Ingezonden
1984-02-17
Het aantal ouderen stijgt! Meer dan 1 ½ miljoen Nederlanders hebben AO.W. en nog eens 1 ½ miljoen mensen, boven de 50 jaar vallen nu buiten, wat het productieproces wordt genoemd.- Jaargang 28
- nummer 7
Zeker, niemand lijdt honger, maar toch lijden er mensen gebrek: Ze zijn hun functie in de samenleving kwijt!
Geen baan meer hebben, betekent in tal van gevallen ook op andere terreinen niet meer meetellen en zeker niet meer meebeslissen. Er wórdt voor je gedacht en beslist!
Ook in familiekring doet men soms meewarig of beschermend en in veel gezinnen ontstaan spanningen tussen de echtgenoten; soms ook tussen de A.O.W.-vader en de wel werkende kinderen. Denk ook aan de moeilijke situatie van de huisvrouw, die steeds moet inspelen op nieuwe, onverwachte situaties: Kinderen eerder zelfstandig en het huis uit en de man eerder dan verwacht blijvend thuis ...
De werkloos geworden ongehuwde, die vaak aan zijn of haar maatschappelijke positie veel sociale contacten te danken had, raakt eveneens veel meer kwijt dan alleen de baan.
Iedere bijbellezer kan weten, dat de gedachte: Geen baan, dan ook geen maatschappelijk functioneren, volkomen fout is.
We hebben immers allemaal de opdracht Gods Schepping te bewaren en uit te bouwen?
Over salaris wordt in Genesis niet gesproken!
De opdracht zèlf blijft echter, óók als je 65 bent geweest; in de A.O.W. bent terecht gekomen of van de V.U.T.- of enige andere uitkeringsregeling gebruik maakt!
Als we ons dit realiseren, wordt het vanzelfsprekend, dat ouderen ingeschakeld blijven in het kerkelijk en maatschappelijk leven, in het bestuurlijke en uitvoerende vlak.
Hebben de ouderen zelf ook geen schuld aan de uitschakeling?
Vaak hebben ze zich onttrokken aan hun verantwoordelijkheid: Ze gingen rusten!
De veelal door de overheid geschapen en ook betaalde voorzieningen waren immers prima? Kruiswerk, gezinshulp, bejaardenzorg, sociaal werk, enz. enz.
We hebben er ons, met zijn allen, nauwelijks om bekommerd, dat overheidszorg óók inhield het steeds vager worden of zelfs het verlies van de grondslag, die avn onze eigen instellingen (kruiswerk, bejaardenhuizen etc.) het uitgangspunt behoort te zijn.
Nu, in 1983 zijn er 3.000.000 ouderen en de regering constateert in de recente 'beleidsbrief ouderenbeleid' van minister Brinkman, dat de opvang van alle zorgtaken door beroepskrachten in het materiële en in het immateriële vlak een onbetaalbare, dus onhaalbare zaak is.
Het komt er in grove trekken op neer, dat we allemaal, maar zeker als Christenen, weer voor elkaar gaan 'Zorgen!
En we kunnen heel veel voor elkaar doen!
Het merendeel van de 3 miljoen ouderen is best in staat de ander te helpen.
Niet alleen om de regering te helpen bezuinigen, maar vooral omdat het onze bijbelse opdracht is: Lees 1 Cor. 12 er maar eens op na!
Is er werkelijk in de zorg en hulp 'vakkennis' nodig, dan zal de bestaande beroepszorg blijven inspringen.
- Is het ons onverschillig, van welk 'beginsel' maatschappelijk werk, gezins- en bejaardenhulp uitgaat?
Zo niet. dan zullen we heel waakzaam moeten zijn!
De wet "gelijke behandeling" komt in de praktijk neer op terugdringing van onze geestelijke vrijheid en het ontwerp van de nieuwe wet op de "bejaardenoorden" is een bedreiging van het christelijk karakter van onze tehuizen...
We zullen -ouderen èn jongeren- pal moeten staan!
U begrijpt, dat er veel werk te doen is: Zelfhulp en onderlinge hulp.
Het waarborgen van het juiste karakter van de hulporganisaties.
Door het decentralisatiebeleid van de overheid zullen de ouderen erbij moeten zijn, zowel op landelijk, provinciaal als plaatselijk vlak.
Vanzelfsprekend is daar wel een organisatie voor nodig, die op èlk vlak meespreekt en voorlichting geeft.
De Protestants Christelijke Ouderenbond in Nederland (20.000 leden, 135 plaatselijke afdelingen) tracht zo'n organisatie te zijn.
Belangstelling? Vraag inlichtingen: P.C.O.B., antwoordnr. 609, 7440 VH Rijssen, tel. 05480-16916 (postzegel niet nodig).