Een onvergetelijk ogenblik (2)
1986-09-19
Intermezzo III...- Jaargang 30
- nummer 36
Toen in 'september 1985 de Sinode Middellande, de synode van de zwarte Gereformeerde Kerken in Zuid-Afrika in de provincies Transvaal, Natal, Vrystaaten Kaapland. met uitzondering van Noord-Transvaal waar de Venda-kerken haar eigen synode hebben, in Hammanskraal samenkwam, stonden twee belangrijke zaken op het programma, waar onze kwaZulu-zending ten zeerste bij betrokken was: Eerst de 'zaak van de Corresponderstie tussen de Nederlands Gereformeerde Kenken en de zwarte Gereformeerde Kerken en daarnaast de zaak van de theologische opleiding in kwaZulu. Aan de laatste was min of meer verbonden het rapport van de Synode-deputaten die het examen van Miyaen de drie 'Kamper=broeders hadden bijgewoond op de Classis iTheku. Dat rapport luidde gunstig. Het werd ook zonder slag of stoot door de Synode geaccepteerd; zodat de laatste stap op de lange weg van artikel 8 gezet kon worden: Het proponeren van de vier broeders, met een laatste onderzoek naar zuiverheid in de leer d'Ooreen volgende Classis-vergadering.
Dat verliep allemaal voorspoedig. Zodat in april1986 de laatste hindernissen waren overwonnen.
En de finale in zicht kwam.
Finale ...
De vijftien Gemeente-kernen in het Nqubudistrict, door het zendingswerk van Haarlem - Den Haag, Leerdam en Bunschoten-Spakenburg 'ontstaan, werken nauw samen. Zo is er een gemeenschappelijke Kerkeraad. Gedeeltelijk uit de nood-aan-mannen geboren. Maar nu de eerste zwarte predikant-uit-eigen-kweek in aantocht was, moest er voor zijn beroeping en bevestiging een deel-kerkeraad gevormd worden. Die heeft twee maal vergaderd. Bestaande uit de ambtsdragers van de 'Haagse' Gemeenten: Eén maal om Miya te beroepen. De tweede maal om zijn beroepsaanvaarding en zijn bevestiging en intrede te bespreken. Toch wel een mooie ontwikkeling. Omdat daaruit blijkt hoe de zwarte Gemeenten zelf ook betrokken zijn bij hun voorgangers. Zoals naar voren kwam in het besluit van de eerste wijkskerkeraad dat er speciaal voor de salariëring van Miya en eventueel volgende broeders, een extra maandelijkse bijdrage van de leden gevraagd zal worden.
Zo werd uiteindelijk:de bevestiging en intrede van Miya, als predikant voor de twee zuidelijkste Gemeenten in Nqutu, eQhudeni en eMabhuqwiini, vastgesteld op zaterdag 26 juli 1986.Hij gaat die gemeenten gebruiken als uitvalspoort naar een nog vrijwel braakliggend gebied, ten zuiden van Nqutu, in Nkandla en Kranskop. Vandaar dat het voor juist die twee Gemeenten uiteindelijk niet zo leuk verliep: De bus die we voor hen gehuurd hadden en waarvoor 'ze zelf een deel van de onkosten zouden dragen kwam niet opdagen; ze hebben uren staan wachten; vergeefs.
Terwijl wij, op 'eNondweni, 75 km ver, (langs slecht begaanbare wegen) eerst hebben gewacht tot een uur na de officiële aanvangstijd, maar tenslotte zijn begonnen, met een dienst die uiteraard minder goed bijgewoond door de afwezigheid van de zeker 100 zuiderlingen, toch een erg feestelijk karakter had. Er is wat aan de liturgie veranderd om toch nog de zuiderlingen zolang mogelijk kans te geven te arriveren. Maar centraal in het geheel stond het magistrale Jesaja 6: Het roepingvisioen van Jesaja. Als bevestiger was het mijn voorrecht hierbij speciaal de aandacht te vestigen op de heiligheid en de heerlijkheid (aarde-vullend) van de HERE Die tot de dienst roept.
Dominee Miya heeft, als eerste zwarte Gereformeerde predikant in het Nqutudistrict, de gelovigen bepaald bij het voorrecht dat de geroepene heeft om nl. dienst te mogen verlenen door het Woord van de HERE op Diens bevel te verkondigen, wijd en zijt.
Een Zulu-kerkdienst zonder zang is en denkbaar.
En gezongen werd er. Psalmen, uit onze eigen bundel, waaraan 'Ook Ds Miya heeft meegewerkt (!).Ook liederen, die we naast de 76 Psalmen, opgenomen hebben na een vrij sterke keuring. Bij gelegenheden als deze krijg je gemeentezang die zo lekker heen-en-weergolf 'omdat allen 'in de stemming' raken.
En wat was nu het meest grootse moment in deze finale? Voor Miya-zelf ongetwijfeld de bevestiging; met de daaraan verbonden handoplegging door Ds Busstra en ondergetekende (Ds Keesenberg kon door zijn ernstige ziekte niet aanwezig zijn, helaas). Maar voor mij was het moment: Toen Miya na zijn intredepreken dankgebed, na een korte serie toespraakjes, de Gemeente de zegen, de priesterlijke zegen uit Numeri 6 :24-26, oplegde. Want het is wat als na ruim 20 jaren zendingswerk een man uit het eigen volk naar voren mag en kan komen, die door de HERE;geroepen is om uit te gaan en onder zijn volksgenoten .het Evangelie van kruis en vergeving te verkondigen. Het is wat als de Here Jezus zo de tweede fase in het zendingswerk als het ware inluidt met een man die zó veel gaven heeft, dat hij, in afhankelijkheid van zijn Zender dit praeludium, de intermezzi en de finale opnieuw in uitvoering kan nemen!