Terloops

1986-01-31
  • Jaargang 30
  • nummer 5
Als je vanuit Tel-Aviv naar het Noorden rijdt kom je al gauw in Herzlia, een plaats die is gesticht in 1924 en is genoemd naar de journalist Theodor Herzl. De man is van grote betekenis geweest voor de zionistische beweging, die voor het grootste deel op godsdienstige gronden een joodse staat wilde vestigen in Palestina. Ik noem dit even, omdat het meteen duidelijk maakt dat Israël een jonge staat is. Een stad die in 1924 werd gesticht, dat is pas ruim 60 jaar geleden. In ons land komen dergelijke jonge steden bijna alleen voor in de polders van de vroegere Zuiderzee. In Israël zijn echter heel veel jonge steden. Ook Tel-Aviv is pas na 1920 tot ontwikkeling gekomen.
Voordat je Tel-Aviv naar het Noorden verlaat loont het de moeite om naar Jaffa (Joppe) te gaan. Tel-Aviv is tegen Jaffa aangebouwd. In de bijbel lezen we over deze plaats. Het klooster van St. Petrus op de heuvel herinnert aan de bezoeken die Petrus aan deze plaats bracht.
In Hand. 9 : 36 e.v. lezen we over zijn bezoek waarbij hij Tabitha opwekte. Petrus logeerde toen bij de leerlooier Simon.
Het verhaal uit Hand. 10 is bekend. Petrus is op het dak van het huis als hij allerlei dieren ziet, terwijl er gezegd wordt: 'Sta op, slacht en eet'. Het huis van Simon lag vlak bij de zee (Hand. 10 : 6). Er zijn gidsen die, je het huis van Simon aanwijzen, vlakbij een kleine moskee. Maar daar moet je je maar niet te veel van aantrekken.
Ook in het Oude Testament wordt al over Jaffa gesproken.
Jona vond in Jaffa een schip om naar Tarsis te varen en Salomo kreeg van de koning van Tyrus bomen van de Libanon, die naar Jaffa werden gevoerd en vandaar naar Jeruzalem werden gebracht.
Jaffa is in de geschiedenis steeds een belangrijke plaats geweest, o.a. in de tijd van de Romeinen.
Begin van deze eeuw woonden in de plaats vrijwel uitsluitend Arabieren, maar na de tweede wereldoorlog vestigden zich steeds meer joden in de stad. In mei 1948 werd de plaats door de joden op de Arabieren veroverd.
Een gedenkteken herinnert hieraan. Verwezen wordt naar 2 Sam. 1 : 23: 'Zij waren sneller dan arenden, sterker dan leeuwen'.

Naar Samaria
Als je bij Netanya de kustweg verlaat en het binnenland ingaat, zie je direkt verschil. Je komt in een ander landschap en ontdekt dat het leven in het binnenland minder modern is dan aan de moderne kustweg.
Het Arabische dorp Sebastia ligt op de ruïnes van het oude Saniaria.
Over Samaria lezen we heel wat in de bijbel, Omri bouwde Samaria (1 Kon: 16: 21-28).
Hij noemde de stad naar Semer, de eigenaar van de berg. Omri's zoon Achab versterkte de stad en liet er een tempel van Baäl bouwen. In Samaria stond Elia tegenover Achab en Izebel.
Amos profeteerde tegen de vrouwen van Samaria (hoofdstuk 4) en Jeremia verteld over de wijngaarden op de bergen van Samaria (31 : 5).
Uit het Nieuwe Testament weten we van het gesprek van Jezus met de Samaritaanse vrouw. Om nog een voorbeeld te noemen: Filippus preekte in Samaria (Hand. 8 : 4 e.v.) en ontmoette daar Simon de tovenaar.
Herinneringen genoeg dus als je loopt tussen de overblijfselen van de oude stad. Samaria van het Oude Testament werd 700 jaar voor Christus verwoest en Herodes bouwde 35 jaar voor Christus een nieuwe stad op de, ruïnes. Hij noemde de plaats Sebastia naar keizer Augustus (Augustus is in het grieks Sebastos).
Er zijn hier heel veel opgravingen verricht. De ruïnes van een Romeinse kerk uit de derde eeuw zijn heel duidelijk, terwijl zelfs een stuk van de oude stadsmuur uit de tijd van Achab is blootgelegd. Ook delen van het oude paleis zijn onder de stenen vandaan gekomen.
Vlakbij zijn ook restanten van een oude christelijke kerk gevonden. Omdat iedere plaats nu eenmaal iets moet hebben om mee voor de dag te komen wordt verteld dat Johannes de Doper in Samaria zou zijn onthoofd.
Samaria was een sterke plaats en lag veilig op de berg. Amos waarschuwt de zorgelozen op Sion en die zich veilig voelen op de berg van Samaria Amos 6: 1-14).

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief