Grote operatie op gebied van opbouw en toerusting

2011-04-01
  • Jaargang 55
  • nummer 7
De Landelijke Vergadering rondde 26 maart in een flink tempo het merendeel van de voorstellen af door akkoord te gaan met de financiële gevolgen van eerdere besluiten en door 27 van de 28 commissies te (her)benoemen. Dat leidt tot een niet eerder vertoonde aanpak van gemeenteopbouw en begeleiding van predikanten en kerkenraden.

De nieuwe commissie Preekconsent zorgde nog even voor discussie. Enerzijds over de doelgroep en anderzijds over de vraag of zij nog dit jaar voorstellen moet doen of pas op de volgende LV, dus over drie jaar. Onder anderen ds. C. Smit en H. Scheffer pleitten voor een algemene regeling, zonder aparte groepen te noemen en tegelijk te voorkomen dat een ‘makkelijker weg’ ontstaat naast de normaal verlangde theologische opleiding.
Ook werd bepleit het woord ‘bijzondere’ uit de term ‘bijzondere gaven voor de prediking’ te halen, maar dat vond ds. C.T. de Groot geen goed idee. ‘Dat woord wijst op continuïteit.
Ieder gemeentelid kan wel twee aardige verhalen maken, maar lukt dat ook week in, week uit?’ Hij zag de commissie graag 17 juni al voorstellen doen. ‘De ontwikkelingen op dit gebied gaan snel. Over drie jaar moet je wel zorgen dat deze commissie overeenstemt met de commissie die zich over de kerkelijke examens buigt.’ Die laatste commissie gaat een ‘kritisch’ onderzoek instellen naar de kerkelijke onderzoeken en de interpretatie van het AKS-artikel over bijzondere gaven. Belangrijke vragen zijn: kunnen de kerkelijke onderzoeken beter, wie voert ze uit, wat is de rol van de predikantenopleiding en hoe wordt de nieuwe functie van prio ingepast?
Uiteindelijk werd besloten dat de commissie Preekconsent ‘indien wenselijk’ 17 juni voorlopige besluiten voorlegt, die eventueel kunnen worden doorgeschoven naar de volgende LV. En de regeling voor het preekconsent richt zich op mensen, die ‘geen predikant willen worden of niet meer zijn’.

Kennis delen op site
Op 17 juni komt het moderamen met een alternatief voor een facilitair bureau voor onder meer arbeidsrechtelijke zaken, dat eerder door de Vertrouwens Adviescommissie was voorgesteld. Vanuit de vergadering gingen stemmen op de kerken te adviseren in zulke gevallen hulp bij externe experts of verwante kerkverbanden te zoeken. Volgens De Boer was het moderamen van plan zo’n bureau sowieso te ontraden, maar de vergadering wilde toch iets zeggen over het VAC-voorstel. Dus komt er een advies, waarbij onder andere wordt gewezen op externe kennis, maar ook op het nieuwe idee voor een ‘NG-pedia’ op internet. Die kennisbank wordt de komende tijd op voorstel van de Commissie Toekomstig Predikantsprofiel ontwikkeld om landelijke kennis en ervaring te delen.
Een speciale gebruikersgroep volgt die website namens de LV.

De centen
Forse investeringen in het kader van het toekomstig Predikantsprofiel doen de landelijke omslagen per lid dit jaar stijgen naar 19,01 euro (2010: 16,50 euro). In 2012 en 2013 stijgt de bijdrage naar 21,68 euro, om in 2014 weer te dalen naar 20,55 euro.
In 2009 bedroeg de bijdrage nog 48,90 euro, maar sinds 2010 is de emeritaatvoorziening anders geregeld.
‘Zelfs wanneer die kosten worden meegerekend, begeven de kosten per ziel zich in onze kerken op een aanvaardbaar niveau’, stelt de financiële commissie. Zij heeft ook een vergelijking gemaakt met GKV en CGK. Daar betaalden de leden in 2010 achtereenvolgens 36,93 (exclusief emeritaatvoorziening) en 56 euro. ‘In die kerkverbanden kunnen ook nog omslagen per classis of particuliere synode gelden’.
De LV besloot de landelijke Financiële Commissie (FC) de bijdragen voor individuele commissies ‘die dit willen’ centraal te laten innen bij de kerken. De FC sluist dat geld dan door naar de commissies. Dat zijn naast de FC zelf de commissies voor steunbehoevende kerken en studenten, de adviescommissie Werkomstandigheden en Arbeidsvoorwaarden Predikanten (WAP/TOP) en de predikantenopleiding.

Loket en NG-pedia
De kosten in verband met het Toekomstig Predikantprofiel behelzen onder meer, dat de Stagg alle elementen van gemeenteopbouw en toerusting (van kerkenraden en predikanten) gaat coördineren en organiseren.
Tevens zorgt de Stagg voor een loket, dat enerzijds naar buiten treedt met cursussen en vorming en anderzijds kan doorverwijzen als bijvoorbeeld behoefte is aan coaching van predikanten.
Om dat alles te bereiken komt er een ‘virtueel kenniscentrum’ à la Wikipedia, een aanpak voor permanente educatie van predikanten, materiaal voor vorming van kerkenraden op het gebied van onder meer kerkrecht, voorzitterschap en conflicthantering en materiaal voor gemeenteopbouw.
Een speciaal programma moet conflicten in kerkenraden helpen voorkomen.
Tevens komt er een diaconaal steunpunt en wordt een cursus voor kerkelijk werkers ontwikkeld. In veel gevallen werken Stagg en predikantenopleiding hierin samen.
In samenhang hiermee gaat een nieuwe commissie een loopbaanbeleid voor predikanten en kerkelijk werkers ontwikkelen. Daarbij gaat bijzondere aandacht uit naar ‘betere doorstroming van predikanten, de noodzakelijke omslag in het beroepswerk, bespreking van het loopbaanperspectief en naar instrumenten daarvoor, zoals tijdelijke uitleen, interim-predikantschap en doorstroming van gemeente- naar categoriaal werk’. In samenwerking met de kerken zullen proeven worden genomen met deze aanpak. De afgelopen LV-periode (2008-2010) werd het meest uitgegeven aan de Vertrouwenscommissie (12.888 euro), het interkerkelijk Contact in Overheidszaken (11.412 euro) en de commissie Contact en samenspreking (10.532 euro).
De totale uitgaven bedroegen 88.337 euro en daar tegenover stonden kerkelijke bijdragen van 123.279 euro, zodat de inhoud van de kas eind 2010 krap 65.000 euro bedroeg.

Wat vond u van de LV?
Voor de eerste keer keken de LV-afgevaardigden terug op hun eigen vergaderingen.
Het moderamen legde hun vragen voor over de manier van vergaderen, het aantal vergaderingen (één dag, twee dagen achtereen), de werkwijze van het moderamen, de leiding van de vergadering (te streng, te soepel) en de rol van de commissies en hun rapporten. ‘Draagt de vergaderopzet eraan bij dat de bijdragen van afgevaardigden tot hun recht komen, dat er naar elkaar wordt geluisterd, dat het tot een goede uitwisseling van gedachten komt, dat we van elkaar leren en dat we samen vanuit onderlinge verschillen toegroeien naar grotere gemeenschappelijkheid?’ Over het algemeen was er grote tevredenheid over het werk en de werkwijze van het moderamen. De tijdige toezending van vergaderstukken liet wel eens te wensen over, maar er was ook begrip voor de grote werkdruk in het moderamen.

Sander Klos is journalist en voormalig hoofdredacteur van Opbouw.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief