Na Jeruzalem, Judea en Samaria...
1984-03-10
In de komende weken wil Pieter van Kampen wat mededelen over ontwikkelingen in de zending of in het denken over de zending. Het ligt in de bedoeling in de toekomst in "Opbouw" meer over zending te spreken, in een min-of-meer vaste rubriek.- Jaargang 28
- nummer 10
De Evangeliën eindigen met een toon van overwinning, van voleindigd-zijn. Christus zegt aan het kruis: het is volbracht.
Nauwelijks is dat gezegd, nauwelijks ook is het Pasen geworden of er komt een Hemelvaartsdag. En dan komt de opdracht, die we de Grote Zendingsopdracht noemen: "Gaat dan heen, maakt alle volken tot mijn discipelen, doopt hen in de naam des Vaders en des Zoons en des Heiligen Geestes en leert hen onderhouden al wat ik u bevolen heb."
Triomf dus, want een werk is klaargekomen.
Ook uitdaging en opdracht, want een ander werk moet ter hand genomen worden. En die twee worden samengevoegd in Handelingen 1 vers 1, waar gesproken wordt over "wat Jezus begonnen is te doen en te leren tot de dag dat Hij werd opgenomen"
en (bij implicatie) wordt ingegaan op wat Hij is dóórgegaan te doen. Alle macht in hemel en op aarde is van Hem, heeft hij zelf gezegd. Hij is bij ons tot aan de voleinding van de wereld.
Handelingen 1 spreekt over Jezus' werk, na de Hemelvaart.
Een op de miljoen
Iets later lezen we over 120 mensen, inclusief de apostelen, die de vervulling van de belofte van de komst van de Heilige Geest biddend afwachten.
(Handelingen 1 vers 15).
Dat is de groep mensen die - menselijkerwijs - het "moet gaan doen", zou je zeggen. Als ik dan in andere bron lees dat historici menen dat er destijds ongeveer 120 miljoen mensen woonden in het Romeinse Rijk, dan koppel ik hier twee dingen. Ieder van degenen die de Heilige Geest ontvingen, was gemiddeld verantwoordelijk voor het bereiken van 1 miljoen tijdgenoten ...
Uiteraard is dat een aparte wijze van rekenen. Ongetwijfeld heeft geen van de uitgezondenen het ooit zo beleefd.
Maar is die conclusie als zodanig niet juist? En constateren we: die 120 miljoen werden bereikt!
Er kwam een kerk, en een christelijk Romeins Rijk, al valt op dat "christelijk" wel wat af te dingen. Maar de einden der aarde werden niet bereikt.
Hoe staat het nu, twintig eeuwen later?
Hoe is het gegaan met de opdracht aan de Kerk? Is de hele wereld inmiddels bereikt? Zit de opdracht er bijna op? Of zijn we nog lang niet klaar? Komen we ooit klaar?
Koele cijfers
In dit verhaal een aantal cijfers. Ik kwam ze onder andere tegen in een mijns inziens uitstekend missiologisch boek, Perspectives on the World Christian Movement, geredigeerd door Winter & Hawthorne. (uitgave William Carey Library, Pasadena, U.S.A. 1981).
Om die gegevens goed in hun perspectief te plaatsen is wat extra informatie nodig, die ik zo precies en getrouw mogelijk hoop over te brengen.
Let u erop, de gedachte waar het hier om gaat, de vraag ook, is: zijn we met de Grote Opdracht bijna klaar? Of nog lang niet? Zit het er binnenkort in? Of nooit?
Nog nooit zoveel
Op deze wereld wonen ruim vier miljard mensen, schat men. Dat aantal mensen neemt nog steeds toe, in een enorm tempo. We spreken van een "bevolkingsexplosie". Voor de hele wereld geldt dat er ongeveer 80 miljoen mensen per jaar bijkomen! In China wonen, schat men, nu 220 miljoen mensen méér dan in 1950, ten tijde van de communistische machtsovername.
Die vele nieuwe mensen treffen we vooral in de Derde Wereld aan. Dat wil dus zeggen: verreweg het grootste deel van deze mensen wordt geboren in een land met een niet-christelijke bevolking. Dat betekent op z'n beurt dat - op het totale aantal aardbewoners - het aantal christenen relatief gezien afneemt.
Als we alle christenen ter wereld optellen (dus Rooms-katholiek, Oostersorthodox en Protestant van diverse pluimage), dan zien we het volgende beeld: In 1960 werd ± 34% van de wereldbevolking als "christen" beschouwd.
In 1974 was dat ± 30%.
Nu is dat ± 25%.
En het percentage zal zeker nog afnemen!
Want, daar komt het op neer, de groei van de christelijke kerk houdt de cijfers van de onstuimige bevolkingsexplosie niet bij. Dat ondanks de eveneens aantoonbare zendingsexplosie van de laatste 250 jaar.
"Bereikt" of niet?
Dan een volgende gedachte. Missiologen of, misschien beter gezegd, zendingsstrategen, spreken tegenwoordig vaak over "bereikte" en "onbereikte volkeren", De "bereikte volkeren" zijn die volkeren waar tenminste één op de vijf mensen de Boodschap van Christus heeft kunnen horen. (Ongeacht of men die heeft aangenomen of niet.) Van de ruim 4 miljard mensen op aarde hoort 51 % tot de "onbereikte volkeren" en 49 % tot de "bereikte".
Iets minder dan de helft van de wereldbevolking hoort dus tot een volk, waarin minimaal één op de vijf mensen het Woord heeft kunnen horen.
En dan nog even wat over het aantal zendingswerkers. Eén schatting noemt ± 70.000, een andere een kleine 100.000 man. Volgens die laatste opgave zouden ongeveer 55.000 werkers Protestant zijn. En dan een koppeling van deze cijfers met de gegevens van de "bereikte of onbereikte" volkeren.
87 % van hen werkt onder de bereikte volkeren. Slechts dertien procent zit bij onbereikte volkeren.
Wie weet, duizelt het u inmiddels, hoewel ik geprobeerd heb deze cijfers zo simpel en beperkt mogelijk te houden.
Maar de conclusie is duidelijk: Bijna 90% van alle zendelingen werkt onder mensen waarvan één op de vijf het Woord al heeft kunnen horen.
Anders gezegd, bijna 90% van de werkers zit bij 49 % van de mensen, die bereikt moeten worden. En nog anders gezegd, slechts 13% van alle zendelingen moet ruim twee miljard mensen bereiken!
Dat moet een wanverhouding heten.
Laten we echter niet vergeten dat daar wel redenen voor zijn. Een groot aantal mensen valt niet rechtstreeks te bereiken vanwege het beleid van hun overheid. De communistische landen, waaronder het volkrijke China, zijn officieel "gesloten" voor de christelijke boodschap.
Samengevat, er blijkt nog enorm veel te doen. De Taak is nog niet uitgevoerd.
Steeds méér mensen gaan tot de onbereikten behoren!
De aparte werelddelen
Dat waren wat gegevens over de hele wereld. Nu wat zaken, die per continent op een rij worden gezet. Zo blijkt Afrika het werelddeel waar "the action is". Sommigen menen dat rond het jaar 2000 wel eens meer dan de helft van de Afrikanen tot een christelijke kerk kan behoren.
In Azië daarentegen is de situatie heel anders. Na 350 jaar zending is er slechts een klein aantal christenen, relatief gesproken. Het percentage christenen (nogmaals, van diverse kerkelijke kleur) zit ergens tussen de drie en vijf procent. Slechts twee landen zijn in meerderheid "christelijk", te weten Taiwan en de Filippijnen.
Daarnaast wordt alleen in Zuid-Korea grootscheeps vordering waargenomen.
De drie tot vijf procent lijkt weinig, maar het gaat natuurlijk desondanks om miljoenen mensen. Tegelijkertijd betekent die 95% niet-gelovigen in dit meest volkrijke continent echter een aantal mensen dat ver boven het miljard zit ...
In Noord-Amerika is er nog heel wat christelijkheid / kerkelijkheid. In Zuid-Amerika wint het Protestantisme sterk veld, maar dat gaat uiteraard met name van het aantal Roomskatholieken af; voor het meten van (zonder onderscheid) het aantal ,.christenen" betekent het nauwelijks verschuiving. Niettemin, de toename van 50.000 Protestanten rond 1900 tot plm. 25 tot 30 miljoen nu is gigantisch!
En wat Europa betreft, iedereen weet wel hoe het is. Toenemende onkerkelijkheid en secularisatie. Kerkelijkheid onder de 20 %. Binnenkort is het christelijk geloof geen zaak meer van het Westen (wat het, strikt genomen, ook nooit gewéést is!) Dan is "Christendom" een Afrikaanse zaak of een zaak van groeiende kerken in de Derde Wereld.
En de vraag is, doen we wat met deze cijfers? Zien we er tendenzen in die ons kunnen verder helpen of alarmeren ze alleen maar? Kunnen we de kwesties die worden aangesneden ook verbinden met onze roeping?
Daarover de volgende keer.