Jeugdrubriek

1989-12-08
  • Jaargang 33
  • nummer 25
De gemeenschap der heiligen

Je hebt het vast wel vaak gehoord in de kerk: de dominee noemde in zijn preek 'de gemeenschap der heiligen'.
Wat bedoelen we eigenlijk met die gemeenschap der heiligen?

De gemeenschap der heiligen zijn alle mensen samen die geloven in God. Ze zijn allemaal kinderen van één Vader. Daarom wordt de preek ook vaak begonnen met 'broeders en zusters'. Als je kinderen van één Vader bent, als je dezelfde Vader hebt, dan ben je elkaars broer of zus.

Met de gemeenschap der heiligen bedoelen we dus alle mensen die geloven in God en in de Here Jezus.
Dat zijn de mensen die op zondag bij jou in de kerk zitten, voor je, achter je, naast je. Maar ook mensen die niet naar de kerk kunnen komen omdat ze te oud zijn of te ziek zijn.

En ook mensen die ver weg wonen, in een 'ander land, misschien wel helemaal aan de andere kant van de wereld, in Korea, in Indonesië of in Australië. Jij gaat op zondag naar je eigen kerk. Misschien komen daar maar weinig mensen, is het maar een kleine kerk. Misschien ga je naar een grote kerk die helemaal vol zit, waar je moet zoeken naar een plekje. Of je nu naar een klein kerkje gaat of naar een grote kerk: in jouw kerk komen heel verschillende mensen.

Daarmee bedoel ik niet eens: oude en jonge mensen, of mensen, met blond haar en sproeten en mensen met zwart haar. Nee, ik bedoel: al die mensen kunnen verschillende dingen voor God doen.

Denk er maar eens over na. Ik noem een paar dingen. Er zijn mensen in de kerk die op het orgel kunnen spelen. Andere mensen kunnen de kerk schilderen als er nieuwe verf op het hout moet. Er is iemand die het kerkblad typt. Sommige mensen uit de kerk passen op de kleine kinderen in de crèche. Weer anderen kunnen aan de oudere kinderen een verhaal uit de bijbel vertellen. Er zijn ook mensen die heel goed kunnen zorgen voor iemand die ziek is of verdrietig is. De bijbel zegt: we hebben allemaal verschillende gaven.

De bijbel zegt ook dat de kerk lijkt op ons eigen lichaam. We hebben van God ogen gekregen, oren, handen, voeten. Stel je voor dat je oog zou zeggen dat je hand niet nodig is: dan zou je eigenlijk niets meer kunnen pakken. Of dat je oor zou zeggen dat het niet nodig is, dan zou je nooit meer naar muziek kunnen luisteren.
Je hebt je ogen en je oren, je handen en je voeten nodig, anders klopt er iets niet met je lichaam. Zo is het ook in de kerk: we zijn allemaal nodig. Dat is ook het mooie van een kerk. Allemaal kunnen we iets doen, en samen doen we dan iets voor God en voor de gemeenschap der heiligen.

Ik wil het verhaal nog iets anders vertellen. Onze dominee liet in de kerk een tekening zien. Die tekening vind je op deze bladzijde. Hij vertelde er het volgende verhaal bij: In een klas zaten 30 kinderen. Al die kinderen kregen van de juf een mooie viltstift. Marieke kreeg een zwarte stift. En ze maakte deze tekening met die stift. Ze ziet het: alles is zwart: het huis, de deur, de bloem, de zon en het gras.
Eigenlijk was Marieke helemaal niet tevreden met die tekening. Ze zei: het klopt niet, want een bloem hoort niet zwart te zijn en ons huis is bruin met een rood dak. Toen zei de juf: "Als jullie nou eens met elkaar een tekening gaat maken, dan kan Martine met haar kleur rood de dakpannen kleuren, Fred kan de bloem geel kleuren, Kees kan het gras groen maken en Marianne kan de lucht blauw kleuren". En dat gebeurde. Zo werd het een prachtige kleurplaat.

En dat is nu eigenlijk ook wat God met de gemeenschap der heiligen bedoelt. Samen ga je aan het werk.
En als je dat samen doet, dan ben je bezig met de gemeenschap der heiligen.

Het is dan eigenlijk net alsof je samen voor God een mooie kleurplaat maakt. Iedereen zorgt ergens voor en samen kunnen we dan zeggen: wat is het fijn in de kerk. We horen allemaal bij elkaar en God zorgt voor ons. Als een echte Vader.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief