Terloops...

1986-09-26
  • Jaargang 30
  • nummer 37
Een toevlucht voor de Zijnen
Op de dag dat een oude oom van me stierf - hij werd 96 jaar - was ik 's avonds in de Herv. Kerk te Zandvoort om te luisteren naar een orgelconcert van Evenhard Zwart.
Mijn oom was vroeger beroepsmilitair.
Hij was al vroeg weg uit het dorp Well in de Bommelerwaard, waar hij opgroeide.
De mensen in het dorp vonden, dat Joost het niet gek had gedaan en zelf meende 'hij 'Ook wel, dat hij het 'gemaakt' had. Er gingen er in die tij d niet zoveel uit het dorp naar elders,Zijn moeder had er echter haar zorg 'over en heeft veel voor hem gebeden.
Opeens kwam hij thuis met een rooms-katholiek meisje, met wie hij later is getrouwd. Dat gaf nogal stof tot spreken, want er waren in die tijd scherpe tegenstellingen. In Wen woonden bijna allemaal hervormden, op enkele 'katholieken' na 'en in het vlakbij gelegen Ammerzoden - daar is een prachtig kasteel te bekijken - was het ongeveer andersom.
M'n tante heeft na haar huwelijk met mijn oom er 'niks meer aan gedaan'.
Ik denk, dat dat een voorwaarde is geweest. Hun enig kind is hervormd gedoopt en bepaald niet godsdienstig opgevoed.
Zelf liep hij de kerkdeuren ook niet plat en hij kon heel vijandig zijn tegenover kerkmensen.
Toen mijn ouders in 1922 naar de Gereformeerde Kerk gingen, vond hij dat maar niets en kwam er wat afstand tussen hemen mijn moeder. Merkwaardig genoeg niet tussen mijn tante en mijn moeder. Het was bij ons in de familie dus niet allemaal hetzelfde. Dat dwingt je tot nadenken en goed onderscheiden.
Op latere 'Leeftijd ging mijn oom weer regelmatig naar de kerk en mijn tante ging van tijd tot tijd wel eens stiekem naar haar 'eigen' kerk. In haar hart ds ze meer rooms gebleven dan ze aan de buitenkant liet merken.
Ik denk, dat ze eigenlijk een heel diep vertrouwen ·in God had en daar praatte ze graag over. Als m'n oom er niet bij was, want die bewaarde de geloofszaken voor zichzelf, Hij kapte het gesprek meestal. Dat kon hij goed, als een echte militair.
Ik bewaar aan beiden goede herinneringen. Mijn oom heeft zijn vrouw veel jaren overleefd en de laatste jaren ging hij langzaam achteruit. Hij verwachtte niets meer van het leven en van het sterven eigenlijk ook niet. Weg is weg, zo meende hij, Daarom wilde hij ook gecremeerd worden en zijn as moest worden verstrooid, Een bezoek stelde hij zeer 'Opprijs en ik denk, dat het goed is oude tantes en ooms maar eens op te zoeken.

Tijdens de plechtigheid in hel crematorium was er muziek te horen. Een koor zong 'Blijf bij mij Heer .. .' en 'Als in de doodsvallei ik eens zal staan en zie de poorten voor mij opengaan., .' Ik weet wel zeker, dat dit niet de wens van m'n oom is geweest en ik had het er dan ook even moeilijk mee. We kunnen onze doden niet 'de hemel inzingen' en we hoeven ze er ook niet uit te praten. Er kunnen omstandigheden zijn, dat we stil moeten zijn en het van a tot z maar aan God moeten over laten. Eén ding mogen we altijd blijven vasthouden: Gods barmhartigheid is groter dan wij beseffen 'kunnen. En bovendien, wat weten wij vaak weinig af van andere mensen.
Er zijn er die zwijgend en morrend God vrezen, En gebeden van moeders worden door God niet vergeten!
Maar nu dat orgelconcert. Het is een mooi orgel en het kerkje in Zandvoort is ook mooi. De orgelgaanderij rust op masten van een schip, dat jaren geleden voor de kust van Zandvoort verging. De volgende woorden zijn er te lezen:

'Van 't droef vergane schip d' in storm bezweken mast
Draagt thans in 's Heeren Huis een Hem gewijden last.
Zoo worde wat op aard' in ramp en rouw ons treft
Een pijler die ons hart naar 't Eeuwig Godshuis heft.'

Aan het 'slot van 'zijn concert speelde de organist de bekende fantasie van 'Een vaste burcht is onze God' van zijn grootvader.
Als U wat tussen de regels door leest, begrijpt U wel walt ik met dit artikeltje bedoel.
Om ons heen zijn veel rampen en er is veel rouw, Maar een vaste burcht ds onze God, een pijler...
En Hij is en blijft een toevlucht voor de Zijnen.
Dwars door alle gebrokenheid heen.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief