De mens op jouw stoep
2007-11-23
Ontmoeting- Jaargang 51
- nummer 23
Vertel elkaar de herkomst van jouw naam. Ben je blij met je naam? Waarom wel of niet?
Bezinning vanuit de Bijbel
• Lees Lucas 16:1-18. De Here Jezus vertelt deze gelijkenis in verband met de geldzucht van de Farizeeën (16:14). Mensen zoals Lazarus zijn van zo’n houding de dupe. Probeer je eens te verplaatsen in Lazarus en schrijf alle woorden op die bij je opkomen en benoem vervolgens welke gevoelens of gedachten je bij jezelf herkent. Deel wat je gevonden hebt in de groep.
• In geen enkele andere gelijkenis geeft Jezus iemand een naam. De Heer heeft twee redenen om de arme man – Lazarus’ betekent ‘God helpt’- een naam te geven. Wanneer ellende een naam en een gezicht krijgt komt het namelijk dichtbij. Daarnaast ontstaat zo contrast met de rijke man die anoniem blijft. De hoorder wordt uitgenodigd zijn of haar eigen naam in te vullen. Met andere woorden, je wordt gedwongen na te denken of er mensen in jouw directe omgeving zijn, van wie je naam en gezicht kent, voor wie jij misschien iets zou moeten of kunnen betekenen. Stel deze vraag voor jezelf met een biddend hart en deel de uitkomst met God. Deel in de groep wat je concreet al doet voor de naaste op jouw stoep. Benoem daarbij wat je als mooi en wat je moeilijk beleeft.
• De fout van de rijke man is niet zijn rijkdom, want Abraham bijvoorbeeld was ook rijk (Genesis 13:2). Zijn probleem is het niet serieus nemen van Mozes (vgl. Deuteronomium 15:4-8) en de profeten (vgl. Jesaja 58:6-10). Wie aan de mens op zijn stoep voorbij gaat, zal het eeuwige leven niet beërven (zie ook Matteüs 7:21 en Matteüs 25:41-46).
Een ernstig woord… Tegelijk geeft de gelijkenis ook een zekere ontspanning, want je hoeft niet het leed van de hele wereld op je schouders te nemen. Hiernaast zijn in het kader diverse concrete mogelijkheden om te helpen genoemd. Vul dit lijstje aan en probeer er samen achter te komen wat bij wie past.
Slot
Dank God samen voor wat ieder al mag doen voor een medemens van wie je de naam en het gezicht kent. Wie wil zingen kan denken aan Gezang 106, Gezang 350 en Opwekking 561.
Als Christenen hebben we onze medemens in nood meer te bieden dan geld alleen. Petrus schrijft bijvoorbeeld: ‘Dient elkander, een ieder naar de genadegave, die hij ontvangen heeft, als goede rentmeesters over de velerlei genade Gods. Spreekt iemand, laten het woorden zijn als van God; dient iemand, laat het zijn als uit kracht, door God verleend, opdat in alles God verheerlijkt worde door Jezus Christus, aan wie de heerlijkheid is en de kracht, in alle eeuwigheid! Amen. (1 Petrus 4:10) • Misschien heb je van God wel een sterk geloof ontvangen en is er iemand, die je bij name kent, die al twijfelend zijn weg gaat. Judas zegt: ‘Ontferm u over wie twijfelen’ (Judas 3:22). • Misschien heb jij thuis het wel heel gezellig en knus en is er iemand in je omgeving die je bij name kent die hunkert naar contact en een beetje warmte, liefde en aandacht (vgl. Hebreeën 13:1). • Misschien heb jij wel de gave van gebed ontvangen en is er iemand in jouw omgeving die je bij name kent die het zo moeilijk heeft dat bidden amper lukt. |