Gebed van Habakuk

1984-12-14
  • Jaargang 28
  • nummer 47
1. O HERE God, ik heb uw stem gehoord:
uw plan hebt Gij aan mij onthuld.
Nu is mijn hart met vrees vervuld.
O HERE,doe naar uw gesproken woord:
laat in de loop der jaren
uw werk zich openbaren
wanneer uw gramschap brandt,
denk aan ontfermen, HEER,
zie op uw kindren neer,
behoed hen door uwlhand.

2. Ik zal, wanneer de vijgeboom niet bloeit,
geen veldgewas de landen tooit.
wanneer de schapen zijn verstrooid,
geen zoete vrucht meer aan
de wijnstok groeit, de Koning van mijn leven,
de HERE, ere geven en juub'len voor zijn naam!
Hij maakt mijn voeten licht:
ten dage van ’t gericht
doet Hij mij veilig gaan.

3. De HERE Here is een sterke held,
wiens kracht mij in mijn zwakheid schraagt,
die als een adelaar mij draagt:
Hij heeft mij op een hoge rots gesteld.
Lichtvoetig als de hinden,
zal ik ontkoming vinden,
wanneer zijn toom ontbrandt.
wanneer het veld verdort,
het land onleefbaar wordt,
bergt Hij mij in zijn hand.

Joop Klein, melodie: psalm 40

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief