Gij zult de Here, uw God, liefhebben ... met geheel uw verstand (1)

1988-08-05
  • Jaargang 32
  • nummer 29
Wanneer aan Jezus wordt gevraagd wat het voornaamste is van de wet, dan citeert hij zonder aarzelen Deuteronomium 6. "Gij zult de Here, uw God, liefhebben met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw verstand" en hij verbindt dat direct met Leviticus 19: "Gij zult uw naaste liefhebben als uzelf' (Matth. 22 : 37, 38).
Dáár draait het om: om de liefde.
Het is opmerkelijk dat de Here juist dit woord gebruikt. Het kernwoord in onze relatie tot God is liefde. Hij spreekt niet over dienen, eren, vrezen, strijden als de kern maar over liefhebben.

Ook Paulus zegt in Romeinen 13 dat de liefde de vervulling is van de wet.
En in I Cor. 13 noemt hij van geloof, hoop en liefde de laatste als de meeste.
Wie Deuteronomium 6 heeft opgeslagen, ziet dat daar gesproken wordt over hart, ziel en 'kracht' in plaats van 'verstand' in Mattheüs. Markus spreekt over hart, ziel verstand èn kracht. Veel verschil zal het niet maken.
Het betekent natuurlijk dat de Here God moet liefhebben met heelje hebben en houen. Laten we eens beginnen met verstand.

God liefhebben met je verstand
Misschien hebben we dat in het verleden nog het best begrepen. Liefde tot God is (ook) een kwestie van het verstand.
Als ik terugdenk aan mijn jeugd dan herinner ik me dat geloven toch vaak een zaak was, die zich in het hoofd afspeelde. En liefde was geen lievigheid. Dat was het eerste wat weerklonk als het woord liefde in verband gebracht werd met de kerkelijke strijd.
De Here liefhebben, dat was een kwestie van studeren, want voor je het wist was je gevangen in de netten van een of andere dwaalleer. Van Arius of van Arminius en zo door tot de Zwijndrechtse Nieuwlichters. In iedere hoek school een gevaar en er waren meer hoeken dan je dacht. Het leven was een slangekuil van ketterijen en dat betekende dat je goed bij de les moest blijven anders verviel je tot dwaalleren met ingewikkelde namen, waarvan je niet wist dat je ze in je had.
Ik vrees dat bij ons parmantig gestudeer en geredeneer ook wel eens jongeren met minder verstandelijke gaven zijn afgehaakt.

Apeliefde
Het zal de apen wel onrecht doen, maar apeliefde is een uitdrukking die, voorzover ik begrijp, aanduidt dat liefde zonder verstand wel eens heel verkeerd kan uitpakken. Ouders die hun kinderen verwennen, kinderen die jonge poesjes doodknuffelen etc.
Maar hoe moeten we de liefde tot God met het verstand in verband brengen?!
Liefde is toch een zaak van het hart!
Zeker, maar we zagen ouderliefde zonder verstand ontaardt in verwennerij. Soms kun je uit liefde een verstandelijke beslissing moeten nemen, die met je gevoel in strijd is (sla mij met medelijden, zoals een vader doet). Ook onze liefde tot God moet niet alleen afhankelijk zijn van onze stemming of emoties. Soms moeten we onszelf tot daden van liefde dwingen.
God liefhebben komt ook uit in de wijze waarop we onze naaste liefhebben.
Verstandig omgaan met de naaste betekent niet altijd: hem zijn zin geven.
Maar als er wrijvingen zijn of conflicten zal de liefde ons de weg moeten wijzen - niet hoe we het conflict moeten winnen maar hoe we onze naaste winnen.

Verstond aan de kapstok
Verstand mag. Geloven, liefhebben betekent niet je verstand op nul en je blik op het oneindige, maar je mag nadenken.
Het denken ontsluiert niet ieder geheim maar helpt bij - is een voorwaarde voor - echte liefde.
Denkers als C. S. Lewis en Francis Schaeffer hebben heldere vragen gesteld en laten stellen. Als mijn verstand de juiste plaats krijgt zit het me niet in de weg maar helpt het me op weg.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief