Ramses en Pithom

1985-04-05
  • Jaargang 29
  • nummer 14
Wellicht hebt u in uw dagblad gelezen, dat drie Egyptologen van de Amsterdamse universiteit onlangs de Bijbelse stad Ramses hebben gelokaliseerd. Wat ze vonden waren de resten van een tempelcomplex, Oostelijk van de Nijldelta of in het Noordoostelijk deel daarvan. Het belangrijkste was een stuk steen van 2% bij 1 meter bevattende reliefs en de naam van Ramses II. Al tien jaar werd, verondersteld, dat men de residentie en de tempel op het spoor was; doordat een boer bij het ploegen op de grote steen stootte kwam de zekerheid. De plaats is bij het dorp Qantir, in de landstreek die vroeger Gosen werd genoemd. Tevens zijn de restanten van stadsmuren aangetroffen, die uit de traditionele kleitichels waren gebouwd.

Uit de Egyptische litteratuur was bekend, dat Ramses II in het N.O. deel van de Nijldelta een residentie had gebouwd: Pi-Ramesse, vermoedelijk het Ramses uit Exodus 1 : 11. In de Bijbel blijkt namelijk het land van Rameses hetzelfde I) als Gosen te zijn; ook dat het volk Israël uit Rameses naar Succoth vertrok. De oorspronkelijke naam van Ramses of Rameses was Ramnesjes of huis van Ramses 2). Met de vondst en de lokalisatie van Ramses' residentie komt een stuk Bijbelse geschiedenis naderbij.

De naam van de streek en de stad doet immers al aan. de koningen Ramses denken. Terecht. Ramses I regeerde slechts van ca. 1314 tot 1312 vC., maar Ramses 11 regeerde lange tijd (ca. 1298-1231). De laatste het veel rijke bouwwerken na; we noemen de beide tempels van Aboe Simbel in het verre Zuiden en zijn kolossale bouwwerk in het koningsdal van Thebe, Ook heeft Ramses 11 diverse bouwwerken van zijn voorgangers handig op zijn naam gezet, alles vanwege zijn grote daden. 3)

Maar de enige bouwwerken die de Bijbel noemt zijn de voorraadsteden of schatsteden Ramses en Pithom. beide door de kinderen van Israël in dwangarbeid gebouwd. Het is waar dat de Bijbel hier niet de naam van Ramses 11 noemt - enkel de farao, koning, aanduidt. Eigenlijk geeft de Bijbel, wanneer we van Salomo's tempelbouw af gaan rekenen 4), het jaartal van de uittocht ongeveer tussen 1445 en 1448 vC aan. Dat is twee eeuwen eerder dan de wetenschap aanneemt. De Willibrordusbijbel en Winkier Prins Encyclopedie plaatsen echter de exodus in de.13e eeuw. Daar zijn goede gronden voor. De naam Ramses liegt er niet om, die was in de 15e eeuw vC. nog niet bekend in de Egyptische geschiedenis.


En de personen van Ramses II en zijn zoon Merénptah kloppen precies met de door de Bijbel getekende figuren: de een 'een harde. onderdrukker, de ander een weifelachtige tiran. Overigens kunnen we de Bijbel moeilijk als handboek voor de historie gebruiken; te meer waar cijfers in de Bijbel vaak een symbolische betekenis hebben, moeilijk kunnen worden vertaald en dus niet letterlijk kunnen worden genomen.
Wie daarvan schrikt leze Mattheüs 1 en zie hoe daar - om op drie perioden van 14 personen te komen - enkele koningen zijn weggelaten.

Met de lokalisatie van Qantir zitten we dus in Gosen, Oostelijk deel van de Nijldelta. Hier heeft het volk Israël eeuwen gewoond, eerst in vrede, later in dwangarbeid. Hier kwam in hun tijd de residentie, waar Mozes van de ene dag op de andere de koning kon spreken. Hier waren ook "al de wateren van Egypte", stromen, moerassen en plassen. Maar wat moesten die voorraadsteden hier doen?

