Ingezonden
1987-10-16
De laatste jaren, ging er in kerkelijk Nederland, weer enige hoop gloren aan de horizon.- Jaargang 31
- nummer 39
Ook binnen de Geref. Kerken (Vrijgemaakt).
Mensen als J. Douma, C. G. Bos en C. Trimp, om er maar enkelete noemen, kwamen er voor uit, dat er ook waarachtige Christ-gelovigen in andere kerkelijke denominaties te herkennen zijn.
We konden zelfs constateren, dat het kerkistische drijven van een radicalist als ds .J. Hoorn te Grootegast door de synode. van Heemsewerd afgewezen.
Helaas is dat radicalisme nog niet ter ziele.
Dit is gebleken op de synode van Bunschoten-Spakenburg.
Op een der zittingsdagen, deze week, werd bij monde van dr A. N. Hendriks afscheid genomen van prof. J. Kamphuis.
Daar werd geponeerd, dat J. Kamphuis op het juiste moment was opgetreden als hoogleraar Kerkrecht.
De hele speèch van dr Hendriks ademde de geest: J. Kamphuis is in de jaren 1967-1970 opgetreden als redder van de Geref. Kerken, (Vrijgem.). De professor zelf zei in zijn dankwoord, dat de verkregen winst, na hem de strijd, niet teloor mag gaan.
Wij weten, wat die strijd betekend heeft: Duizenden ware Christ-gelovigen werden door het door deze professor ontworpen wegroepingskerkrecht uit de kerk verwijderd.
De eenvoudige belijdenis van zondag 31 van de Heidelbergse Catechismus, waarin alleen ongelovigen uitgesloten mogen worden uit het Koninkrijk Gods, werd door deze professor en zijn satellieten met voeten getreden.
En zo moeten wij helaas constateren, dat er bij J. Kamphuis verharding is en geen bekering.
Gelukkig zijn er in de Geref. Kerken (Vrijgem.) vele anderen, die smart dragen om de geslagen breuk, en ook hongeren naar eenheid met alle waarachtige Schriftgelovigen, die onze Here Jezus' Christus liefhebben in onverderfelijkheid.
Bij dit alles moest ik denken aan onze onvergetelijke prof. Holwerda. In een preek, (die niet werd uitgegeven) maar door de goede zorgen van prof. C. Veenhof aan ons is overgeleverd, (zie zijn boek: Om Kerk te blijven) staat o.m. dit citaat: "Ik vind, onze belijdenis over de kerk prachtig. Maar ik weet ook, dat onze mensen heel wat andere zorgen hebben: stoffelijke nood, spanning, verdriet.
Als zulke mensen niets anders krijgen te horen en te lezen dan betogen over de ware kerk, dan sticht dat niet meer. Als er gisting en spanning is in de gemeente, juist in verband met de vragen van organisatie e.d. dan kan men veel hameren op doorgaande reformatie, maar ze kunnen die dingen in die omstandigheden niet dragen. En ik ben bang, dat de wijze waarop die dingen in een atmosfeer van twist onder ons behandeld zijn een verhindering geweest is voor mensen buiten onze kerken om tot ons te komen: ook een ergernis voor de kleinen in eigen kring, die tenslotte zeiden: is dat nu de ware kerk, waar men elkaar verteert?
Ware Kerk? Ja, maar die is er niet zonder dat men de kinderen aanneemt!
Doorgaande reformatie? Maar als we ergernis geven, dan is er geen reformatie, maar dan versperren we de weg naar het Koninkrijk der hemelen!
En daarom geliefden, wij moeten dit woord van Christus ter harte nemen.
Werkt allemaal hard in dienst van het Koninkrijk der hemelen, maar doet het zonder eerzucht, zonder hoogmoed, zonder zelfverheffing.
Toont niet alleen met woorden, doch ook met daden, dat ge als kinderkens ingaat in het Koninkrijk der hemelen, uit louter genade ".
Tot zover het citaat uit een preek over Mattheüs 18 van prof. Holwerda. Als wij uit die gezindheid zouden gaan leven, wat zou er dan een machtig perspectief geopend worden, voorde waarachtige eenheid van Christus' Kerk.
P. Dubbeld, Barendrecht