zingen de die liederen te proeven, in ons op te nemen, ze ons eigen temaken. Dat gaf een extra dimensie aan onze kerkmuziek, Het deed de behoefte gevoelen aan zangmeesters, die geleerd zijn in de zang des Heeren, allen meesters. Wij hebben al jaren een landelijke Liturgische Werkgroep, die voor ons uitmaakt wat we beter wel en beter niet kunnen zinnen. Maar hebben we ook een landelijke commissie voor de kerkmuziek; die onze organisten, koorzangers en zingende, gemeenteleden rugsteunt? Of beter: is uw organist actief lid van de Gereformeerde Organistenvereniging?

In "Organist en Eredienst" schreef Folkert Grondsma een half jaar geleden het ,volgende verhaal van een vergelijkend examen. "Op verzoek van de Gereformeerde Kerk te Maassluis werd op 12 mei j.l. een vergelijkend examen gehouden in de Maranathakerk,waarvoor zich drie kandidaten hadden aangemeld. Een kandidaat trok zich terug wegens een benoeming elders. De overige twee kregen een week voorbereiding voor een drietal opgaven: intonatie voor psalm 12; gevolgd door twee harmonisaties, waarvan een met de melodie uitkomend in de sopraan; een uitgebreid voorspel met instructief karakter voor gezang 21, eveneens met harmonisatie, benevens zelf te kiezen literatuurspel van circa 7 minuten.
De eerste kandidaat stelde zich in de koraalgebonden opgaven weliswaar bescheiden op, maat zijn spel was technisch en muzikaal verzorgd en van een zeer acceptabel niveau. Dit gold ook voor het literatuurspel (partita van Willem Vogel). De tweede kandidaat maakte een enigszins teleurstellende indruk. De intonatie sloot nauwelijks aan bij de gekozen psalm, de harmonisaties klonken vrij slordig, vooral wat betreft: harmoniekeuze en stemvoering. Ook gezang 21 leed aan dit euvel. Bovendien miste het voorspel het vereiste instructief karakter voor de gemeente, terwijl nog al wat missers het geheel ontsierden. Ook het romantische karakterstukje, als vrij gekozen orgelwerk, kon maar matig boeien, ondanks de redelijke frasering van de begin episode, Derhalve was het advies van de examencommissie, bestaande uit Sirnon de Zee en Folkert Grondsma, nauwelijks voor discussie vatbaar. Ten overstaan van enkele leden van de oommissie van beheer en de twee kandidaten werd vervolgens een uitvoerige mondelinge toelichting gegeven op het advies, om de eerste speler voor benoeming voor te dragen. Een verslag van dit examen, inclusief het advies van de examencommissie, is door middel van een schriftelijke rapportage aan de C.v.B. verzonden.
Daarmee is de, formele procedure van zo'n vergelijkend. examen, onder verantwoordelijkheid van de G.O.V .in feite afgerond". De schrijver vertelt verder dat de voorgedragen kandidaat de benoeming niet kreeg. Hoewel hij lid is van de wijkgemeente, aan het Rotterdams conservatorium studeert ,en aldaar de praktijkexamens voor kerkmuziek aflegde, en hóewel zijn salarisvraag lag beneden de richtlijnen van de Commissie voor de Kerkmuziek... werden de financiën zwaarder gewogen dan de ijver voor een goede kerkzang. Hij mag zijn heil elders zoeken. Alweer een schip op het strand, Alweer een baken in zee. Wordt het niet tijd dat onze kerken begrijpen waar het om gaat?

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief