David en Jonathan

1985-09-20
  • Jaargang 29
  • nummer 36
Het is weleens gebeurd dat ik voor de EO m'n zegje deed en ik heb enkele dagen geleden nog m'n medewerking toegezegd voor de nazorg naeert bepaald programma. Dit stel ik voorop 'om diegenen, die mij naar aanleiding van het volgende zouden willen schriiven, de moeite te besparen.
Als ik voorheen eens wat van de EO zei, kwamen er wel brieven, waarin stond dat we toch achter de EO moeten staan, en dat ik die omroep niet moest afkatten.
Maar de EO moet geen heilig huisje worden, waar ie niet aankomen mag. Het gaat me om enkele programma's voor jongeren, getiteld "Ronduit".
Het waren herhalingen; men heeft het dus zelf goede programma's gevonden. Het ging over bewapening en dat soort zaken. Kamsteeg van het Gezinsblad en v. d. Bijl van Kruistochten zaten in het "panel" en van die twee, al verschillen ze onderling, mag je verwachten.
dat ze ook inzake de politiek zich zullen laten leiden door Gods Woord. Akkoord. Maar wat moeten de heren J. Luns en E. Nijpels in die kring?
Beiden zijn rooms, maar ik heb van hen nog nooit iets gehoord dat in de richting wees, dat wat de Schrift zegt, bepalend is voor Ie politieke praten. of doen.
Godsdienst of kerk, dat zal voor hen uitsluitend iets zijn van een mystieke relatie, die zuiver persoonlijk is. Een jongeman kwam naar voren en zei: Er staat toch: Gij zult niet .doodslaan? Nee, dat staat er niet, zei Luns. Er staat: Gij zult niet moorden. En de heer Luns ging lachend zitten en keek triomfantelijk rond: ziezo, die knaap heb ik gevloerd. Ik had met die jongen te doen. Hij ging' perplex weer zitten; hij had zo gauw geen weerwoord.
Ik dacht: jongen, daar gaat het jou immers juist om. Waar we het nu over hebben, zijn dat nog wapens of is dat verdelgingstuig? Dan komt nog eens de tekst ter sprake dat de overheid het zwaard niet tevergeefs draagt. Maar in de huidige discussies gaat het niet om het dragen van het zwaard door de overheid. Het dragen van het zwaard, dat is een staande uitdrukking voor het beulszwaard. Het heeft dus met het voltrekken van een doodvonnis maken, aan een misdadiger.
Het gaat er nu om, of de overheid aan een vreemde mogendheid concessie verlenen zal om in ons land een arsenaal aan te leggen van wapens, waarover uitsluitend die vreemde mogendheid beschikken zal; wapens, die miljoenen in één klap doodmeppen.
Ik vroeg me af, waarom voor dit programma geen mensen gevraagd als mevr. Laning en prof. Schuurman, om maar een paar te noemen uit onze eigen kerkelijke kring. Of ar B. de Vries en drs Wagenaar, of ds H. de long uit Amsterdam, die weliswaar andere conclusies trekken zullen dan de twee eerstgenoemden, maar die toch vol zijn van Gods beloften, en voor wie het leven daaruit, geen wereldvreemde zaak is. Jongeren! Er waren vroeger twee vrienden, hun namen staan boven dit hoekje. De één zei: De HERE kan evengoed verlossen door weinigen als door velen, 1 Sam. 14: 6.En David lag zonder leger te slapen in het open veld, terwijl rondom het verraad loerde en de militaire macht. Hij zei: Ik ben vrolijk, want de Engel des HEREN legert zich rondom wie Hem vrezen. Zulke woorden moet de jeugd horen. Daar heeft ze wat aan. David en Jonathan. die twee jongeren, wisten wat ze zeggen moesten in de benauwdheid.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief