Wie was Pontius Pilatus?
1984-04-27
Van iemand, die ongewenst in een gezelschap is beland, zegt men wel: hij zit er tussen als Pilatus in het Credo. Anders gezegd: hij is daar niet op zijn plaats.- Jaargang 28
- nummer 17
Nu is het ook merkwaardig genoeg, dat de rechter van onze Heiland, die het doodvonnis gaf, in onze belijdenis is terecht gekomen en elke Zondag in de kerk wordt genoemd. We menen deze afschuwelijke man nu wel te kennen Maar wat weten we eigenlijk van hem?
De Bijbel geeft natuurlijk de eerste informatie.
Pilatus was wreed 1), omkoopbaar en daarom kwetsbaar 2), een gunsteling van keizer Tiberius en stadhouder over Judea tijdens Jezus' omwandeling op aarde. Hij was het dus, die het Romeinse gezag vertegenwoordigde en hij was het die aan het door de Joodse voormannen geeiste doodvonnis rechtskracht moest geven. Hij deed dat onder zware druk, wetende dat het vonnis onrechtvaardig was. Hij deed het zelfs, nadat zijn vrouw hem op goede gronden gewaarschuwd had. 3) Na de Bijbel brengt de geschiedschrijving ons verder. Pontius Pilatus is van 26 tot 36 n.C. stadhouder over Judea geweest. Hij was een Romein (in tegenstelling tot zijn voorgangers) en had de Joden getergd door de Romeinse veldtekenen in Jeruzalem te plaatsen later door gouden schilden (schijnbaar als eerbetoon aan de keizer) in zijn Jeruzalems paleis op te hangen. Beide heeft hij moeten terugnemen op hoog bevel; de keizer had liever orde dan onrust. Verder heeft hij Jeruzalem een waterleiding "gegeven", die hij bekostigde uit de tempelschatkist 4).
Philo en Flavius josephus, twee Joodse geschiedschrijvers uit de eerste eeuw, hebben beiden een boekje over Pontius Pilatus opengedaan. Ook Agrippa, koning over Syrië, heeft zeer ongunstig over Pilatus aan de keizer gerapporteerd: noemde zijn hardheid, omkoopbaarheid, gewelddaden, roofzucht en voortdurende terechtstellingen zonder vorm van proces. Op de berg Gerizim heeft hij een aantal Joden laten afslachten, die vermoedelijk in een val waren gelokt. Het eind was, dat Pilatus door zijn chef Vitellius naar Rome is gestuurd, om zich voor de keizer te verantwoorden. Aan een in 1961 gevonden Romeinse inscriptie gaan we nu maar voorbij en melden, dat Pilatus naar het Zuidfranse Vienne is verbannen, waar hij een ontijdig einde vonden.
In de latere litteratuur is nog al wat stof van legendarisch karakter te vinden. Justinus Martyr, Tertullianus en Eusebius - stuk voor stuk autoriteiten - spreken over een ambtelijk rapport, dat Pilatus over Jezus' kruisdood naar Rome zou hebben gezonden. Zijn vrouw, die hem de veroordeling ontraadde, wordt in de Grieks-Orthodoxe kerken als de heilige Claudia Procula vereerd. Ze zou als christin zijn gestorven 5).
En dan is daar Boëthius (480-524), Romeins filosoof, theoloog en staatsman, onder koning Theodorik de Groote zelfs eerste minister. Op naam van deze geleerde staat: dat hij de litteratuur van de "oudheid" naar de middeleeuwen heeft overgebracht.
Hoewel hij al op 44-jarige leeftijd zijn einde vond - wegens hoogverraad gevonnist - heeft hij vele en belangrijke geschriften nagelaten. En ook hij leverde een bijdrage aan de geschiedenis van Pontius Pilatus, een zeer bizondere!
Maar na deze kleine historische inleiding stappen we eerst over naar een wonderlijk verhaal, dat sedert de dagen van de Heiland hier in Schotland is blijven hangen.
Op anderhalf uur Oostelijk van ons dorpje ligt de prachtige Glen Lyon; ergens tussen Crianlarich en Aberfeldy, ten Noorden van Loch Tay en van Ben Lawers. In Glen Lyon hangt het verhaal, dat Pontius Pilatus aldaarom precies te zijn: in het dorpje Fortingall - zou zijn geboren, uit een Romeinse vader en een Schots meisje.
Het is geen verhaal waar de Schot trots op is. Maar ondanks alle pogingen tot ontkenning wordt het verteld en gedrukt tot op de huidige dag 6).
In dat dorpje Fortingall woonde eenmaal Metailanus, die van 10 v.C. tot 29 n.C. de Schotten regeerde. Hij heette "de meest humane vorst van alle Schotten, een die geen belastingen of andere plichten oplegde maar vrij eenvoudig woonde". Zijn huis lag naast de boerderij Balnacrarg, die nog bestaat. Tegen vijandelijke invasies was hij beschermd door een rij l.i heuvelforten en bakens. Bovendien was op de heuvel boven zijn huis het fort Dun Gael ) gebouwd, dat contact had met het fort Tuathail en de Heuvel van Drummond.
