Herdenking

1986-12-12
  • Jaargang 30
  • nummer 48
Misschien hebt u iets van de Britse herdenking van oorlogsslachtoffers gezien voor de televisie, zaterdag 8 november? Dat zal zeker niet het totale program zijn geweest en enkele grepen kunnen moeilijk de zin van dit ontroerend evenement overdragen. Laat me u daarom iets meer mogen vertellen van wat we die avond beleefden.
Het tekent namelijk iets van het Britse karakter en daar moet u toch belang in stellen.
De jaarlijkse "remembrance day" slaat niet, als in Nederland, op de tweede wereldoorlog alleen, maar grijpt ook terug op de eerste W.O., die langs ons heen is gegaan. Elke tien jaar wordt bovendien de slag aan de Somme als middelpunt van de -herdenking gekozen. Die slag aan de Somme uit 1916 - nu juist 70 jaar geleden - heeft geduurd' van 24 juni tot 18 november. Ja, u leest het goed: een veldslag, die vrijwel ononderbroken 147 dagen heeft geduurd. En die de geallieerden een terreinwinst van slechts 15 kilometers schonk, maar een miljoen aan mensenlevens kostte. Een veldslag bovendien welke geen enkele beslissing opleverde, en ondanks welke de oorlog nog drie jaar bleef voortduren.

Als u het verdriet dat uit zulke cijfers spreekt enigszins hebt begroot, kunt u beter de nationale gevoelens begrijpen van een volk, dat, allerminst militaristisch, zijn doden jaarlijks blijft herdenken.
Dit eilandenrijk, dat economisch zeer lijdt onder zijn traditionalisme, heeft op andere Europese volken voor, dat het met zijn historie sterk verbonden leeft; dat het warme gevoelens koestert van dankbaarheid aan hen, die in hun droeve plicht het vaderland diende tot het laatste offer.

-o-

Het toneel van deze herdenking is de Royal Albert Hall, het grootste concertgebouw van London, met 3000 plaatsen. De koninklijke familie aanwezig in de eigen loge. De koningin nu niet centraal, maar terzijde zittend: als de moeder des vaderlands en niet in het middelpunt van de viering. Samen met haar kinderen.

Het eerste deel van de avondmet de nationale hymne en met klaroenfanfares geopend - wordt gebruikt, om vertegenwoordigers van alle legeronderdelen te doen optreden. Door een deur boven het concertpodium komen ze binnen, twee aan twee, in kleine groepen. Ieder achter het eigen corpsvaandel marcheren ze onberispelijk door het middenveld, splitsen zich aan het eind, zwenken naar weerszijden af om elkaar op het middenveld terug te vinden. Vaandel na vaandel en groep na groep worden aangekondigd en met -applaus begroet: de landmacht, de luchtmacht, de marine, de navy, de speciale , commando's, de parachutisten, de koninklijke lijfwacht "Household cavalry" in rode tunieken, de Ghurka's, marva's, milva's, verpleegsters, medici en alle andere onderdelen. Elke groep bestaande uit 3-12 man en vrouw.
Allen bereid en in staat zich morgen in te zetten, wanneer het land roept. Met toewijding marcheren ze voort, weten precies waar en hoe de linies afzwaaien en elkaar terugvinden. Geen schijn van wanorde, geen incidentjes, geen blik naar rechts of links.

Daarop komen de mensen die in de Falkland-oorlog hebben gestreden.
Ze krijgen een extra applaus.
En dan komen de delegaties van onderdelen uit de tweede wereldoorlog: ze krijgen een ovatie. Mannen van 60-70 jaar en ouder, nog stram in discipline, trots te zijn uitverkoren om aan de herdenking deel te nemen.
Een deel van deze strijders gaat mee in rolstoelen, invaliden die uitmuntend worden begeleid.

Maar als de laatste overlevenden van de Slag aan de Somme worden aangekondigd - mannen van in de 90, deels uit Canada overgekomen, allen behangen met onderscheidingen en elk begeleid door een jonge soldaat - gaat de zaal staan en blijft eindeloos klappen en juichen, tot allen hun plaatsen hebben bereikt.

Tijdens deze opstelling spelen de militaire orkesten bijpassende muziek: regimentsmarsen, beroemde soldatenliederen uit de tijd, of Engelse muziek van Edward Elgar en Benjamin Britten.
Meestal wordt een stuk plotseling afgebroken voor een aankondiging - maar gaat zonder hapering verder wanneer het weer kan. De regie van zo'n gebeurtenis is onvoorstelbaar knap.
Maar, regie is tenslotte ondergrond.
De parade zelf geeft een zuiverder beeld van de Britse militaire mentaliteit: weerbaar onderdeel van burgers, deel van die burgerij, deel van de natie.
De Britse militair in vredestijd is uitsluitend beroepsmilitair, doorkneed in zijn specialiteit, getraind tot in de puntjes; een man die een goede boterham verdient, plezier heeft in zijn zelfgekozen beroep en - evenals bijvoorbeeld onze. Nederlandse politie - zich beheerst en rustig op de achtergrond houdt. Pas wanneer het nodig is treedt hij op en dan goed ook. Maar militaire transporten gaan onopgemerkt, wapenvertoon is zeldzaam en onwelvoeglijk.

Het tweede deel van de avond breekt aan. Onderdelen geven demonstraties, in hoog tempo: militaire exercities, geweerexercities, het vormen van figuren (soms ontstaat een klaproos, die weer tot een carré uiteenvalt) en het brengen van enkele kanonnen, die uiteengenomen, langs transportlijnen overgebracht weer in elkaar gezet worden; de saluutschoten komen vrijwel tegelijk, de kampende troepen ge- ven elkaar slechts seconden toe.
Twee rijen motorrijders die elkaar diagonaal kruisen, zonder elkaar te raken. Enkele parachutisten komen uit de nok van het gebouw veilig neer. Matrozen geven demonstraties vanaf mast en ra's, of dansen zeemansdansen onder flikkerende zwaarden.
Een tableau vivant van verpleegsters uit de eerste wereldoorlog met primitieve middelen worden "gewonden" samengebracht en voorlopig verzorgd. Een tweede demonstratie geeft de grote medische groei naar de tweede wereldoorlog: bloedtransfusie, pijnstillende middelen, infuus, snelle transporten.

Voor ons is belangrijk het verschijnen van MH's Scots Guards, mannen in kilt en hoge kolbak, met bagpipe en slagwerk. Ze spelen Scotland the Brave, Highlands Laddie en Skye Boat Song ... en plotseling gaat een militaire band meespelen en geeft achter de eenstemmige snerpende melodieën een harmonische achtergrond. De -Schotten zijn altijd de beste vechters geweest, eeuwenlang getraind in onderlinge twisten; ze staan er op in de voorste gelederen te mogen vechten! Ze worden dan ook eindeloos toegejuichd en dat vergoedt veel Engelse miskenning.

-o-

De eigenlijke herdenking is, na deze grootse inleiding, in wezen simpel. En daarom des te ernsiger.
Een oud-generaal citeert, enkele gedichten van herdenken.
Er wordt gezongen: het volkslied, Lest we forget, Abide with me en Psalm 23. Ook, speciaal voor de zeelieden, het Eternal Father. En waar de camera de lens ook richt, ieder is geconcentreerd op de herdenking, ieder zingt mee, bidt mee. Dit volk, dat allerminst militairistisch is, kent een innerlijke discipline, die sterker is dan elke dressuur. En wat meer is: dit volk viert zijn doden, bemint ze, en is dankbaar voor eigen overleving, gevolg van hun offer.
Zonder uiterlijk vertoon - u zult geen traan zien - houdt dit deel van de mensheid zijn banden met de Commonwealth en zijn bondgenoten strak aan en beleeft die verbondenheid.

En nu gebeurt iets dat we ons in Nederland moeilijk kunnen voorstellen.
De hoofden van de kerkelijke denominaties (op de vingers van 1 hand te tellen) komen plechtig binnen, voorafgegaan' door een kruis: de aartsbisschop Roomskatholieke Kerk, de bisschop van de Anglicaanse Kerk, de synodevoorzitter van de Presbyterian Church. Elk vergezeld van assistent of koorknapen. De een leest een Schriftwoord, de ander spreekt een korte herdenkingsrede uit, de derde gaat voor in gebed of spreekt de zegen uit Alle duizenden bidden hardop het Onze Vader mee. Dan volgen enkele minuten van stilte: gebogen hoofden, prevelende lippen en... een regen van klaprozen komt vanaf het plafond neerdwarrelen, duizenden, tienduizenden klaproosjes zweven als rode sneeuw door de zaal, blijven.op hoofden en schouders liggen, soms tijdens de stilte aan een wenkbrauw hangen, vormen straks een rood tapijt op de vloer.

Een trompetter blaast de "Last Post", Taptoe, Lichten Uit Daar is men hier knap in: het orkest speelt een koraal, terwijl de onderdelen van het hoornsignaal daar doorheen gevlochten worden.
Maar zulke muzikale hoogstandjes vallen nauwelijks op.

Zijn de Britten nu flegmatisch, zoals dat heet? - Ze zijn bewogen, houden een "stiff upperlip", maar zijn een volk met het werkzame hart op de goede plaats.

En zijn Britten onkerkelijk? - Ja, ze komen niet trouw in de kerkmaar zijn als natie diep religieus.
Het nationale gebeuren is verweven in het nationale christendom.
Het kerkelijk gebeuren gaat niet langs de natie heen.

Tegenover ons eigen land, waar kerk en staat scherp gescheiden zijn, lijkt dit onjuist En misschien is het dat ook wel - wie zal het zeggen? Maar een ding staat hier overeind: de openbare scholen zijn scholen met de Bijbel.
En de buitenkerkelijke Brit kent het Onze Vader, Psalm 23 en een groot aantal kerkliederen uit het hoofd. En het gezamenlijk gebed, van 3000 mensen in de Albert Hall en miljoenen aan de kijkbuis, voor de zielerust van de overledenen - zou het de geliefden of de bidders enig kwaad doen?

Blijft over de diepe bewogenheid om te streven naar vrede, wereldvrede en uiteindelijk naar het rijk van de Vredevorst.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief