Stichting Redt een Kind

1984-04-13
  • Jaargang 28
  • nummer 15
Wij zijn net teruggekeerd van een rondreis langs onze kindertehuizen in India. Wat je bij zo'n reis opvalt is de grote belangstelling die er nu in India bestaat voor de hill tribes (bergstammen).
Niet alleen van christelijke zijde, maar ook de regering en niet-christelijke hulporganisaties gaan hun aandacht daarop richten. Zo lazen wij daar in de krant dat Unicef in de staat Madhya Pradesh deze mensen gaat helpen.

Onze belangstelling voor de kinderen van deze hill tribes is al van vroegere datum. Verschillende van deze kinderen worden geholpen in onze kindertehuizen.
Misschien herinnert u zioh dat wij - nu ongeveer twee jaar geleden - schreven over de Malpaharia's in de staat Bihar. Wij schreven hoe een kindertehuis in de stad Sahibganj was ontstaan doordat een evangelist op zijn tochten naar de bergen in aanraking kwam met deze mensen. Hij voelde zich geroepen, samen met zijn vrouw, de verlaten kinderen van deze bergstam op te nemen. Eerst in zijn eigen gezin en later in een kindertehuis.
Wij zullen deze geschiedenis nu niet herhalen. Twee jaar geleden bezochten wij zo'n dorp in de bergen.
Wij schreven over de verschrikkelijke situatie die wij daar aantroffen: zieke mensen met koorts en oogontstekingen, dronken mensen, zwaar ondervoede kinderen en een bevolking die wel het Evangelie had gehoord maar niet had aanvaard.

Deze keer werd een ander dorp in dezelfde streek bezocht, Hier waren de mensen wel open voor de Blijde Boodschap van Gods verlossing in Christus.
Velen waren tot geloof gekomen.
Het verschil was opmerkelijk. Hier geen dronken mensen meer, maar mensen die hard werkten om aan de kost te komen. Hierdoor was het een welvarend dorp geworden. Zondags komt men nu bij elkaar voor een kerkdienst en men heeft geregeld gebedssamenkomsten.
Voor ons was dit een goed voorbeeld hoe het aanvaarden van het Evangelie de hele mens verandert.
Het leven heeft zin gekregen, men werkt voor God en voor de naaste.

