Doleantie-herdenking (slot)
1986-05-30
Wanneer we spreken over REFORMATIE van de kerk bedoelen we daarmee aan te geven dat na tijden van inzinking en afdwaling een terugkeer en vernieuwing is gekomen.- Jaargang 30
- nummer 22
Spreken we daarbij over een WERK VAN GOD dan ligt daarin de erkenning, dat het de Heilige Geest was, die een wederkeer naar het Woord van God bewerkte.
Wanneer we daarbij gaan vragen: "uit God OF uit de mensen" mogen we niet uit het oog verliezen dat we ook in de vergadering van Christus kerk te maken hebben met de gebrokenheid van het christelijk leven in deze aardse bedeling. Niets menselijks is aan de kerk vreemd.
In de zestiger jaren was er in onze kerken een verwoede discussie over wat men noemde: het werk des Heren in de vrijmaking.
Wee degene die hier vraagtekens durfde zetten: de Koning van de kerk had ons Zelf uitgeleid uit het diensthuis.
Bij deze voorstelling van zaken was de vrijmaking niet alleen een geloofs-beslissing maar ook een geloofs-stuk (in de zin van Zondag 1) en inhoud van de prediking van de werken van God.
Er werd dan ook gesproken over Gods genade in de vrijmaking.
Hierbij is uit het oog verloren dat het werk van Gods Geest in de geschiedenis van de kerk geschiedt door mensen, die verantwoordelijk zijn voor hun daden.
Merkwaardig is dat ik bij dr. K. H. Miskotte ongeveer éénzelfde benadering vond van de Doleantie bij de stelling: uit God of uit de mensen.
De verhouding tussen het werk van God en het werk des mensen is niet in een zwart-wit schema, in geen enkel schema te vatten.
Daarom moeten we ons eenvoudig houden aan het Woord van God en daarin de weg zoeken in onderwerping aan de Koning van de kerk.
In de Doleantie en ook in de Vrijmaking ging het om de wijze waarop wij ons in de kerk vanJezus Christus onderwerpen.
Uit het feit dat reformatie meestal gepaard gaat met kerkscheuring blijkt, het onvolkomene van onze werken, waarvan ons belijden spreekt.
Wanneer gesproken is over het werk Gods in de reformatie van de kerk hadden onze "vaderen" wel oog voor het "ten dele" en onvolkomene, maar wilden zij Gode de eer geven.
Dr A. Kuyper had zeker oog voor het beperkte.
Dr O. Noordmans schrijft in deel III Verzamelde Werken, pag. 391: Toen dr Kuyper indertijd van zijn reis ‘Om de oude wereldzee’ terugkwam waarop hij het bonte, veelkleurige leven van vele volkeren in ogenschouw had genomen, verklaarde hij, die toch nogal exclusief kon zijn, dat onze strijd, geestelijk en kerkelijk, goed bezien toch slechts gaat niet om de stijl van ons geestelijk huis, maar om enige ornamenten, die al of niet aan de gevel kunnen worden aangebracht.
Uit God én uit de mensen, zó is het in de kerk.
Overigens moet het ons niet verwonderen wanneer men in de Hervormde kring de Doleantie en in Geref. (syn.) kerken aan Vrijmaking het praedicaat reformatie ontzeggen.
Men wil dit woord reserveren voor het werk van Luther, Calvijn c.s. in hun strijd tegen de (eerste) hiërarchie.
Ik vraag me wel eens af hoe het woord "Vaderlandse kerk" klinkt in de oren van de R.K. bisschoppenen gelovigen in ons land.
De Rooms-Katholieke kerk in ons land is getalsmatig groter dan de Hervormde en Gereformeerde kerken samen; om van het buitenland maar te zwijgen. Het geeft geen moeite te erkennen dat velen in de Hervormde kerk in de waarheid Gods hebben vastgehouden en Gods Geest het woord vruchten doet dragen.