Toen Jozef voor zijn vader en broers het land Gosen als verblijfplaats vroeg en verkreeg, sloeg zijn meester hier meerdere vliegen in een klap. Jozef bedoelde zijn familie bijeen te houden, ineen .landbouwgebied. Maar Farao bedoelde: Jozef vast te houden als raadsman,' voldeed tevens aan zijn plicht van gastvrijheid, en beschermde de hoge Egyptische cultuur tegen aantasting door en gecultiveerde veeboeren, een gruwel in Egyptische ogen. En nog iets: het Noordoosten van Egypte, de landengte van Suez, was altijd de invalspoort voor vijanden geweest. Hier kwamen de Hethieten binnenvallen, welke Ramses II in 1285 (?) tot een eervolle vrede had gedwongen, naar hij beweerde.
Hier kwamen later de Syriërs invallen, de Babyloniërs en nog later de Grieken. Door nu vóór deze toegangspoort een bevriend volk te plaatsen, kon Farao mogelijke invallers tegenhouden en zo tijd winnen voor zijn mobilisatie en strategie.

En door op diezelfde plaats voorraadsteden aan te leggen, kon Ramses II eeuwen later oorlogsmateriaal, paarden en wagens, proviand en garnizoen, bij de hand hebben om zijn invallers snel te woord te staan. Ramses weten we nu te liggen, Pithom moet halverwege de landengte van Suez hebben gelegen 5). Bij die voorraadsteden kunnen we denken aan Salomo, die in een dergelijke situatie dezelfde maatregelen nam. In Megiddo, aan de invalsweg van Syrië gelegen, bouwde Salomo immers stallen voor 150 wagens en 450 paarden 6), plus een ondergrondse watervoorziening en de rest.

Maar toen het volk Israël sterk uitgroeide vormde dit langzamerhand voor Egypte een bedreiging in plaats van een beveiliging. De farao uit een vreemde dynastie, "die Jozef niet gekend had"; vond het "wijs" om de groei van dit volk te remmen, zijn zoontjes te doden en zijn krachten in harde slavenarbeid te verteren. Hij maakte van de nood een deugd, maakte' van de overvloed aan goedkope werkkrachten een strategisch en blijvend winstpunt.

Maar zijn achtergrondsdenken was: het volk Israël zou, in plaats van een buffer tegen invallers wel eens aan die invallers sterke steun kunnen geven en een extra vijand betekenen! Qantir ligt ongeveer 45 kilometer van het huidige Suezkanaal. Dat betekende enkele dagreizen om uit Egypte te komen; Pithom lag dicht bij 2); Zijn naam Per Atoem betekent huis van de god Atoembaar de afstanden gering waren kon de boodschap voor Pasen en voor de Uittocht spoedig worden verspreid.

Als u het blok steen. beziet merkt u, dat hierboven nog een andere steen moet passen. De afbeeldingen, missen namelijk de hoofden en een deel der inscripties. Er zijn twee scenes te zien, beide van een roverwinnaar die zijn vijanden geselt of afmaakt: De laatsten Iiggen op de knieën en roepen om genade- een gewoon beeld voor Egypte. Tussen de beide beelden zijn de hiërogliefen of beeldtekens geplaatst, die de namen van Ramses en zijn goden aangeven. Ramses betekent: hij die uit de zon geboren is.
De egyptologen, die al 56 vindplaatsen inventariseerden, hopen een stuk oud-Egyptische bewoningsgeschiedenis te kunnen reconstrueren.
Voor Bijbellezers zit er dus nog wat in het vat.

Noten
1) Genesis 47 : 6 en 11; Exodus 12:37
2) zegt dr J. Zatidee in Kok's Chr. Enc II, 2 onder Egypte
3) zie ook mijn art. in dit blad, resp. 9 en 16 april 1982
4) 1 Kon. 6 : 1
5) zie 2 6) zie 2 Kron. 23 : 29.

Meld je aan voor onze gratis nieuwsbrief