Boekbespreking
1988-06-10
Dr. J. van Genderen - "De gemeenschap der heiligen" - Apeldoornse studies, no. 22, Uitgave van J. H. Kok, Kampen - 69 pag. Prijs f 15,90.- Jaargang 32
- nummer 23
Dit geschrift bevat de uitwerking van de rede, die uitgesproken werd bij de overdracht van het rectoraat aan de Theologische Hogeschool van de Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland te Apeldoorn op 16 september 1985. Het is en blijft een boeiend onderwerp waarover in de loop der tijden al veel gepubliceerd is. Prof. van Genderen geeft in kort bestek een overzicht van roomskatholieke en reformatorische opvattingen en memoreert als allesbeheersend daaraan voorafgaand de diverse bijbelse gegevens. De gemeenschap met Christus effektueert zich in de gemeenschap met elkaar als gelovigen. Dit komt vooral tot uitdrukking in de gemeenschappelijke viering van het Heilig Avondmaal. Het is een gemeenschap met een geestelijke en een stoffelijke zijde. In Handelingen 4: 34-37 wordt naar de aanduiding van Calvijn aan de kerk het beeld voorgehouden van een diaconaal levende gemeente, gedreven door de Heilige Geest. Luther heeft de gemeenschap der heiligen van de hemel op aarde gebracht. Niet naar de hemel staan te gapen, maar om zich heen zien naar de geringste broeder in Christus! "Men moet de lieve heiligen laten blijven waar ze zijn en zorgen voor hen, die hier met ons leven" In de plaats van het verdienen vóór elkaar komt bij Luther het dienen vàn elkaar (pag. 30). De gemeenschap der heiligen funktioneert als een liefdesgemeenschap, een heilsgemeenschap en een tuchtgemeenschap.
Het is vooral Martin Bucer geweest, die hierop de nadruk heeft gelegd.
De kerk is de gemeenschap der gelovigen.
Naar het woord van Augustinus wordt de kerk benoemd naar haar goede deel. Want ook ongelovigen en hypocrieten worden in haar midden gevonden.
De aktivering van de bedoelde gemeenschap geschiedt door het bewust deelhebben aan de bona en dona.de schatten en gaven zoals de Heid. Cat. 't zo mooi uitdrukt. Die gemeenschap is eerst gave en dàn opdracht.
Hier heeft men de leiding van het ambt nodig. Verstarring en verwarring bedreigen de gemeente wanneer één en ander niet goed funktioneert. We moeten ons bewust zijn, dat de gemeenschap der heiligen een gemeenschap van zondaren is. Als we dat goed inschatten zullen we elkaar ook niet overvragen.
Alle perfektionisme zij ons ten enenmale vreemd. Veel mensen zijn in de loop der tijden uit de kerk vertrokken, omdat naar hun mening de beoefening van de heiligengemeenschap ver beneden de maat bleef. Het blijft intussen een open vraag of men zèlf binnen die gemeenschap optimaal heeft geopereerd.
Graag had ik gezien, dat Van Genderen op dèze kant van de zaak nog nader was ingegaan. Voorts heeft K. Schilder ons geleerd, dat het spreken over de strijdende en de triomferende kerk eigenlijk onjuist is. Het is één kerk daarboven èn hier beneden in strijd èn zegepraal. Ook betreur ik het, dat de Apeldoornse dogmaticus nergens het boek: "Om kerk te /blijven" van C. Veenhof vermeldt waarin zulke prachtige dingen ook over dit onderwerp voorkomen.
Overigens heb ik alle lof voor dit fijne boek en beveel ik het van harte aan!
O. Mooiweer, Enschede