Evenwel, in de verwarring van onze dagen heb ik soms minder moeite om in kardinaal Simonis e.a. mede-broeders in Christus te herkennen dan in aanhangers van een nieuwe (moderne) theologie, die zo dikwijls als stem van de “gezamenlijke kerken” aan het woord komen. Bij alle bezwaren tegen de leer en kerkregering van Rome, kunnen we niet zeggen dat de Geest van God deze kerk heeft verlaten.
Ik heb goede herinneringen aan gesprekken en contacten met r.k. gelovigen en in wat men noemt ethische kwesties spreken de bisschoppen mij meer aan dan diverse synoden.
Zouden Paus en bisschoppen de beweging in de zestiende eeuw waaruit Hervormde en Gereformeerde kerken zijn voortgekomen reformatie noemen?
De Paus spreekt tegenover Luther niet de taal van weleer en noemt ons gescheiden broeders maar reformatie….
Men zou kunnen zeggen dat de ontdekking van Luther over de rechtvaardiging al te vinden was bij Augustinus; men zou er op kunnen wijzen dat men zich in de kerk aan de regels moet houden en hoe prachtig was alles georganiseerd in hef kerkelijk wetboek.
Was wat men wel noemt de "protesantisering" in, diverse landen reformatorisch te noemen.
Heeft Paus Adriaan VI niet openhartig schuld beleden (kom daar eens om bij synoden).
In zijn boek Conflict met Rome" citeert G. C. Berkouwer op pag. 85 een R.K. schrijver: "De scheuring der kerk was feitelijk onnodig geweest. De katholieke hervorming was door het wettig gezag, door de oude bestaande kerk voltrokken, hoewel op een andere wijze dan de reformatoren van Wittenberg en Genève het hadden gedaan: zonder de band met de Moederkerk door te snijden". Het is alsof we dr K. H. Miskotte over de Doleantie horen en prof. I. A. Diepenhorst kwam ook niet verder dan een voorbarige actie.
Reformatie een omstreden zaak!
Waar vinden we in onze dagen de "erfgenamen" van Kuyper?
In de rede van prof. I. A. Diepenhorst komen de vrijgemaakten er niet zo best af. Over de vrijzinnigen lezen We dat zij bepaald oorspronkelijke denkers en soms cultureel fijnzinnige predikanten bezaten ... ; kom(1944 aan bod dan horen we: "In de Vrijmaking van 1944 waren de onaangename trekken die Kuyper bepaald bezat, goed zichtbaar. Ter verhoeding van misverstand: zijn universaliteit was in de Vrijmaking volstrekt afwezig".
Het is niet leuk wanneer ons alleen de onaangename trekkenworden toegewezen, terwijl in de commissie herdenkingen vrijgemaakten en nederl. gereformeerden zo broederlijk meewerken.
Terzake: in de vrijgemaakte kerken leefden veel bezwaren tegen Kuypers leer van: de veronderstelde wedergeboorte, de pluriformiteit van de kerk en de' gemene gratie.
In de doorgaande reformatie is hier front tegen gemaakt.
Wel heeft men zich in de vrijmaking beroepen op de kerkrechtelijke regels van de Doleantie.
Kuyper en Rutgers gingen uit van de zelfstandigheid van de plaatselijke kerken; meerdere vergaderingen waren geen hogere besturen; het kerkverband behoort niet tot het wezen maar tot het welwezen van de kerk.
Voor de ouderen onder ons zijn dit heel bekende geluiden.
In de Gereformeerde kerken (syn.) is men van het Doleantiekerkrecht teruggekomen en de synoden van deze kerken gaan steeds meer lijken op een hoofdbestuur van “topleiders" die besluiten nemen waar de kerken niet om gevraagd hebben.
in de Vrijgemaakte kerken schrijft men na de zestiger jaren het woord synode weer met een hoofdletter en. de regels en besluiten moeten in acht genomen worden.
De éne hiërarchie gaat, de andere komt.
Het zou wel eens kunnen zijn dat de beginselen van het Doleantie-kerkrecht het best bewaard zijn in onze kerken. Zo horen wij als de Doleantie herdacht wordt, er echt bij.
Maat het is een herdenking met pijn.
Wanneer komt er verlossing uit de nood van de verdeeldheid!