Conservatisme
1987-02-20
Er is bij veel kerken een drang om toch vooral niet bij de wereld achter te blijven. Dat werkt ontkerkelijking in de hand. Vervaging van de grenzen tussen kerk en wereld komt niet de kerk, maar de wereld ten goede. Aan de andere kant is er bij veel kerken een hang naar conservatisme, naar een blijven bij het oude, omdat het oud is. Ook dat is een slechte zaak.- Jaargang 31
- nummer 7
Terecht heeft Kook op de synode van de Chr. Geref. Kerken opgemerkt, dat de jongeren ervaren, dat ook in de kerk weinig op hun problemen wordt ingegaan. De jeugd heeft vaak het gevoel, dat hun ervaringen te weinig aan bod komen. Er wordt te veel van bovenaf, van de preekstoel af verteld.
Men voelt zich weinig bij de kerkdienst betrokken. De gemeente is een gemeente van oud en jong. Ze behoren er allemaal even goed bij. Wordt daar voldoende mee gerekend? Zie eens naar het ouderwetse taalgebruik in veel kerken. Waarom wordt in veel kerken niet de Nederlandse taal van vandaag gesproken? Jezus heeft, ons het voorbeeld gegeven door te spreken in de volkstaal van zijn tijd.
Veel jongeren, maar ook ouderen, voelen zich weinig aangesproken door de verouderde taal, die gebruikt wordt.
Vaak ook worden steeds weer de oude woorden herhaald zonder de probleemstelling van de jongeren te kennen.
Onze belijdenis en formulieren hanteren een taalgebruik, dat voor velen onbegrijpelijk is. Hoewel ik bepaald niet tot de jongeren behoor zijn de Dordtse Leerregels voor mij door het archaïsch taalgebruik nog steeds vrijwel ontoegankelijk gebied. Het is verstandig, dat de Vrijgemaakte kerken geprobeerd hebben iets te doen aan een moderner taalgebruik bij de formulieren. Ook de bijbelvertaling is niet bij de tijd. Daar is wel een Groot Nieuws, Bijbel verschenen, die beter te begrijpen is.
Helaas doet de tekst lang niet altijd recht aan de grondtekst. De vrijgemaakte dr Veling meent, dat het gebruik van deze vertaling toch zal doorgaan al was deze vertaling niet zo zeer voor kerkelijk gebruik bestemd. Daarom adviseer hij te zorgen voor een handzame gids en deskundig commentaar op deze vertaling. Het lijkt me een goed advies, maar het laat tevens, onze armoede zien. Wij beschikken in Nederland niet over een betrouwbare Bijbel in hedendaags Nederlands. Is het ook wel juist, dat onze kerkdiensten nog altijd het stempel dragen van de diensten in Genève in de 16e eeuw? Prof. Runia merkte in het Friesch Dagblad eens op, dat de diensten in Corinthe ten tijde van Paulus nog al wat anders' waren dan die te Genève. Natuurlijk ontbreken nergens de wezenlijke elementen als. schriftlezing, zingen van liederen en verkondiging.
In Corinthe treffen we echter ook aan het profeteren van gemeenteleden, het spreken in tongen enz. Welke vorm, vroeg Runia, is nu de juiste, die van Genève of die van Corinthe.
Dam zijn kerkleden, die doen alsof God zelf de kerkdiensten ingericht heeft en wij daarom geen enkele verandering mogen aanbrengen.
Maar is het niet zo, dat elke tijd eigen vormen en eisen heeft? Ik bedoel natuurlijk niet wat de inhoud van het geloof betreft. De vormgeving kan echter zeer verschillend zijn.
Wat een gekibbel ontstaat er als gepoogd wordt hier en daar enige vernieuwing aan te brengen. Dan lijkt het wel alsof ouderwetsheid ook een kenmerk van de kerk van Christus is. Ook dit werkt de ontkerkelijking in de hand.
