Pastorale notities
1987-08-14
"Gedenk uw voorgangeren (1) - Jaargang 31
- nummer 30
Een paar dagen voor haar dood vertelde ze me de geschiedenis van haar trouwtekst. Ze zei: "U kunt ervan lezen in GEDENKT UW VOORGANGEREN, gedenkboek bij de dood van prof K. Schilder, blz. 59".
Het was in het oorlogsjaar 1944. Ze woonde toen op de boerderij van haar a.s. schoonvader G. Steinmann te Kethel. Prof Schilder was daar toen ondergedoken. Het was de week van zijn schorsing als professor en emeritus-dominee.
Na het avondeten zat ieder een fles melk te rollen onder de kousevoeten.
Zo ook "Oom Gerrit Leydekker" (Schilders onderduiknaam). Na het karwei kwam zijn vaste vraag: "Wie gaat vanavond de hond uitlaten?" Het was de beurt van Annie Steketee. Dwalend langs een donker weggetje maakte de geplaagde professor de jonge vrouw deelgenoot van zijn verdriet. Dat hij geschorst werd als professor was heel erg, maar dat hij geen emeritusdominee meer mocht zijn was nog veel bitterder.
Daarna was het Annie's beurt om te vertellen wat haar bezighield. Ze zou zo graag trouwen als de oorlog voorbij was. Maar het gaf zo'n schuldgevoel, als zij - zo jong nog, (21 jaar) - gelukkig werd, terwijl er zoveel leed was in de wereld.
"Kind", zei Oom Gerrit - "ik wil niet eens weten hoe oud je bent. Als de Here het geeft, pak het dan!"
Direkt daarop had ze haar vraag klaar: "Gijs en ik zouden zo graag willen dat U ons trouwde, Oom Gerrit". Dat is Schilders eerste preekverzoek geworden ten tijde van zijn schorsing. Wat zal hij er blij mee geweest zijn!
De 16e aug. 1945 was het de blijde dag. Maar o wat bracht Oom Gerrit een moeilijke trouwpreek. Niet moeilijk om te begrijpen, maar moeilijk om te doen. Het was het woord van 1 Kor. 7:29: "Dit bedoel ik: laten zij die een vrouw hebben, zijn als zonder vrouw... enz." Dat is het begin geworden van een levenslange worsteling om lief te hebben en los te laten. Nog nooit heb ik meegemaakt dat iemand op haar sterfbed nog zo intens bezig was met de opdracht van de trouwpreek ..
Maar wat bij mensen onmogelijk was, bleek mogelijk bij God. De liefde tot de Here Jezus deed het, door de Heilige Geest. Zolang ze nog in het lichaam haar verblijf hield, was ze wel heerlijk dicht bij kinderen en kleinkinderen, maar ver van de Here in den vreemde (2 Kor. 5). Nu ze deze tabernakel verliet, kwam ze bij de Here thuis!
Op haar graf hebben we de trouwpreek van Oom Gerrit tot een afsluiting gebracht met het versje, waarmee hij zijn boek" Wat is de hemel?" sloot (hij had het 'geleend' van Guido Gezelle): Op aarde was als ijdel glas uw blijdschap licht te schenden.
Maar eenmaal kan de vreugde van de bruiloft nimmer enden.
Gedenkt uw voorgangeren tot op uw sterfbed.
Want ze hebben u het Woord Gods gesproken.