Duizend jaar Kerk in Rusland
1988-06-10
De kerk kabbelde voort. gedragen door haar liturgie. Sensitieve en intelligente Russen.- Jaargang 32
- nummer 23
die zich voor de kerk interesseerden voelden de nadering van een crisis; de meerderheid echter hield de bestaande orde voor onveranderlijk. Bij de intrede van de 20e eeuw gaf de kerk een indruk van macht en stabiliteit. Zij telde 65 diocesen met 130 bisschoppen. 51.000 priesters, 20.000 monniken en 60.000 nonnen (die in ruim 1000 kloosters leefden), 100 miljoen leden en was de grootste nationale kerk ter
wereld".
J. C. A. Fetter (1)
Peter de Grote
In 1682 kreeg Rusland een nieuwe tsaar: Peter, die later de bijnaam 'de Grote' zou krijgen. Peter, die ontegenzeglijk een man was van vele en grote talenten, "had een onverdeelde bewondering voor het Westen; alles wat hem irriteerde associëerde hij met de cultuur van Moskou. Met andere woorden, hij was een vijand van het oude Rusland.
Met een geweldige impuls introduceerde hij zijn Westerse ideeën, en onderbrak de organische groei van zijn volk.
Hij schiep een onoverbrugbare kloof tussen de bovenste lagen en de rest van de bevolking en kwetste de religieuze gevoelens van de massa." (2) Om zijn pro-westerse belangstelling te tonen, ging Peter op reis; gedurende verschillende jaren liet hij zijn land alleen om zich persoonlijk te bekwamen in allerhande door hem nodig geachte vaardigheden. In het kader van dat streven bracht hij ook enige tijd door in Zaandam, waar hij het ambacht van scheepstimmerman leerde; hij verbleef hier overigens min-of-meer incognito.
Een sterke vloot was nodig en Peter creëerde die. Een sterker centraal gezag, Peter zette ook dat op poten. En hij veranderde van hoofdstad! Aan de rivier de Newa ontstond een nieuwe stad, St. Petersburg (het huidige Leningrad).
In een nieuwe bouwstijl: die van de Barok en de Rococo, die tot dan toe in Rusland volslagen onbekend waren; het waren Westerse bouwstijlen.
Zijn dochters, machtige keizerinnen, gaan in zijn voetstappen verder.
Hoe dat alles de bevolking schokte, hoe religieuze gevoelens werden gekwetst valt in vele documenten afte lezen, van die tijd en ook van later. "Elisabet, de dochter van Peter de Grote, regeert in deze tijd over een land, dat zich langzaam aan herstelt van de verschrikkelijke beroeringen, waarmee haar vader, de Keizer - een onverzoenlijk revolutionair - het land had geteistert aan het begin van de eeuw. Aan het hof van Elisabet wordt veel gedanst. In Moskou echter worden de Academies voor Kunsten en Wetenschappen gesticht. Op bevel van de vrolijke keizerin verschijnen overaljachtpaviljoenen, romantische 'hermitages', paleizen met appelgroene muren, witte pilasters en vergulde kroonlijsten. Het zijn produkten van de uitbundige fantasie van de Italiaanse architect Rastrelli. Als zij soms berouw voelt - en dat gebeurt soms - dan vraagt de vrome vorstin om kerken en kloosters. Rastrelli is de eerste in Rusland die in een lichte barokstijl bouwt. Vergulde en bolwangige engeltjes dartelen straffeloos rond aan de hoge muren boven ikonostases, onder de strenge afkeurende blik der iconen." (3) ..
Nieuwe strukturen
Even belangrijk is de wijziging die Peter aanbrengt in de struktuur van de Russisch-Orthodoxe kerkleiding. "Peter wist dat de kerk zijn eigenlijke tegenstander was. Ondanks haar grote afhankelijkheid van de staat bezat ze nog altijd het recht van 'pechalowanie: zij mocht, in naam van de drieënige God van liefde en vergiffenis, de czaar tot de orde roepen. Peter was de eerste czaar die haar dat recht ontzegde, de stem der profetie volkomen afwees en de kerk het zwijgen oplegde. De patriarch van Moskou had de czaar een waarschuwing gegeven. Daarom erkende de grondwet, die Peter voor de kerk liet opstellen geen patriarch, maar wel een "Heilige regerende Synode", een kerkelijk lichaam dat geen precedent in de Russische geschiedenis had, en dat naar Duits-luthers model gevormd was.
...Ten einde dit nieuwe orgaan geheel afhankelijk van zijn wil te maken, stelde de czaar een procurator van de Synode aan, een wereldlijk ambtenaar, die 'het wakend oog' van de keizer zou heten.
Hij was geen lid van de Synode, doch niets kon zonder zijn voorkennis besloten worden.
De door de 'raskol' verzwakte kerk bood weinig tegenstand ... De aldus verwereldlijkte kerk was de ondergang nabij.
Zij werd met de hakken over de sloot door haar heilige liturgie en stevige christologie gered. Een rest van heilig vuur bleef in de sombere eeuwen, die volgden, in haar voortsmeulen. (4)
De negentiende eeuw
Ook de periode na Peters dood werd gekenmerkt door de nieuwe politieke koers. In plaats van nog steeds een achterlijk en arm land aan de rand van Europa te zijn, werd Rusland in de rij van volkeren opgenomen als een sterk en energiek rijk, dat op de weg der vooruitgang verder ging. De vorsten, die voor een groot deel van Duitse komaf waren, hadden geen wezenlijke voeling met het volk dat ze regeerden. In de paleizen van de machtigen werd een andere levensstijl aangetroffen dan in de steden en dorpen van het platteland.
Ook de opvattingen van de 'Verlichting', het Rationalisme, gingen niet aan Rusland voorbij.
Door de grotere openheid naar het Westen nam de invloed van het Roomskatholicisme toe; een aantal vooraanstaande families ging daartoe over.
Eveneens was er sprake van Protestantse invloed; rond 1820 ontstond er een Russisch Bijbelgenootschap, dat door de overheid actief gesteund werd.
Er zijn hoogst interessante lijnen te trekken tussen deze fase van de Russische geschiedenis en het (Zwitserse) Réveil. De voornaamste 'tussenpersoon' tussen Zwitserland en Rusland was vermoedelijk wel Mevrouw de Krüdener, een Russische adellijke dame die in elk boek over het Réveil genoemd moet worden.
Daarnaast deed zich in dezelfde periode de invloed voor van Luthersen, Mennonieten, Baptisten en anderen.
Sekten
Naast het optreden van tot dan toe 'uitheems' geachte godsdienstige stromingen is zeer vermeldenswaard de opkomst van inheemse 'sekten en stromingen' zoals de zgn. Khlysty en de Skhoptsy. Laatsgenoemden verminkten en castreerden zichzelf om seksuele verleiding te ontgaan. Ze hadden andere voor ons bizarre gedachten en praktijken en beschouwden zichzelf als door God geïnspireerden, door de Geest geleiden die ook hun heilige boeken rechtstreeks uit de hemel ontvingen.
(Alhoewel hun aantal noodzakelijk) klein bleef - ze konden immers alleen nieuwe leden recruteren uit gezinnen van niet-leden - werd desondanks in de vorige eeuw een getal van 13 tot 14 miljoen sectariërs genoemd, in geheel Rusland. (Daarbij moeten we bedenken dat alle niet-Orthodoxen daaronder vielen). In 1930 schatte men het aantal Skhopty op 1000 tot 2000; 500 van dezen woonden in Moskou.
Tot 1927 kwamen onder hen nog castraties voor. Ondanks deze kleine aantallen besteedde de Sowjet-pers vrij veel aandacht aan hen; de atheïstische propaganda kon immers bij het ve~,ellen van verhalen over zulke geestelijke onevenwichtigheid wel garen spinnen ...(5)
Maar ook anderen ...
Waar de elite zich, innerlijk, van de Orthodoxie afwendde en waar onder het volk wonderlijke groepen ontstonden, moet - opnieuw - worden gesproken over de monniken en kluizenaars.
Er was ook sprake van een sterke spirituele opleving op diverse plaatsen; meestal betrof het daarbij " startsy".
Deze startsy zijn vaak mannen die zich jarenlang voor gebed, ascese en inkeer' in de Russische wouden hebben teruggetrokken, of in bepaalde kloosters, zoals het befaamde Optina Poestinj. Na die jaren van beschouwing en van lofprijzing komen ze te voorschijn en worden ze een soort 'zieleherders'; het vrome volk stroomt geregeld toe en in soms verbluffend korte tijd kunnen zij zondaars duidelijk maken waar het aan schort, etc. Ze lijken zich met alle individuele verschillen, allen te hebben ontwikkeld tot mensen met een bijzondere "pastorale gevoeligheid" en tot mensen met een opmerkelijke "heiligheid"
van levenswandel. Zoals ook de lezing van de grote Russische schrijvers ons leert, waren er verder diverse bewegingen in de intelligentsia en de betere standen. Zo had je de 'slavofielen' die 'het heilige Rusland' (de term had al iets van idealisering in zich) een mesiaanse taak voor de wereld toekenden. Zo had je ook de anarchisten en de atheïsten (die in Rusland anders, spiritueler haast, lijken dan in het Westen). Dostoyevsky, Tolstoj, Gogol, Toergenjew, en vele anderen geven een uiterst boeiend beeld van enkelingen met een andere geaardheid dan men in het Westen aantreft.
Tenslotte
Voor wie ogen had om te zien was het tsaristische Rusland een rijk waarin veel maatschappelijke ongelijkheid heerste en waar door veel grootgrondbezitters niet gevoelig met hun pachters werd omgesprongen! Het probleem was dat de Kerk zich, vanwege de specifieke machtsstruktuur die haar aan de staat onderworpen maakte, niet van dat beleid kon losmaken. Velen identificeerden (terecht of ten onrechte) de Kerk met alles wat er maatschappelijk (niet) gebeurde. Dat de "procurator van de Synode", aan de vooravond van de Revolutie, een man was die met dictatoriale hand regeerde maakte de zaak alleen maar erger. Deze Konstantin Pobedonestsew (1828-1908) komt er in de geschiedschrijving niet al te best van af.
De 'combinatie van enorme cultuur en Machiavdeliaanse sluwheid', van 'bijna fanatiek geloof dat zich paart aan 'cynisme ten opzichte van de middelen waarvan hij zich bij zijn machtsuitoefening bediende' riep onvermijdelijk bij velen weerstand op. "Dit religieuze absolutisme volgde hetzelfde patroon als het politieke absolutisme van de Tsaar.
In de jaren '90 van de vorige eeuw riep het een atmosfeer in het leven waarin men niet ademen kon, die de kiemen in zich droeg van komende revoluties. Zo werd in menig hart de haat aangekweekt ten opzichte van zowel de Staat als de Kerk ..." (5)
(1) J. C. A. Fetter. De Russen en hun Kerk, Arnhem 1947, p.66
(2) Fetter a.w. P. 63
(3) Irina Goraïnoff. Sera fin van Sarov. Abdij Bethlehem, België pp. 9, 10
(5) H. lswolsky. Christ in Russia. pp. 118-120.
W. Kolarz Godsdienst in de Sowjet-Unie: Tilburg, 1961 pp. 123, 124.