Nu begrijp ik wel, dat behoudend ingestelde mensen het soms moeilijk hebben met veranderingen. Veel vertrouwds gaat voor. hen verloren. Maar laat men ook bedenken, dat star vasthouden aan tradities, die niet ván wezenlijk belang zijn mee een factor kan zijn, die jongeren en ook wel ouderen doet afhaken.
De kerkdiensten
Het bezoek aan de kerkdiensten heeft helaas de neiging af te nemen. Dat geldt wel in het bijzonder voor de tweede kerkdiensten. Daar speelt ongetwijfeld de voortgaande verwereldlijking in mee. Toch is er reden om ons af te vragen of wij als kerken daar schuld aan hebben. Nu is het waar, dat die tweede kerkdienst een menselijke instelling is. Maar deze dienst is wel met een goede bedoeling ingevoerd.
Toen de synode van Den' Haag 1586 bepaalde dat in de namiddagdienst een korte uitleg 'van de catechismus moest worden gegeven, deed ze dat omdat de kennis van de waarheid gering was. Ik vrees, dat die kennis bij velen nog niet groot is. Het nare is, dat men in feite met die tweede dienst vaak niet meer goed raad weet. Er wordt steeds meer een gewone dienst van gemaakt, in feite is deze dienst dan een herhaling van de eerste dienst geworden. Om die tweede dienst zinvol te maken dient ze een eigen karakter te hebben.
Daarbij rijst ook de vraag of de catechismus als enig leerboek in deze tijd wel voldoende is. Het gevaar bestaat, dat we te weinig bepaald worden bij de afwijkingen van de Schrift, die in deze' tijd plaats vinden..
Moderne ketterijen zijn het gevaarlijkst en juist op dit gebied is bij ons een grote onwetendheid.
De waarheid van het Evangelie moet altijd in relatie gebracht worden met de tijd waarin we leven. Gods openbaring gaat altijd op de concrete werkelijkheid in. Aldus prof. Runia, die over dit onderwerp zeer instructieve artikelen schreef. Dat zien we ook in de Bijbel. Als God zich aan Abraham openbaart, dan openbaart Hij zich allereerst als de God, die hem uit de afgodische wereld roept en hem apart stelt.
Als God zich aan Mozes openbaart, doet Hij dat in de situatie dat Israël verdrukt wordt. God openbaart zich dan primair als de grote bevrijder. Als God zich aan de profeten openbaart, gaat zijn openbaring op de concrete situatie van die tijd in. Dat geldt ook vandaag. Het Evangelie is wel van alle tijden, maar dat betekent niet, dat het een tijdloze waarheid is.
Kerk en Jeugd
In een vorig artikel is al iets gezegd over de jeugd en de kerk. Daar moet ik nog even op terugkomen.
Het is opvallend, dat de kerk over het algemeen weinig greep heeft op de' jeugd, terwijl b.v. een E.O. Jongerendag meer dan 20.000 jongeren trekt. Zou een oorzaak kunnen zijn, dat men zich bij een jongerendag niet gebonden weet aan een kerk en niet gehinderd wordt door traditionele drempels?
Ds J. H. Velema schreef hierover in "Koers", dat de jeugd beleving in de eenheid zoekt. Men wil eens uit de bedompte sfeer van de verdeeldheid. Men is het ghetto moe. Daar komt bij, aldus Velema, dat jongeren, kinderen van deze tijd; geboren in de sfeer een op het ritme van deze tijd zoeken naar een eigentijdse beleving van het bijbelse geloof van zonde en genade, Ze zijn het eenzijdig nadruk leggen op het versystematiseren van ellende en schuld moe. De uit ten treure herhaalde woorden over vloekwaardigheid en doemwaardigheid ketsen af en doen hen niets meer. De deprimerende avondmaalspraktijk. meer werend dan wervend, stoot af. De tegenstelling tussen zondag en maandag, tussen leer en leven, brengt in verwarring. Daarom zoekt men iets anders. Men zoekt een eigentijdse verwoording van het Evangelie. Drs De Jong wees er laatst in dit blad op, dat de jongeren, meer dan de ouderen in aanraking komen met Evangelische groeperingen. Tegen deze groeperingen zijn heel wat bezwaren aan te voeren. Ze wijzen ons echter wel op leemtes. Zo is er bij hen vaak meer evangelische bewogenheid en minder gebedsbeschroomdheid dan bij ons. Iets wat de jeugd ook afstoot is het wetticisme, dat in veel kerken heerst.
Bijna alle kerken hebben bepaalde zeden en gebruiken, die het karakter van wetten hebben aangenomen. We moeten verder niet vergeten, dat de massamedia een grote invloed op de jeugd heeft. Daar komt bij, dat de invloed van het christelijk onderwijs sterk teruggelopen is. Ook daar is veel erosie. De jongeren hebben het in onze tijd bijzonder moeilijk.
Daarom is het meer dan ooit zaak, dat gezin en kerk bij de Woordverkondiging een eenheid vormen. De kerkdienst moet in het gezin geïntegreerd zijn. Hoe gaan we naar de kerk? Hoe komen we thuis. Mopperend en met tegenzin? Altijd kritiek op de preek en op andere kerkgangers?
Woordverkondiging, is ook een taak van het gezin. Het is dan ook goed, dat ouders en kinderen, samen over de preek doorpraten. Zou het ook niet goed zijn, dat met name de jongeren meer bij de dienst betrokken werden. Bij de liturgie kan men de jongeren toch veel meer actief inschakelen.
Het lijkt me gewenst, dat we over zaken als deze ons als kerken wat meer bezinnen. Ze zijn voor het voortbestaan van de kerken van levensbelang.
Enkele slotopmerkingen
Niet alle lezers zullen mijn kritische opmerkingen met vreugde gelezen hebben. Zelf had ik graag ook anders geschreven. Het leek me echter nodig om in deze tijd van ontkerkelijking en voortgaande secularisatie onszelf eens een spiegel voor te houden. Het is gewenst, dat wij ons persoonlijk en ook als kerk ernstig bezinnen over de zorgelijke ontwikkeling, Immers deze ontwikkeling gaat ook onze kerken niet voorbij. Er moet daarom zorg bij ons zijn over de toekomst van de kerk.
Mijn bedoeling is echter niet om ons moedeloos te maken.
Met het Evangelie redden we het ook vandaag. Dat Evangelie spoort ons echter aan actief te zijn. Ook wat kerkverlating betreft. We mogen daarin niet berusten.
Hoe is het gesteld met onze activiteiten wat kerk en koninkrijk Gods betreft?' We mogen ons niet beperken tot klagen, maar we moeten met Gods hulp aan het werk.
Laten we als kerken zorgen een gemeenschap van de Here te zijn. Een gemeenschap, waarin we ons ook verantwoordelijk voelen voor onze medebroeders en zusters.
Laten we zorgen voor een goede hedendaagse liturgie waar ook de jongeren door aangesproken worden. Laten we ons verdiepen in de problemen van de jongeren, die het, ondanks hun parmantigheid, vaak zo moeilijk hebben. Ze leven niet meer zo beschermd als de ouderen onder ons meegemaakt hebben. Leef mee met hun vragen. Dring u echter niet op. De' jeugd is ook niet gediend van iemand, die het altijd al weet, maar wel met iemand, die mee zoekt. De gemeente moet een plaats zijn, waar de Geest van Christus woont, die bezieloten vernieuwt. De kerk heeft een boodschap, die haaks staat op wat de wereld wil. Het Evangelie is altijd een ergernis geweest. Die ergernis moeten we in ons leven ervaren.
En wat de buitenkerkelijken betreft, het is niet voldoende dat de kerkdeuren openstaan. We moeten naar de mensen toegaan, ons inleven in hun belevingswereld en hun taalgebruik, daarbij bedenkend, dat velen zelfs de basiskennis van het geloof missen. Maar nog eens: daar is geen reden om moedeloos te worden. De Here zorgt zelf, dat Hij nooit zonder lichaam is.
Uw Woord maakt onze harten sterk,
het is de schutsmuur van Uw kerk.
Houd ons daarbij, opdat wij Heer,
buiten uw Woord niets zoeken meer.