...zij zal behouden worden, kinderen ter wereld brengende... (1 Tim. 3:15)
1985-04-26
Schoenen poetsen?- Jaargang 29
- nummer 17
opzoomer kon het fraai zeggen: "Ieder op de plaats, waarop zijn karakter hem recht geeft; de man naar buiten, de vrouw naar binnen. De man in het woelige leven, in de maatschappij; de vrouw in den stillen huiselijken kring, zorgende moeder van het huisgezin."
Aldus A. J. Klei in "Trouw" van 31-1-'85, die eraan toevoegde: "De lezing ( ... ) van Opzoomer (Opstel over "De emancipatie der vrouw" uit 1869), die aan de wieg stond van de moderne theologie in de vorige eeuw, wees uit dat hij en de gereformeerde voorman en bestrijder der "modernen" Abraham Kuyper, elkaar de hand kunnen geven voor wat betreft hun denkbeelden over de plaats van de vrouw." Duidelijk is ook hier de toen gangbare mening: " ...liever dat de vrouw in den stillen huiselijken kring bijvoorbeeld de schoenen harer man poetst dan dat zij zich in het· woelige leven begeeft" (ib.). Die mening zal wel mede stoelen op Paulus' uitdrukkelijke uitspraak: “…doch zij (de vrouw) zal behouden worden, kinderen ter wereld brengende, indien zij blijft in geloof, liefde en heiliging, met ingetogenheid" (1 Tim. 2 : 15).
Hiermee sluilt Paulus aan bij het "niet Adam heeft zich laten verleiden, maar de vrouw..." en even verder terug: "ik sta niet toe dat een vrouw onderrichtgeeft of gezag over de man heeft" (resp. vs. 14 en 12).
Haar gewone levenssfeer?
Eerst maar weer een stem uit de rooms-katholieke wereld: "De vrouw is' de mindere in de bijeenkomsten. Dit wil echter niet zeggen, dat ze in godsdienstig opzicht bij hem ten achter staat.
Evenals de man kan ze gered worden (! P.), en wel bij de beoefening van haar specifiek vrouwelijke plichten, waaronder het baten van kinderen het voornaamste is. Het verband met v. 14 is duidelijk; want in Gen. 3, 16 werden ·de barensweeën als straf voor de zonde aangekondigd.
Wanneer de vrouw deze geduldig draagt, beantwoordt zij aan Gods wil en haar vrouwelijke roeping. (... ) De zin is, dat de vrouw alleen in haar gewone levenssfeer kan zalig worden, d.w.z. bij de beoefening van haar plicht als echtgenote en moeder, en dat zij haar heil niet moet zoeken in een onvrouwelijke bezigheid (het onderricht)" (einde citaat; Jas. Keulers, De brieven van Paulus, 11, pag. 165). Ogenschijnlijk plausibel, simpel en logisch. Evenals een ('n!) gereformeerde uitleg: "De vrouw kan evenals de man zalig worden, ...niet slechts gered...worden, maar ook...haar leven (vullen) met een eigen heerlijkheid. Eens heeft ze die gezocht in het leiden, maar het werd verleiden: vandaar, dat het leiden, het heersen, haar voor altijd is ontzegd.
Niet daarin zal nu haar heerlijkheid liggen, maar in het kinderbaren, ondanks de aIs straf daaraan nu vastgeschakelde smart, Gen. 3 : 16. Want in dat kinderbaren is de vrouw de moeder mogen worden van de Zaligmaker (...) en wordt de vrouw de voortbrengster van de nieuwe mensheid. (...) Dát is haar eer en haar heerlijkheid, niet heersen en onderwijzen in de gemeente; zo zal zij zalig worden" (einde citaat; C. Bouma in de Korte Verklaring, a.1.).
Middelaar en vruchtbaarheidsgodin
Alweer ogenschijnlijk een sluitend betoog. Toch enkele vragen. Eerst: duurt de in Gen. 3: 16 opgelegde straf nog steeds voort als straf, als onderdeel van de vloek? Dan: wat voor betekenis heeft de vervulde belofte: uw zonen en uw dochters zullen profeteren (Hand. 2: 17)? Verder: staat wat Paulus schrijft los van Efeze - de stad van Artemis, godin der vruchtbaarheid? Tenslotte: met wat voor leer (meningen, dwalingen) werd de gemeente te Efeze van binnen uit geconfronteerd? Dat laatste wordt duidelijk uit de brief zelf. Hoor maar: "De Geest zegt nadrukkelijk dat in later tijden sommigen zullen afvallen van het geloof doordat ze dwaalgeesten, en leringen van boze geesten (!) volgen, door huichelarij van leugensprekers, die in hun eigen geweten gebrandmerkt zijn, het huwelijk verbieden en het genot van spijzen, welke God toch geschapen heeft om met dankzegging te worden gebruikt door de gelovigen, die tot 'erkentenis der waarheid (vgI. 2 : 4;3 : 15) zijn gekomen. Want alles wat God geschapen heeft, is goed, en niets daarvan is verwerpelijk, als het met dankzegging wordt aanvaard: want het wordt geheiligd door het woord Gods en door gebed..." (4 : 1-7). Er waren dus "voorgangers" die in de gemeente verkondigden, dat je maar beter niet kon trouwen. Voor je heil, je behoud was het eigenlijk noodzakelijk om ongehuwd te blijven, geen kinderen te krijgen en om je te onthouden van allerhande eten en drinken. Daar was het dus niet: eten,drinken en vrolijk zijn (Luc. 12 :19; 1 Cor. 15: 32), maar juist het omgekeerde: niet eten, niet drinken (dan alleen het hoogstnodige) en niet vrolijk zijn – niet de vreugde van de liefde; weg ermee!
Gods goede scheppingszegen
Misschien een reactie tegen de decadente levenswijze in Efeze en de vruchtbaarheidscultus van Artemis. Misschien ook een vroege variant van het gnosticisme. Maar hoe dan ook: het was een dwaalleer, oude vrouwenpraat (4 : 7). Een miskenning, van Gods .goede schepping. Alsof de HERE God zei: je bent pas echt een goed mens; wanneer je eten en drinken veracht en als je nooit van zijn leven als man naar een vrouw omkijkt (of omgekeerd)! 'Maar Paulus schrijft niet: die mensen hebben gelijk, de ongehuwde staat is een bewijs van heiligheid - daar word je door gered. Nee, over de straf/vloek van Gen. 3 heen herinnert hij aan wat God in den beginne gezegd heeft tot de als zijn beeld geschapen man en vrouw: weest vruchtbaar, en wordt talrijk - mijn zegen hebben jullie! Het “in den beginne", de oude zegen keert terug' door, die ene Middelaar tussen God en mensen, Jezus Christus (2: 5) en niet dank zij Artemis of wie ook. Redding, behoud van mensen is niet maar een zielskwestie, maar een totale redding. Zij omvat heel het bestaan - de vloek is weggedaan, weggedragen door Jezus Christus. (Gal. 3: 13, 14). Je kunt je niet op de vloek in Gen. 3 beroepen om te betogen: de vrouw is toch de mindere. Christus droeg de vloek, zowel die over' de man als over de vrouw. En Paulus zegt: het huwelijk is niet verboden - het is een gave van God! De vrouw zal, natuurlijk, ook gered worden, kinderen ter wereld brengend, als ze blijft in geloof, liefde en heiliging - met ingetogenheid: geen opgetuigde kerstboom, geen de baas spelen over de man, maar méns zijn, zo als God je geschapen heeft.