Boeketje trouwpreken (2)
1986-04-11
Een trouwdienst is een bidstond. Vandaar de keuze van uw trouwtekst uit Psalm 16. Een kleinood van David. Er zijn er die zeggen, dat met, dat bijna onvertaalbare woord ("kleinood") gedoeld wordt op een intieme geloojservaring. Een belijdenis van de verborgen omgang met de HERE. Daaruit is dan deze Psalm geboren. Uit ervaring, die in het verleden nooit beschaamd met God. uitkwam is deze bede voor de toekomst geboren. Het pad des levens wordt zelfs door de schijnbare overmacht van de dood geen doodlopende weg (v. 10, 11). Zelfs in de nacht is Hij nog bij mij (v. 7). En als Hij aan mijn rechterhand is wankel ik niet (v. 8).- Jaargang 30
- nummer 15
Als we zo iets van deze Psalm geproefd hebben verstaan we te beter de bede aan het begin: "Bewaar mij, 0 God, want bij U schuil ik."
Waarschijnlijk staat David hier aan het begin van een nieuwe periode in zijn leven (misschien zijn koningschap in Hebron, zie v. 5 - ?); hij stapt dan een stuk van zijn leven binnen, dat hem nog totaal onbekend is.
Maar zijn God, is hem niet onbekend!
Als Die aan zijn zijde gaat zal hij niet wankelen. Hij kent zijn eigen zwakheid, maar hij kent ook Gods kracht en trouw! "Ik heb geen goed buiten U", zo belijdt David. DatIs meer dan wat sommigen zeggen: God is het hoogst goed.
Voor David is God zijn énig goed.
U kent wellicht Luthers vertaling van Psalm 73 : 25: "Wenn ich nur Dich habe, so frage ich nicht nach Himmel und Erde".
Hier in Psalm 16 kruipt een kind van God dicht tegen zijn Vader aan en hij fluistert: U bent alles wat ik heb, - bewaar mij 0 God die u vandaag aan elkaar heeft verbonden, Het gaat om de bewaring van iets kostbaars, dat "kleinood" van Psalm 16, het léven van ons leven, het leven met God. Daár gaat het om! De essencie, het wezenlijke van ons leven. Bidden we vandaag, dat dat kostbare keinood u nooit ontvalt, maar dat het bewaard blijft in Gods handen.
Vele zijn' de smarten van hen, die dingen naar de gunst van een ander (v. 4).
Daar staat tussen haakjes wel (god) achter, maar dat staat niet in de grondtekst. Er staat gewoon: een ander. Welke naam je daar ook invult: die ander word je dan wel tot een god.
Dat kan in het huwelijk gebeuren.
Als die ander in je leven komt. Aan wie je je hart hebt gegeven.
Als het "geen goed buiten U" je belijdenis geworden is en je ervaring door veel aanvechting heen, toen je 'nog alleen was,dan wordt nu de bede zo nodig, nu die ànder in je leven gekomen is: "Bewaar mij 0 God, dat U op de achtergrond zou
Waarvóór moet u bewaard worden? Voor elkaar? 0 zeker, dat willen we óók hopen, maar het is het hoogste niet. Het hoogst is: bewaard worden voor Hem komen en ik dat "kleinood" zou verliezen van "geen goed buiten U".
Mensen die ons het liefste zijn kunnen een bedreiging gaan worden van het "geen goed buiten U". Dáár moeten we voor bewaard worden. We kunnen onszèlf niet bewàren: We kunnen ook elkáár niet bewaren.
We moeten bewaard worden.
En we kunnen alleen bewaard worden door God.
Daarom schuilen we bij Hem.
Niet bij elkaar. Maar samen bij Hem. Want Hij zal u bewaren.
Voor elkaar. Ja maar ten diepste voor Zichzelf. Want u bent beiden zo duurgekocht en zo duur betaald! Met de dure prijs: van het eigen bloed van Gods Zoon. Christus heeft uw leven voor God gekocht. Vrij gekocht.
Gods eigendom, staat ge vrij tegenover elkaar. De ander kan nooit meer een god voor je worden. En wie zal het kostbaar kleinood van uw verloste leven beter bewaren. dan God? Heeft Hij ons niet beloofd ons zó te bewaren, dat zonder Zijn wil geen haar van ons hoofd zal vallen, ja ook, dat alle ding tot onze zaligheid moet dienen?
(antw. 1 van de Catechismus.) En als dan toch veel en veel' meer dan een haar van ons hoofd ons ontvalt, ja zelfs als de ander in ons leven ons komt te ontvallen, - dan nog zal het onze zaligheid dienen. Want juist dàn zullen we het ten diepste mogen ervaren: "Ik heb geen goed buiten U".
"Bewaar mij, 0 God". Dat mag u vandaag en elke dag van uw leven bidden.
Dat bidden wij ook u toe. En bidt dat ook voor elkaar. Men kan dat niet voor elkáár bidden, zonder zuinig te zijn op het kleinood, dat God u te leen heeft gegeven en aan uw bewarende zorg toevertrouwd, "Opdat uw gebeden niet verhinderd worden", zegt ons oude huwelijksformulier, zo mooi en teder.
Bewaar hen, 0 God; want zij schuilen bij U.