Kort voor onze jaartelling kwam daar een troep ruiters in zicht en werd tot koning Metallanus toegelaten. Het was een gezantschap van keizer Augustus te Rome met een vredige boodschap aan de koning der Schotten. Zij vertelden hem dat iedereen ter wereld, tot de verste volkeren van de Oriënt, vrede en vriendschap wenste met de Romeinse keizer en hem daarom enig goud en juwelen schonk. Indien Metallanus dit ook zou doen kon hij zeker zijn van de vriendschap van Rome en dat voor vele jaren. (Het gebeurde lang voor de vijandelijke Romeinse invasies in dit land.) Terwijl Koning Metallanus dit verleidelijke voorstel in overweging nam (en stellig zijn onderhorigen ging raadplegen) bouwden de Romeinen een legerkamp vlak buiten Fortingall, waar ze meer dan een jaar verbleven. De ruïnes van dit kamp zijn vandaag nog zichtbaar: ze staan bekend als het "Romeinse Kamp". Nog in 1700 werd er een staf gevonden, versierd met de Romeinse adelaar.
Schotten zijn zeker niet snel. Tijdens de langdurige wachttijd zou, volgens de overlevering, Pontius Pilatus in Fortingall zijn geboren. Het is niet bekend of koning Metallanus een van zijn huisgenoten, familie of personeel, ten dienste van een Romeins officier heeft gegeven; dan wel of een der Romeinse gezanten legaal verliefd is geworden op een der dochteren des lands. Maar de overlevering weet te zeggen, dat het moedertje een meisje Menzis was; en de Menziea-clan wordt gevormd door afstammelingen van koning Metallanus. 1) Na afloop van het lange wachten zijn de Romeinen teruggegaan. Ze namen de gewenste giften voor keizer Augustus mee, alsmede enkele leden van Metallanus' familie en het kindeke, dat Pontius Pilatus heette en uiteraard Romeins is opgevoed. Zo kon Metallanus, zegt de geschiedschrijver Boëthius, nog vele jaren in vrede regeren, op goede voet met Rome. 8)
Zo luidt de overlevering. Natuurlijk mag aan een legende geknabbeld worden.
Zij is niet Gods Woord en zij is feilbaar als wij zijn. Maar ... de overlevering is taai. Die komt niet uit de lucht vallen. En in een land van barden, zingende geschiedvertellers, luistert het nauw met de waarheid en de feiten.
Bovendien, al zouden álle Schotten jokken: dit is een verhaal waar ze allerminst trots op zijn en ... Boëthius was goed genoeg om het tussen zijn religieuze, filosofische en staatkundige geschriften te boek te stellen. Als u zou zeggen: Boëthius viel wegens hoogverraad en zijn getuigenis is dus aanvechtbaar - dan antwoordt de geschiedenis: die beschuldiging van hoogverraad was vermoedelijk een maatregel van zijn jaloerse vijanden.
Het Romeinse kamp is er ontegenzeggelijk geweest; ruïnes en opgegraven staf bevestigen de geschiedschrijving. Trouwens het dorp is een bezoek zeker waard. Wanneer u er ooit komt (en waarom niet?) wordt uw aandacht tevens getrokken door een ongelooflijk grote en oude taxisboom, die het heden met het verre verleden verbindt. Deze boom, bij de kerk staande en tegenwoordig door een muurtje beschermd, wordt door botanici en oudheidskundigen op 3000 jaar ouderdom gesteld en is daarmee verreweg de oudste boom van Europa.
Vergelijkt u deze taxisboom met de olijfbomen op Jeruzalems Olijfberg dan zeggen botanici dat deze laatste 2000 jaar oud zijn. De Romeinen hebben na de Joodse opstand van 69 alle bomen rond Jeruzalem gekapt; dus moeten de bomen in de Hof van Getsemané kort daarna geplant zijn, dan wel (wat waarschijnlijker is) als uitlopers uit de stobben van toen gekapte bomen zijn gegroeid. En zo verbinden deze olijfbomen ons min of meer met de dagen van Jezus op aarde.
Maar de taxisboom van Fortirngall was in de dagen van Pontius Pilatus' geboorte al duizend jaar oud. Ergo: er was daar al een heilige plaats, er was een kerspel, en een koninklijk gezin woonde er tussen landbouwers. Niettemin, u mag die indrukwekkende boom vergeten voor de idee, dat Pilatus hier geboren kan zijn als een bastaard van een Romeins officier en een Schots landmeisje.
1) Luc. 13: 1, 2 - 2) Joh. 19: 123) Mtth. 27 : 19 - 4) dr F. W. Grosheide in Bijb, Ene. - 5) dr H. v. d. Kwaak in W.P. Ene. - 6) Hilary Wheater in "Aberfeldy to Glenlyon" - 7) de naam van Menzies, hier uitgesproken als Menges, komt in Nederland nog steeds tussen veel Schotse namen voor 8) Boëthius, in zijn Kronieken van Schotland, zegt dat Metallanus "raing mony yeris in gud peace", vele jaren in goede vrede regeerde. De naam is trouwens verlatiniseerd.