Het oude geloof in een nieuwe tijd
1985-11-29
We hebben het in de vorige artikelen gehad over de Here als de Onderhouder en Regeerder van alle, dingen. Daarbij kwamen we terecht bij Zondag 10 en Romeinen 8 : 28.- Jaargang 29
- nummer 46
Nu zijn er heel wat moderne theologen en moderne mensen in het algemeen, die alles wat we naar voren brachten beschouwen ais een "achterhoedegevecht". Volgens hen is het allemaal niet meer dan een krampachtige poging om het oude geloof overeind te houden in een tijd, waarin dat toch echt niet meer kan! De God van Zondag 10, ach er is een tijd geweest, waarin de mensen in Hem konden geloven, maar wij, die vandaag leven, wij kunnen dat niet, meer!
Want de God van Zondag 10 is er niet meert De Onderhouder en Regeerder van alle dingen heeft afgedaan. Het oude geloof heeft de overgang naar de' nieuwe tijd niet kunnen meemaken! Wat wordt er dan met die overgang bedoeld? En waarin is onze tijd dan anders dan die oude tijd? Daar komen we straks op terug. Eerst het volgende…
Waarschuwing bij de overgang naar een nieuwe tijd
We 'kunnen zien', "dat de Bijbel niet gering denkt van de overgang naar een nieuwe, andere tijd. De HERE waarschuwt duidelijk tegen de gevaren, die die verandering met zich meebrengt.
Ik denk hier aan de overgang, die Israël mocht en moest maken van het leven in de woestijn naar het leven in het beloofde land! In Deuteronomium komen we voortdurend waarschuwingen tegen! Ook waarschuwingen, die direct met de bedoelde overgang samenhangen. Ik wil er één citeren: “Zeg dan niet bij uzelf: mijn kracht en de sterkte mijner hand heeft mij dit vermogen verworven. Maar gij zult aan de Here, uw God, denken, want Hij is het, die u kracht geeft om vermogen te verwerven…” (8: 17-18). Kennelijk heeft zelfs de overgang naar het leven in de beloofde land (!) gevaren in zich. Maar hoe komt dat dan? In de woestijn leefde het volk rechtstreeks uit de hand van Here. Die hand gaf dagelijks het manna. Die hand gaf, wanneer dat nodig was, water uit de rots. Israël was in die woestijn als een man, die alleen maar op zijn rug kan liggen met zijn mond open en die alleen maar wachten kan totdat hij gevoed en gelaafd wordt! Een leven van volstrekte afhankelijkheid! Eigen handen konden niets regelen, eigen verstand kon niets bedenken. Totaal overgeleverd aan de genade van de Here. Maar die genade was er dan ook! Het leven had daar in de woestijn een grote eenvoud in zich! De vraag, of de Here er wel is en of wij Hem wel echt nodig hebben, zou daar overgekomen zijn als een toppunt van dwaasheid!
Want die volkomen afhankelijkheid beleefde je elke dag. Je kon zelf niets doen. De Here deed alles! Maar nu komt de overgang naar het beloofde land. Daar zullen de handen weer uit de mouwen gestoken worden. Daar zal men moeten zaaien en maaien. Daar zullen de handen het oogstwerk hebben te verrichten. Daar zal het verstand erbij moeten zijn om alle dingen goed te regelen. Daar wordt aan Israël dus weer veel meer in handen gegeven! Geen man meer die op zijn rug af ligt te wachten! Maar een man, die zijn handen en zijn hoofd moet gebruiken, alle gaven en krachten die de Here hem heeft gegeven! Daar wordt het leven moeilijker van. Moeilijker voor het gelóóf. Als mijn handen weer zo stevig werken, dan dreigt het gevaar, dat ik mijn handen ga eren en de Here ga buitensluiten. “Mijn kracht en de sterkte mijner hand!” Dat is het gevaar van die overgang van het niet kunnen werken naar het wél kunnen werken, van het niets kunnen bedenken naar het met verstand regelen!
Psalm 29 en onze moderne tijd
Wat bedoelen nu de moderne mensen van onze dagen, als ze voor het oude geloof geen' plaats meer kunnen inruimen? We willen dat eens nagaan aan de hand van Psalm 29. Daar wordt beschreven de heerlijkheid van de HERE, zoals die naar voren komt in een zwaar onweer. Voortdurend horen we van "de stem des HEREN". Zó heeft de dichter dat grootse gebeuren ervaren. Ik weet, nog goed, dat we in de, vierde klas van de lagere school eens een zwaar onweer meemaakten en dat de meester toen opgaf Psalm 68: 10 "Geloofd zij God met diepst ontzag". Deze meester handelde in de geest van Psalm 29. Maar bij vele moderne mensen valt onze meester in ongenade. Hij probeerde ook al het oude geloof over te brengen in een moderne tijd, waarin ,voor dat geloof geen plaats meer is! Want wij, moderne mensen - zo zegt men -, wij weten, dat het hier niet gaat om de stem van de HERE, maar om een elektrische ontlading, die we met ons natuurkundig verstand geheel doorzien. We weten van een reeks van oorzaken en gevolgen binnen het gebied van het "fysische" en wij leveren van het verschijnsel een gesloten verklaring! Gesloten ja, want we hebben "de stem van de HERE" niet meer nodig om eruit te komen. Davids "stem des HEREN" heeft plaats gemaakt voor een natuurkundige verklaring. En zo is het toch eigenlijk overal. Waar men vroeger "de stem" of "de hand des HEREN" zag, daar zien wij vandaag een reeks van oorzaak en gevolg. En wij hebben de HERE als verklaring niet meer nodig!
De wereld is geworden tot een gesloten circuit van oorzaak en gevolg. Dat wil niet zeggen, dat wij alles al ontdekt hebben en nog veel minder dat wij alles al beheersen.
Maar dat neemt de waarheid van dat gesloten circuit niet weg! Zo spreekt de moderne mens. Zo denkt hij. Het oude geloof is bij de overgang naar onze nieuwe natuurwetenschappelijke tijd blijven staan. Het is àchtergebleven!
Israëls nieuwe tijd en onze moderne tijd
Er is een opmerkelijke overeenkomst tussen die beide "overgangen", die we voor ons hadden: die van Israël van de woestijn naar het beloofde land en die van de gehele mensheid van de oude dagennaar het door de wetenschap beheerste tijdperk. Er is een overeenkomst tussen
de Israëliet, die. niets kon doen en die niets kon bedenken in de woestijn en die op een heel .directe manier zijn afhankelijkheid van de HERE beleefde, èn de mens van de oude dag, die zijn wetenschappelijke vleugels nog niet kon uitslaan en die onder de indruk van het grote onweer zo heel direct de Naam van de HERE - zijn stem - verheerlijkte, En er is nog een overeenkomst.
Tussen de Israëliet, die in het beloofde land heel wat kan doen met zijn handen en met zijn verstand, èn de man van de nieuwe tijd, die heel wat vermag te doorzien en die' zelfs heel wat kan regelen. met zijn kunde en zijn kennis. En er is dan natuurlijk ook een grote overeenkomst op het gebied van het geváár! De HERE moest tegen de Israëliet al zeggen, dat hij niet mocht roemen op zijn hand en op zijn verstand om dan de HERE maar buiten te sluiten en Hem niet meer te verheerlijken! En de moderne mens van tegenwoordig is in dezelfde fout vervallen: Hij roemt op zijn kennis en zijn kunde, op zijn doorzicht in oorzaken en gevolgen, om dan de HERE maar buiten te sluiten en te beweren, dat het oude geloof niet kan meekomen in onze nieuwe tijd. Niet zoveel nieuws onder de zon! Niet zoveel nieuws in onze "nieuwe" tijd!
Het antwoord – majesteitelijk…en laconiek!
Wat was nu de fout van die Israëliet? En wat is de fout van de moderne mens? Daarover valt veel te zeggen en daarover is al veel gezegd. We letten nu alleen op het woord, dat Mozes spreekt namens de HERE in Deut. 8.: 18. De HERE hoort als het ware een Israëliet roemen op zijn eigen kracht: IK heb gezaaid en IK heb' gemaaid en IK heb de oogst in schuren bijeengebracht en IK heb vee gefokt en IK heb mijn verstand gebruikt, zodat IK goed heb geboerd! En dan vraagt de HERE alleen maar: Wie heeft dat "IK" bij al zijn verrichtingen met hand en verstand overeind gehouden? IK de HERE!
Dwaze mens! Je kunt het circuit nooit sluiten! Je kunt de HERE er niet buitenhouden!
En die moderne mens, die "de stem van de HERE" niet meer horen kan, omdat hij het zo druk heeft over elektrische ontladingen en over oorzaak en gevolg in het fysische?
Weer die eenvoudige vraag: Dwaze mens, je weet nu zoveel over oorzaak en gevolg en over het fysische in de atmosfeer. Maar wie houdt dat samenstel van de dingen in stand? En wie
heeft jou de kracht gegeven iets van die samenhang in het fysische te ontdekken? IK de HERE Mijn hand in de natuur. Mijn hand in jouw verstand. En je wilt Mij buitensluiten? Een gesloten circuit? Maar wat is er dan voor Mij gesloten? Een antwoord van majesteit. Toch ook weer heer eenvoudig.
En haast laconiek. Kortaf!
Alle tegenspraak moet verstommen! Laten we ook eens nadenken over dat grote wonder van Israëls verlossing uit Egypte, het wonder van de doortocht door de Rode Zee!
In Ex. 14·: 21 lezen we, dat Mozes zijn hand uitstrekte. over de zee en dat de HERE de zee de gehele nacht door een sterke Oostenwind deed wegvloeien en haar droog maakte... Een sterke Oostenwind de zee vloeide weg! Onze moderne weerkundigen en waterloopkundigen hadden een hele boom kunnen opzetten over oorzaak en gevolg in het fysische: de Oostenwind als óórzaak, het wegvloeien van de zee als gevolg! Ze zouden niet iets onwaars hebben gezegd! Maar ze zouden ook de waarheid niet hebben gezegd. Oorzaken en gevolgen in het fysische?
Jawel, maar de HERE deed de zee wegvloeien! De HERE! Waarom wiIIen we de HERE uitsluiten uit het bestand van de natuur en van de wereld en van het mensenleven? Hij heeft dat nota bene zèlf allemaal geschapen!
Het ene geloof
Daarom is er bij alle veranderingen der tijden eigenlijk geen sprake van een "oud" geloof, waartegenover wij dan blijkbaar een "nieuw" geloofmoeten stellen. Het gaat om het éne geloof, dat wij moeten bewaren alle tijden door. Het kan pijn doen dat de moderne mens zichzelf mondig vindt in zijn verwerping van de Onderhouder en Regeerder van alle dingen en dat hij dus de gelovigen achterlijk en kinderlijk vindt. Soms kost het moeite dergelijke typeringen te dragen en zouden we heel wat .willen doen om ze mis te lopen. Maar dat laatste zal niet lukken. Dat moeten we maar goed weten. Je zult toch vaak beschouwd worden als èen kind dat nog in Sinterklaas' gelooft! Maar laten we dat éne geloof met blijmoedigheid bewaren. Het ene en het ware geloof!