Als vanzelf

1985-08-16
  • Jaargang 29
  • nummer 31
De Heidelbergse Catechismus heeft de laatste tientallen jaren geen beste naam: in romans, in gesprekken voor de 'krant of de radio en de televisie wordt de catechismus verweten dat hij zo negatief spreekt over de mens: onbekwaam tot enig goed en geneigd tot alle kwaad. Misschien zijn er ook wel hulpverleners in de sector van de psychologie en de psychiatrie die mensen in hun nood proberen te helpen door hun te zeggen, dat ze wat positiever over zichzelf moeten denken. Ze zijn echt wel wat waard en ze doen waarlijk niet alles verkeerd. Ze schieten niet overal in tekort en ze hebben niet in alle opzichten 'gefaald; zoals ze dat uit de catechismus geleerd hebben. Nu wordt bij zulke gelegenheden de catechismus onvolledig geciteerd, want er staat niet dat de mens onbekwaam is tot enig goed, maar dat hij dat van nature is. Dat verandert de zaak: Er zou misschien beter kunnen staan: van nature waren wij onbekwaam tot enig goed en geneigd tot alle kwaad. Dat sneed nog duidelijker de gerezen misverstanden af.
En je moet niet vergeten dat de catechismus op andere plaatsen juist een zeer optimistisch "mensbeeld" heeft. Ik denk dan aan het 64e antwoord: het is onmogelijk dat wie één met Christus is, geen vruchten van de dankbaarheid draagt, of voortbrengen zal.
Het is dus niet nodig om de gemeente te geselen met boetpredicaties, zoals vroeger vaak gebeurde en misschien nog wel. Het is niet zo noodzakelijk om het vermanende vingertje op te heffen richting jeugd op de galerij of op de achterste rij. Wanneer de rijkdom van het Evangelie in de. preek gebracht wordt, komen de goede werken als vanzelf.
Daar gaat het over in Zondag 24. De ouders moeten ook niet al te ongerust zijn over hun kinderen. Die kinderen zien het niet meer zo zitten in de oude discussies waarmee de vaderen zich onledig hielden. Over de zondagsheiliging met name. Maar ik heb er wèl ontmoet, die nog studeerden op kosten van pa en de staat en dus zeer sober leefden en vaak de warme maaltijd maar oversloegen op hun studentenkamer, maar bij wie je dan toch wel een fotootje op de schoorsteenmantel zag van een kind uit India dat ze samen met nog een paar studenten geadopteerd hadden. "De jeugd van tegenwoordig!" Die zin wordt vaak gezucht met de gedachte: daar komt niets van terecht. Het kon nog wel eens meevallen, want er werkt onder hen een Kracht die wij meestal onderschatten.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief