Paastijd in regenboogkleuren
2008-03-14
In het paasevangelie straalt het wit je tegemoet: de blinkende engel, een lichtende boodschapper van God. Dat witte licht herbergt alle kleuren in zich. Rood, oranje, geel, groen, blauw en violet, een regenboog vol, hét teken van Gods verbond.- Jaargang 52
- nummer 6
In sommige kinderpaasprojecten staat elke week zo'n kleur centraal om iets duidelijk te maken over de lijdenstijd.
Rood, de kleur van het bloed, soms ook van de liefde. Paars, de kleur van de bezinning of droefheid, maar ook een koninklijke kleur. Waren de kleuren in de kerk tijdens de Middeleeuwen nog gebaseerd op vaste afspraken - kunst moest herkenbaar zijn om ervan te kunnen lérennu zijn ze eerder bedoeld om emoties op te roepen of ons in een meditatieve sfeer te brengen. Daardoor kan de kleurkeuze een heel persoonlijke wending nemen.
Contrasten
Op dit moment is er in Utrecht, in het Museum Catharijneconvent, een tentoonstelling over de tijd voor Pasen te zien waarin de kleuren van de regenboog een belangrijke rol spelen. Tien kunstenaars hebben samen aan Cold Turkey, Van Carnaval tot Pasen gewerkt. In zeven opeenvolgende ruimtes wordt steeds een fase uit de lijdenstijd verbeeld. Een periode van contrasten: feesten en vasten, vriendschap en verraad, licht en donker en de ultieme tegenstelling van dood en leven. De werken zijn daarom ook zeer wisselend van aard.
Houtskooltekeningen, beelden van polyester, gips of brons, een videofilm.
In die film vindt trouwens ook zelf de omslag plaats door een feestelijk gedekte tafel te laten verregenen en verwaaien.
Elke ruimte is door de Arnhemse kunstenaar Jan Meijering (1960) voorzien van een kleur die afgeleid is van de regenboog en die wisselende stemmingen oproept. Begint die toegevoegde kleur bij carnaval nog bescheiden (hier zou je nu juist wat heftigs verwachten), als je de zaal van Aswoensdag binnenloopt, waar de werken een sfeer van vergankelijkheid en afschuw oproepen, sta je in een zoetrose ruimte. Die contrasterende sfeer wordt nog versterkt doordat niet alleen de ogen, maar ook de neus en de oren worden geprikkeld door toegevoegde geuren en muziek, in dit geval heldere vogelgeluiden en een torenklok in de verte. 'Cold Turkey' is de naam van een radicale afkickmethode - moeten we van bepaalde vooronderstellingen af?
Innerlijke zoektocht
Een 'halte' verder, bij de uitbeelding van de vastentijd, klinkt zachte koormuziek.
Dit is een plek om stil te staan. Door de intens oker-oranje geverfde muren lijkt de vloer een paarse gloed te krijgen. Een log, op zijn buik liggend figuur, zijn rug vol kleine hoofden, klaagt je met opengesperde mond aan terwijl zijn ogen zijn bedekt met een helm. Even verderop ligt een in witte doeken gewikkeld figuur. Een ander beeld zonder hoofd draagt een figuur met een kleed erover dat bestaat uit talrijke traanvormige deeltjes. Tenslotte zie je nog een hoofd, het gezicht achter gaas, met een soort gewei van uitstekende handen bovenop, een puntzak of - muts in de handen. En dat alles ondergedompeld in diepe aardekleuren.
'Waar gaat dit over?' vraag je je als bezoeker af als je deze indringende beelden van Wout Herfkens (1962) bekijkt. Of zouden er toch aanknopingspunten zijn? Het wordt duidelijker als je weet dat Wout Herfkens zich heeft geconcentreerd op de innerlijke zoektocht van de veertigdagentijd.
Een tijd van aandacht voor mensen in nood, een tijd van reiniging, een tijd van het leren dragen van verlies en lijden en van het loslaten van vooropgezette denkbeelden.
Stigmata
De aandacht voor het lijden in de kunst is sinds Franciscus van Assisi (rond 1200) sterk toegenomen. Was de kruisdood van Christus in het begin toch vooral het teken van de overwinning, de nadruk verschuift in de Middeleeuwen naar de pijnlijke kant van het kruis. Zie je bij de kunst uit de eerste eeuwen nog een grote overwinningskrans aan het kruis hangen, later is het Jezus zelf die daar hangt. Inmiddels is dit beeld ook een symbool voor de hele lijdende mensheid geworden. Franciscus droeg de stigmata (de wonden van Jezus' kruisiging) om Jezus' lijden te kunnen meedragen.
Rinke Nijburg (1964), gefascineerd door het leven van Franciscus, brengt Jezus' wonden op een andere manier tot uiting. In zeven grote tekeningen zet hij de kruisweg van Jezus neer als tatoeages op de rug van een man. De donkerblauwe muur waarop ze hangen trekt zich als het ware terug.
Opstaan
Ook Erzsébet Baerveldt (1968) toont een passie voor de wonden. Ze treft een moment van de opstanding dat bijna nooit eerder werd gekozen: de overgang van Stille Zaterdag naar de paasmorgen. Jezus, levensgroot uitgebeeld als bronzen figuur, is nog aan het opstaan. Hij kijkt naar de grote wond op zijn rechterpols. Zijn andere hand houdt hij in een gebaar van afweer voor zijn gezicht. Straks zal hij de mensen tegemoet gaan. Nu nog even niet. Paars is hier gekozen als paaskleur, een variant van de laatste regenboogkleur.
Niet alles van deze tentoonstelling zal even mooi worden gevonden. Maar zoals de regenboogkleuren samen wit licht kunnen vormen, zo is deze bonte verscheidenheid toch een eenheid. En ontdek je, zegt Jan Meijering, door het contrast met het lelijke niet juist dat wat mooi is?
| Tentoonstelling Cold Turkey, Van Carnaval tot Pasen Museum Catharijneconvent, Utrecht 2 februari - 6 april 2008 |