Voor de eerste keer bezochten wij twee nieuwe kindertehuizen van de Bethel Fellowship in de stad Vyara in de staat Gujarat. In beide kindertehuizen, één voor jongens en één voor meisjes, worden kinderen van de hili tribes geholpen. Samen 190 kinderen.
Het zijn fijne kindertehuizen.
De gebouwen waarin deze kinderen zijn ondergebracht kreeg de Bethel Fellowship kado van de plaatselijke kerk. Voor ons een grote besparing, want bouwen is duur.
Wij werden uitgenodigd een bezoek te brengen aan de stad Valsad, Deze kleine stad ligt niet zo ver van Vyara af. In Valsad werkt een Amerikaanse zending en daar is nog één zendelinge van aanwezig. Deze zendelinge gaat binnenkort India verlaten in verband met het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd. Dan zal er niemand meer zijn, die men vertrouwt om toezicht te houden op de verschillende gebouwen en andere bezittingen van deze zending. Men is bang dat er na het vertrek van de zendelinge een grote strijd zal losbranden tussen de verschillende Indiase mensen, die bij dit werk zijn betrokken. Om dit te vermijden, wil men liever dat de gebouwen voor ander christelijk werk worden gebruikt. Vandaar dat men de Bethel Fellowship in samenwerking met ons deze gebouwen aanbiedt voor een huur van Rs. 1, - (één Rupee = ca. f 0,30) per maand. Maar dan moeten ook hier kinderen van deze hilI tribes worden geholpen. Dit is een prachtig aanbod waar wij dankbaar gebruik van zullen maken. Er was hier een grote kostschool voor kinderen, -rnaar daarvoor was geen belangstelling meer. Er waren nog maar vier kinderen. Deze kunnen gemakkelijk ergens anders worden ondergebracht.
Daardoor komt er een groot gebouw vrij. Verder zijn er twee grote bungalows, die ook in de huur van Rs. 1,- per maand zijn begrepen. Een groot speelterrein voor de kinderen is aanwezig.
Alle gebouwen zijn net van electriciteit voorzien. Binnenkort zuilen hier zo'n 100 nieuwe kinderen geholpen kunnen worden onder leiding van de Bethel Fellowship. Dit garandeert een goede verzorging van de kinderen en een goede christelijke opvoeding.
Wij zijn daarvoor dankbaar.
We hebben verschillende evangelisten ontmoet, die onder deze hill tribes werken. Hun werk is verre van gemakkelijk.
De hill tribes kunnen worden verdeeld in twee groepen. De ene groep leeft volkomen afgezonderd van de maatschappij in de bergen. De andere groep komt voor seizoenwerk wel naar de vlakte toe. Bijvoorbeeld voor de suikerbietenoogst. Deze mensen spreken een eigen taal, die de evangelisten eerst moeten leren voor ze ook maar enig kontakt kunnen maken. De samenleving accepteert de mensen van de hill tribes niet en daardoor zijn ze vaak bang. Maar langzamerhand weet men het vertrouwen te winnen en dan kan men de Blijde Boodschap aan deze mensen brengen. Verschillende ouders van kinderen in onze kindertehuizen daar zijn nu gedoopt.
De andere groep, die volkomen afgescheiden leeft, is veel moeilijker te bereiken. Wij waren in Zuid-India samen met de heer P. Samuel van de Bethel Fellowship - hij was verleden jaar in Nederland en velen van u zullen zich het kontakt met hem herinneren! - op weg naar een dorp waar wij kinderen helpen. Wij passeerden enige bergen en de heer Samuel vertelde ons dat daar mensen wonen in grotten.
Tot voor kort waren deze mensen nog nooit met de buitenwereld in aanraking geweest. Nu is daar een evangelist begonnen om kontakt met hen te maken. Dit gaat heel moeizaam. De mensen zijn heel boog en als ze een vreemde zien, trekken ze zich terug in hun grotten. Ze vermijden ieder kontakt.
Verder spreken zij een andere taal. Als je dan al zo ver bent gekomen dat er iemand is die niet wegloopt, dan is er dit taalprobleem.
Daarom wilde de evangelist het een keer proberen door wat kleding uit te delen. De mensen van de hilI tribes lopen praktisch naakt rond en het kan in de bergen soms behoorlijk koud zijn. Toen hij met zijn zakken kleding kwam, vloog de hele bevolking daarop af. Als wilden graaiden ze alles wat ze maar krijgen konden. Toen de zakken leeg waren, begonnen ze de kleding van de evangelist van zijn lijf af te trekken. Deze goede man moest op het laatst praktisch naakt rennend voor zijn leven maken dat hij weg kwam. Het pad van een evangelist loopt niet over rozen. Maar deze man heeft de moed niet laten zakken. Hij heeft nu kontakt gemaakt met één vrouwen hij hoopt door haar het vertrouwen van de anderen te kunnen winnen. De omstandigheden waaronder deze mensen leven zijn zeer primitief.
Er is veel ziekte en geen medische verzorging. De mensen sterven jong, de kinderen ook.
Wij vonden het onbegrijpelijk dat zo dicht in de buurt van de kindertehuizen er mensen onder zulke primitieve omstandigheden wonen. Deze mensen zijn nog nooit met het Evangelie in aanraking gekomen. Hun kinderen gaan niet naar school, ze zijn ondervoed en sterven jong. Ze hebben hulp nodig en een aantal daarvan kunnen wij helpen doordat er in India mensen zijn, die de HERE liefhebben en Hem willen dienen door voor deze kinderen te zorgen. Wij zijn de HERE dankbaar dat Hij ons daarbij wil inschakelen door deze hulp financieel mogelijk te maken. Wilt u ook daaraan meewerken?
Steunt u ons dan met een "adoptie" of gift. Ook uw gebed wordt door ons erg op prijs gesteld.

Voor inlichtingen en opgave voor adoptie: Stichting Redt een Kind, secr.: Dr. Guépinlaan 23, 4032 NH Ommeren (Gld.). Telef. 03443-2079 (ook 's avonds). Postgiro: 1599333 t.n.v. St. Redt een Kind te Hattem.
Bande ABN te Doorn, rekeningnr.: 37.73.32.860.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief