Zwarte dauw
2011-04-29
In ons land bestaat een soort haat-liefdeverhouding ten opzicht van orthodox protestanten. Knielen op een bed violen is er misschien wel een typerend voorbeeld van, het verhaal van een diep vroom mens met angst voor de eeuwigheid. De hoge oplagecijfers laten zien dat er kennelijk belangstelling is voor dit soort authentieke spiritualiteit en misschien ook wel heimwee naar dergelijke geborgenheid. Tegelijk moet de grote groep lezers weinig hebben van de morele consequenties en groepsdruk die ze denken te zien bij de ‘zwarte kousen’ kerken.- Jaargang 55
- nummer 9
Participerende observatie
Rachel Visscher heeft een boek geschreven over een stadje, dat gestempeld is door het zware geloof, waar haar vader opgroeide en waar zij zelf als kind regelmatig bij haar grootouders kwam. Haar vader had het geloof overigens afgezworen en Rachel is er in het geheel niet bij opgevoed. Zij koos voor een soort participerende observatie, zij kleedde zich in passende kledij, nam deel aan kerkdiensten, ging bij mensen op bezoek. Zij beschrijft de mensen en de dingen op een prettige manier met oog voor details, meer literair dan analytisch. Het boek leest lekker en is ingedeeld in korte hoofdstukken, enigszins columnachtig.
Vooroordelen
Toch kreeg ik bij het lezen steeds meer het gevoel: wat moet ik met dit boek?
Het bevestigt vooroordelen: Als de schrijfster bij een oudere man op bezoek gaat, heeft ze een broek aan waardoor ze niet binnengelaten wordt. Als een jonge moeder niet veel Bijbelkennis heeft (hoe weet de auteur dat?) maar wel weet wat goed is en zich veilig voelt in de gemeenschap, gaat daar de suggestie vanuit dat ze dom is.
Vrouwen zijn in het algemeen volgzaam, de man geeft leiding. Er is sprake van hypocrisie, bijvoorbeeld in het omgaan met de tv. In het gesprek met de dominee blijkt van beide kanten de afstand: zij ziet hem als een trotse pauw, hij bekijkt haar met achterdocht.
Kennisgebrek
Voor een antropoloog heeft ze zich te weinig verdiept in het eigene van de doelgroep: Bij het Avondmaal krijg je water en brood; bij het Avondmaal geven gelovigen aan elkaar te kennen wie een nieuw hart van God heeft gekregen en zich als bekeerd beschouwt.
Deze analyse is onvolledig, ze ziet de feitelijke situatie aan voor het doel. De spanning en de stilte bij het Heilig Avondmaal beschrijft ze goed maar tegelijk geeft ze innerlijke overwegingen weer van hen die aangaan, wat bij mij de vraag oproept: hoe weet ze dat?
De SGP is de Sociaal (in plaats van Staatkundig) Gereformeerde Partij.
Dit soort fouten had ze toch met behulp van adviseurs of goede boeken moeten kunnen voorkomen.
Afstand
De meeste delen, over de doelgroep heten ‘Obscuur’, en in de paar korte delen met de titel ‘Clair’ neemt ze afstand van haar studieobject. In het slothoofdstuk geeft ze een analyse: ze is zeer positief over de liefde, de barmhartigheid en de zorg. Maar die goedheid is er ook bij de niet-gelovige mensen. Het orthodoxe geloof onderdrukt tal van goed menselijke eigenschappen.
Deze mensen zijn angstig, ze ontzeggen zich fijne dingen als muziek, theater en literatuur. Voor iemand die niet gelooft, heeft ze zich behoorlijk in de doelgroep ingeleefd, voor een antropoloog lijkt me het inzicht en de analyse weinig diepgaand.
Visscher, R. (2011), Zwarte dauw.
Geloven in een Hollandse gemeenschap.
Augustus Amsterdam. 176p. € 16,95.
Ide Zinkstok is neerlandicus en lid van de NGK Ede.