Rechtvaardigen
1985-03-15
De bijbel spreekt op een andere, manier over .rechtvaardigen dan wij in ons spraakgebruik gewend zijn. In Spreuken 23:17 staat dat je niet naijverig: moet zijn op de zondaren. Dat: lijkt een merkwaardig advies. Want we zijn immers allemaal zondaren en kán een zondaar dan ook rechtvaardig zijn? Volgens de bijbel wel. In Psalm 1 b.v. wordt duidelijk onderscheid ,gemaakt tussen deze twee soorten mensen. Zondaren zijn mensen die God bewust niet willen dienen, van Hem weglopen; rechtvaardigen zijn mensen die met al hun gebreken het toch bij God willen zoeken, steeds weer naar hem teruglopen. Zo gezien wordt dat advies uit Spreuken duidelijk. Als rechtvaardige moet je niet naijverig zijn op zondaren. Job was een zondig mens, hij weet van zijn fouten, maar toch zegt hij van zichzelf dat hij aan zijn gerechtheid vasthoudt. Er kan in het leven van een christen ontzettend veel misgaan, toch mag een gelovige het blijven weten dat hij een kind van God is en blijft, dat hij een rechtvaardige is. Zo is dat woord uit Spreuken vooral een dringende oproep aan ons adres. Je bent een rechtvaardige, maar je kunt bij God weggaan; Hem in de steek laten. Dan word je een zondaar, iemand die het zonder God gaat doen, die een weg zoekt buiten God om.- Jaargang 29
- nummer 11
Een rechtvaardige komt echter, langs. welke rare wegen dan ook, telkens weer bij God uit.
Een rechtvaardige blijft God dus steeds zoeken. Dat zoeken is er echter ook steeds van Gods kant. In Johannes 1 lezen we hierover. Daar wordt van het Woord gezegd dat het komt tot het Zijne. God zoekt in Christus de wereld op. God zoekt Zijn kinderen op. Maar dan staat er dat de Zijnen Hem niet hebben aangenomen, de Zijnen hebben wat God geeft niet gegrepen. Je moet je dat even indenken. Je loopt op straat, je ziet iemand die je goed kent, je gaat naar hem of haar toe maar dan doet die anders net als of je lucht bent. Dan volgt er dus geen ontmoeting. Dat overkwam Jezus. Als Gods Zoon kwam Hij naar de wereld om mensen te ontmoeten, maar die mensen doen of Hij lucht is. Ze laten Jezus gaan, voorbijgaan, passeren. Het is goed na de Kerstdagen hier nog even over na te den"
ken. We hebben gezongen hoe zal ik U ontvangen, hoe Wilt U zijn ontmoet..? Maar ontmoeting duurt voort, een jaar, jarenlang. Daarom moeten we niet jaloers zijn op de zondaren. Petrus lijkt in de bijbel vaak een stoere vent, maar als puntje bij paaltje komt ligt hij met zijn geloof vaak in de knoop. Dan ziet hij het niet meer, dan duwt hij zijn twijfels weg achter zijn vlotte antwoorden, Tenslotte verloochent hij Jezus en op de Hemelvaartsdag staat hij omhoog te kijken en snapt er niets van dat Jezus weggaat. Maar toch blijft hij de Heer verwachten, het moet voor hem zelf een raadsel zijn geweest.
Op de Pinksterdag ziet Petrus het echter allemaal weer goed. Dan houdt hij zijn pinksterpreek en hij zal die preek wel zo uit zijn hoofd hebben gehouden. Dan haalt hij opeens Psalm 16 aan: wegen ten leven hebt U mij doen kennen, U zult mij met vreugde vervullen. Dát heeft Petrus vastgehouden. God geeft leven. Dat leven is weggelegd voor de rechtvaardigen die Beril blijven zoeken.
En dus mogen we dankbaar zijn. We zijn wel eens naijverig op anderen, omdat we denken dat God ons leven beperkt, onze mogelijkheden verengd. Dat lijkt maar zo. Slechts wie gelooft kan dat verstaan.