Zelfonderzoek nodig

1987-02-13
  • Jaargang 31
  • nummer 6
In het vorig artikel werd erop gewezen, dat de voortgaande secularisatie, de verwereldlijking, een belangrijke rol speelt bij de ontkerkelijking. Het is niet voor het eerst in de geschiedenis van ons werelddeel, dat velen de kerk vaarwel zeggen. Toch is er verandering opgetreden. In de 60er jaren haakte men vaak af uit fel protest. In de 70er jaren deed men het vaak met diepe weemoed, maar in de 80er jaren gebeurt het zonder een zweem van emotie. Zij, die afhaken zijn vaak niet op de kerk afgeknapt, maar de naam van God is hen volkomen vreemd geworden. Het geloof en het gebed zijn afgestorven. Er is geen brug meer naar de overkant. Het aantal geestelijke daklozen wordt steeds groter, Daarbij gaat het gezin ook steeds meer verdwijnen. Allerlei geestelijke waarden zijn verloren gegaan. Er is overal in West-Europa een grote morele en geestelijke dakloosheid ontstaan.

Niet alleen in christelijke, maar zelfs in marxistische kringen wordt geklaagd over het nihilisme van de "holle" mensen' in de jaren tachtig .. Men spreekt ook wel van "noch-noch" mensen. Dat zijn mensen, die door geen enkele overtuiging meer worden aangetrokken. Ze zijn alleen maar gericht op de dagelijkse bevrediging van eigen behoeften en belangen. ' Dat geldt vooral voor de jongeren, die Vlaak vluchten in consumptie, drank, drugs, misdaad, geweld, snel leven 'Of zelfvernietiging en zelfmoord. Normen zijn hen niet bijgebracht. In de samenleving groeien zij op met slechte voorbeelden van hebzucht en bedrog. Deze afschuwelijke ontwikkeling kunnen we niet alleen verklaren uit de secularisatie. Dat is wat al te gemakkelijk.
Met name is er de vraag in hoever wij zelf ais gezin en ook als kerk meeschuld hebben aan het feit, dat zovelen kerk en geloof de rug toekeren. Op de synode van de Chr. Geref. Kerken wees ouderling D. Koole er terecht op, dat de jongeren van hun kant ervaren, dat thuis en in de kerk (prediking, onderricht en. pastoraat) zelden echt wordt ingegaan op hun vragen en problemen. Veel vragen worden ontkend of er komen 'Ontwijkende antwoorden. Kernpunt bij de meeste Vragen van jongeren is het probleem. van de Godsvraag. Het diepste probleem ligt rond de vraag naar 'het bestaan van een persoonlijke God en de relatie tot Hem.
Het 'leefpatroon van de huidige wereld biedt geen ruimte meer voor, vormen en gewoonten, die, vroeger kenmerkend waren voor christelijk leven. In gezinnen is bijvoorbeeld geen plaats meer voor het meditatieve' element. De omgang met God maakt geen deel meer uit van het. bestaan. De confrontatie met het andere leefklimaat .blij kt bij veel jongeren ertoe te leiden dat de kerkgang vervalt evenals de contacten met de kerkelijke gemeenschap. Pogingen om de jeugd opnieuw bij de kerk te betrekken stuiten vaak op grote problemen. Echte communicatie blijkt erg moeilijk. De jeugd lijkt haast onbereikbaar.' Aldus de heer Koole; die ook de vrees uitsprak" dat lang niet alle ambtsdragers in staat zijn met deze vragen om te gaan. Ik vrees dat Koole hier een juiste tekening van de situatie heeft gegeven.
Dit betekent, dat wij bij vragen naar de oorzaken van ontkerkelijking ook gezin en kerk aan een kritisch onderzoek zullen moeten, onderwerpen. Dat wordt bij het beklag over "de jeugd 'van tegenwoordig" wel eens vergeten. Zelfonderzoek is nodig.

Het Gezin
Welk voorbeeld geven wij als ouders? Kloppen onze woorden met onze daden? Het is erg belangrijk voor het gezin hoe 'Ouders zelf met hun geloof en met de kerk omgaan. Wanneer b.v. door de ouders wel "vroom" gepraat wordt, maar uit hun handelen blijkt, dat men eigenlijk beheerst wordt door geld verdienen en geld uitgeven, terwijl een echte bezinning op het bestaan ontbreekt, kan dat 'Op de kinderen een funeste invloed hebben. WeIvaart kan ook 'gevaarlijk zijn voor ons geloofsleven.
Wanneer de ouders erg kritisch staan tegenover de kerk heeft dat invloed op de kinderen. Zij nemen dat gemakkelijk over en trekken verdergaande consequenties als wijzelf bedoelden. Wanneer geloof en kerkgang voorde ouders een puur formele zaak is geworden en geen gevolgen heeft voor ons levensgedrag, waarom zou je je als jongere nog druk maken over de kerk? Een minpunt is ook het feit, dat men in deze tijd zo gemakkelijk van kerk verandert. Staat kerk a je niet aan, dan stap je over naar kerk. Daar komt voor onze kerken nog bij, dat we als kerken maal' een -korte traditie hebben, als kleine kerken weinig voorstdien en in veel plaatsen geen Ned. Geref. Kerk gevonden wordt. Met dat lichtvaardig kerkje wisselen laten we aan onze kinderen echter zien, dat de band met onze medebroeders en zusters in de kerk toch niet zo erg hecht is.
Ook één 'kerk waarop' we' misschien heel terecht kritiek hebben blijft een gemeente van Christus, die we niet zonder belangrijke redenen vaarwel mogen zeggen." Zien onze kinderen iets van onze omgang met God? In de Schrift is sprake van wandelen met God. Dat betekent, dat God met ons spreekt en wij naar Hem 'luisteren. En wij van onze kant spreken tot God en Hij luistert naar ons. Juist door dat wandelen met God krijgt ons leven zin. Dat moeten ook onze, kinderen aan ons kunnen zien.
Nemen wij als, gezin de nodige tijd Er 'wordt geleerd; dat ons godsbeeld bepaald wordt door onze ervaring. En , zo kregen we allerlei theologieën, de bevrijdingstheologie, de feministische theologie, ge zwarte theologie, de materialistische exegese enz. Dat God almachtig is wordt door velen in navolging, van Sölle, Wiersinga e.a. ontkend. De kerk, zo merkte ds v. d. Kwast laatst op, lijkt wel een winkel van Sinkel, waar elke wind van leer te koop is. De synode bespreekt veel onderwerpen, maar de meest wezenlijke vragen van geloof en belijden dreigen onder tafel te raken. Ook zijn er kerken, die zich op het terrein van de' politiek wagen. De kerkgangers vergast men op politieke preken. Geen wonder dat de kerkleden dan wegblijven. Praktisch politiek spreken is een gevaar voor dé kerken. Wat wordt er verder geknoeid met ethische vraagstukken' als abortus en euthanasie. Men holt daarbij achter de wereld aan. Veel kerken zijn helaas stuurloze schepen geworden, die in de storm worden weggeblazen. Geen wonder, dat velen de kerk verlaten.

Twisten in en tussen de kerken
De laatste zin, die ik uit Efeze 4 citeerde was: "Het bouwt zichzelf. op door de liefde." Wat brengen we daar weinig van terecht.
Wat zijn er een onenigheden, ja, felle twisten in en tussen kerken en groepen. Vroeger had ik wel eens de indruk, dat deze twisten een gereformeerde specialiteit waren. Door .mijn voorzitterschap van het bestuur van de E.O. heb ik helaas geleerd dat die twisten zich bij alle kerken en groepen voordoen. Elkaar weer vinden is er meestal niet bij. Zelf heb ik nu twee' kerkelijke breuken meegemaakt. Daar kom je nooit helemaal overheen. Wanneer zo'n breuk dan 25 Jaar oud is gaan we rustig zelfs een jubileum vieren. In de kerken zelf zien we ook veel twisten en verdeeldheid.
De Herv. Kerk is verdeeld in groepen, die hun eigen weg gaan. In de Geref. Kerken zien we hetzelfde. In de Chr. Geref. Kerken wordt op dit moment een scherpe strijd gevoerd. Men zal zeggen: dat is een strijd voor de waarheid. Maar moet die strijd dan op deze wijze gevoerd worden? In onze kerken is het over het algemeen wat rustiger, maar de situatie te Zwolle Iaat zien, dat het ook in ge Ned. Geref. Kerken niet overal goed is. De comm. Roukema, die het voorwerk deed op de Landelijke Vergadering sprak terecht uit, dat in Zwolle sprake is van een broedertwist.
De Landelijke Vergadering zelf sprak
uit, dat in Zwolle geen sprake was van een valse leer of een duidelijk omschreven grove zonde, maar verschillen van overtuiging, die allerminst uitzonderlijk zijn en een uiteengaan van de broeders en zusters in het geheel niet onvermijdelijk maken. De. L.V . wees dan ook de .enig juiste weg aan, die van de verzoening. Helaas is van verzoening nog steeds geen sprake. Hoeveel jongeren en ook ouderen hebben wegens deze onzalige broedertwist de kerk voorgoed verlaten.
De L.V. heeft in de zaak Zwolle naar art. 35 van het kerkelijk. akkoord als beslissende instantie een uitspraak gedaan waarbij de gemeente te Zwolle gewezen wordt op haar dure plicht om de geestelijke eenheid van Christus te vertonen. Maar de strijd gaat door.
Hereniging van kerken is blijkbaar een onmogelijke zaak. Hoe lang zijn er nu al contacten tussen de' Chr. Geref. Kerken en onze kerken? Behalve, op eeri enkele plaats, waar men minder door de historie gehinderd wordt, is van echte toenadering nauwelijks sprake. Het trof mij pijnlijk, dat op de synode van de Chr. Geref. Kerken de bezwaren tegen onze kerken weer 'breed uitgemeten werden. En dat terwijl deze kerken zelf met grote verdeeldheid hebben te kampen en het onderling vertrouwen bij velen weg is. Hoe komt dit alles over bij jongeren?

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief